2025
‘Nader tot Mij’
Mei 2025


17:5

‘Nader tot Mij’

Jezus Christus houdt van ieder van ons. Hij geeft ons de kans om dichter tot Hem te komen.

Geliefde broeders en zusters, het is fijn om bij jullie te zijn in deze algemene conferentie van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Dit is zijn kerk. Wij komen overal ter wereld in kerkgebouwen en huizen samen in zijn naam.

Wij nemen zijn naam op ons wanneer we zijn koninkrijk met een verbond binnengaan. Hij is de herrezen, verheerlijkte Zoon van God. Wij zijn stervelingen, onderhevig aan zonde en dood. Toch nodigt de Heiland ons in zijn liefde voor ons uit om dichter tot Hem te komen.

De Heiland komt uit het graf.

Dit is zijn uitnodiging aan ons: ‘Nader tot Mij en Ik zal tot u naderen; zoek Mij naarstig en u zult Mij vinden; vraag en u zult ontvangen; klop en u zal worden opengedaan.’

Soms voelen we ons dicht bij de Heiland Jezus Christus. Maar tijdens onze beproevingen in dit sterfelijk leven voelen we soms ook afstand van Hem en verlangen we naar de geruststelling dat Hij ons hart kent en ons persoonlijk liefheeft.

De uitnodiging van de Heiland geeft ook aan hoe we die geruststelling kunnen voelen. Kom dichter tot Hem door Hem altijd indachtig te zijn. Zoek Hem ijverig door Schriftstudie. Vraag je hemelse Vader in innig gebed om je dichter tot zijn geliefde Zoon te voelen.

Je kunt dit heel eenvoudig bekijken. Dit zou je doen als je een tijdlang van dierbare vrienden verwijderd was. Je zou een manier vinden om met die persoon te communiceren, je zou elke boodschap van hem koesteren, en je zou doen wat je maar kon om hem te helpen.

Hoe vaker en hoe langer dat gebeurt, hoe sterker jullie band wordt. Je zou je steeds dichter tot hem voelen. Als er veel tijd voorbijgaat zonder elkaar te spreken en zonder gelegenheid om iets voor elkaar te doen, verzwakt die band.

Jezus Christus houdt van ieder van ons. Hij geeft die kans om dichter tot Hem te komen. Je doet dat zoals je het met een liefhebbende vriend zou doen: door in gebed met je hemelse Vader te communiceren in de naam van Jezus Christus, te luisteren naar de gewaardeerde raad van de Heilige Geest, en vervolgens anderen blijmoedig voor de Heiland te dienen. Spoedig zul je merken dat je dichter tot Hem komt.

Ik heb in mijn jeugd de vreugde ervaren van dichter tot de Heiland komen, en Hem dichter tot mij voelen komen, door eenvoudige daden van gehoorzaamheid aan de geboden. In mijn jeugd werd het avondmaal bediend tijdens een dienst in de avond. Ik herinner me nog een avond, meer dan 75 jaar geleden, dat het buiten donker en koud was. Ik herinner me dat ik licht en warmte voelde toen ik besefte dat ik me aan het gebod had gehouden om met de heiligen te vergaderen, van het avondmaal te nemen en een verbond te sluiten met onze hemelse Vader om zijn Zoon altijd indachtig te zijn en zijn geboden te onderhouden.

Aan het einde van de dienst die avond zongen we de lofzang ‘Verblijf bij mij, nu d’avond valt’, waarin de gedenkwaardige woorden staan: ‘O Heiland, houd de wacht bij mij.’

Zelfs als jong kind voelde ik de Geest krachtig door deze woorden. Ik voelde de liefde en nabijheid van de Heiland die avond door de troost van de Heilige Geest.

Jaren later wilde ik hetzelfde gevoel van de liefde en nabijheid van de Heiland dat ik in mijn jeugd tijdens die avondmaalsdienst had gehad opnieuw aanwakkeren. Dus hield ik me aan een ander simpel gebod: ik doorzocht de Schriften.

In het boek Lukas las ik over de derde dag na zijn kruisiging en begrafenis, toen trouwe dienaressen uit liefde voor de Heiland waren gekomen om zijn lichaam te zalven. Toen ze daar aankwamen, zagen ze dat de steen van het graf was weggerold en dat zijn lichaam er niet was.

Een engel buiten het graf van Christus.

Er stonden twee engelen die vroegen waarom zij bevreesd waren:

‘Waarom zoekt u de Levende bij de doden?

‘Hij is hier niet, maar Hij is opgewekt. Herinner u hoe Hij tot u gesproken heeft, toen Hij nog in Galilea was:

‘De Zoon des mensen moet overgeleverd worden in handen van zondige mensen en gekruisigd worden en op de derde dag opstaan.’

Christus met discipelen op weg naar Emmaüs.

Die avond tegen zonsondergang liepen twee discipelen van Jeruzalem naar Emmaüs, en de herrezen Heer verscheen aan hen en wandelde met hen.

Het boek Lukas laat ons die avond met hen mee wandelen:

‘En het gebeurde, terwijl zij met elkaar spraken en van gedachten wisselden, dat Jezus Zelf bij hen kwam en met hen meeliep.

‘Maar hun ogen werden gesloten gehouden, zodat zij Hem niet herkenden.

‘En Hij zei tegen hen: Wat zijn dit voor gesprekken die u al lopend met elkaar voert en waarom ziet u er zo bedroefd uit?

‘En de één, van wie de naam Kleopas was, antwoordde en zei tegen Hem: Bent U als enige een vreemdeling in Jeruzalem dat U niet weet welke dingen daar in deze dagen gebeurd zijn?’

Ze vertelden Hem hoe treurig ze waren dat Jezus was gestorven terwijl zij de hoop hadden dat Hij de Verlosser van Israël zou zijn.

Er moet genegenheid in de stem van de herrezen Heer hebben geklonken toen Hij tot die twee treurende en rouwende discipelen sprak.

Toen ik verder las, stuitte ik op deze woorden die mijn hart verwarmden, net zoals ik dat had gevoeld als klein kind:

‘En zij kwamen dicht bij het dorp waar ze naartoe gingen en Hij deed alsof Hij verder zou gaan.

‘En zij drongen er bij Hem op aan en zeiden: Blijf bij ons, want het is tegen de avond en de dag is gedaald. ‘En Hij ging naar binnen om bij hen te blijven.’

Christus zit met de discipelen.

De Heiland ging die avond in op de uitnodiging om het huis van zijn discipelen binnen te gaan. Hij ging met hen aan tafel. Hij nam het brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het aan hen. Hun ogen werden geopend en zij herkenden Hem. Toen verdween Hij uit hun midden.

Lukas schreef voor ons de gevoelens van die gezegende discipelen op: ‘En zij zeiden tegen elkaar: Was ons hart niet brandend in ons, toen Hij onderweg tot ons sprak en voor ons de Schriften opende?’

Daarop keerden de twee discipelen met spoed terug naar Jeruzalem om de elf apostelen te vertellen wat er was gebeurd. Terwijl ze over hun ervaring vertelden, verscheen de Heiland opnieuw.

Hij stond in hun midden en ‘zei tegen hen: Vrede zij u.’ Vervolgens legde Hij hun de profetieën uit aangaande zijn zending om verzoening te doen voor de zonden van alle kinderen van zijn Vader, en om de banden van de dood te verbreken.

‘En Hij zei tegen hen: Zo staat er geschreven en zo moest de Christus lijden en uit de doden opstaan op de derde dag.

‘En in Zijn Naam moet onder alle volken bekering en vergeving van zonden gepredikt worden, te beginnen bij Jeruzalem.

‘En u bent van deze dingen getuigen.’

Alma onderwijst bij de wateren van Mormon.

Net zoals zijn geliefde discipelen staat elk kind van onze hemelse Vader die ervoor heeft gekozen om de poort van de doop binnen te gaan onder verbond om gedurende het sterfelijk leven als getuige van de Heiland op te treden en voor de behoeftigen te zorgen. Die verplichting is eeuwen geleden duidelijk door Alma, de grote profeet uit het Boek van Mormon, bij de wateren van Mormon voor ons uiteengezet:

‘Daar u verlangend bent tot de kudde van God toe te treden en zijn volk te worden genoemd en gewillig bent elkaars lasten te dragen, opdat zij licht zullen zijn;

‘ja, en gewillig bent te treuren met hen die treuren; ja en hen te vertroosten die vertroosting nodig hebben, en om te allen tijde en in alle dingen en op alle plaatsen […] als getuige van God op te treden, zelfs tot de dood, opdat u door God zult worden verlost […] zodat u het eeuwige leven zult hebben.’

Als je deze beloften trouw bent, zul je merken dat de Heer zijn belofte nakomt om één met jou te zijn in je dienstbetoon zodat je lasten licht zullen zijn. Je zult de Heiland leren kennen en mettertijd zul je zoals Hij worden en ‘vervolmaakt [worden] in Hem’. Door anderen voor de Heiland te helpen, zul je merken dat je zelf dichter tot Hem komt.

Velen van jullie hebben dierbaren die van het pad naar het eeuwige leven afdwalen. Je vraagt je af wat je nog meer kunt doen om ze terug te brengen. Je kunt erop rekenen dat de Heer dichter tot hen zal komen als jij Hem in geloof dient.

Je kent misschien de belofte van de Heer aan Joseph Smith en Sidney Rigdon toen zij voor het werk van de Heer van huis waren: ‘Mijn vrienden Sidney en Joseph: Uw gezinnen maken het goed; zij zijn in mijn handen en Ik zal met hen handelen naar het Mij goeddunkt; want in Mij is alle macht.’

Als je de wonden van de behoeftigen verbindt, zal de kracht van de Heer je ondersteunen. Zijn armen zullen met de jouwe uitgestrekt zijn om de kinderen van onze hemelse Vader te hulp te komen en te zegenen.

Alle verbondsdienaren van Jezus Christus zullen zijn leiding ontvangen door de Geest als ze anderen voor Hem tot zegen zijn en dienen. Dan zullen zij de liefde van de Heiland voelen en vreugde vinden doordat ze dichter tot Hem komen.

Ik ben getuige van de opstanding van de Heer, net zo zeker alsof ik daar met de twee discipelen in het huis op de weg naar Emmaüs was geweest. Ik weet dat Hij leeft.

Dit is zijn ware kerk – de Kerk van Jezus Christus. Op de dag van het oordeel zullen wij voor de Heer staan, van aangezicht tot aangezicht. Het zal een tijd van grote vreugde zijn voor hen die in dit leven dichter tot Hem zijn gekomen in zijn dienst en vol verwachting kunnen uitkijken naar zijn woorden: ‘Goed gedaan, goede en trouwe dienaar.’

Daarvan getuig ik als getuige van de herrezen Heiland en onze Verlosser. In de naam van Jezus Christus. Amen.