Lachende gezichten en dankbare harten
De grootsheid van onze heiligen in Afrika is nog beter zichtbaar in hun reacties op de moeilijkheden van het leven en de eisen van een groeiende kerk.
Iets meer dan een jaar geleden ben ik ontheven als lid van het Presidium der Zeventig, wat hier tijdens de algemene conferentie werd aangekondigd. Omdat mijn naam bijna tegelijk werd voorgelezen met die van aanstaande emeritus algemeen autoriteiten, dachten velen dat mijn tijd er ook op zat. Na de conferentie ontving ik talloze bedankjes en de beste wensen voor mijn volgende levensfase. Sommigen boden zelfs aan om mijn huis in North Salt Lake te kopen. Het was fijn om te weten dat ik gemist zou worden en ook dat we ons huis zonder problemen kunnen verkopen wanneer ik klaar ben. Maar ik ben nog niet zover.
Voor mijn nieuwe taak zijn Monica en ik nu in het prachtige Afrika, waar de kerk floreert. Het is een zegen om onder de trouwe heiligen in het gebied Afrika-Zuid te dienen en getuige te zijn van Gods liefde voor hen. Het is inspirerend om te zien dat meerdere generaties in uiteenlopende families, onder wie veel succesvolle en goed opgeleide kerkleden, hun tijd en talenten wijden aan het dienen van anderen.
Tegelijkertijd worden er, gezien de demografische kenmerken in de regio, veel mensen met bescheiden middelen lid van de kerk. Zij veranderen hun leven vervolgens door de zegeningen van tiendegetrouwheid en de onderwijsmogelijkheden die de kerk biedt. Programma’s zoals Succeed in School, EnglishConnect, BYU–Pathway Worldwide en het permanent studiefonds zijn velen tot zegen, met name de opkomende generatie.
President James E. Faust heeft gezegd: ‘Er wordt wel gezegd dat deze kerk niet per se grootse mensen aantrekt, maar vaker gewone mensen grootmaakt.’
De grootsheid van onze heiligen in Afrika is nog beter zichtbaar in hun reacties op de moeilijkheden van het leven en de eisen van een groeiende kerk. Ze gaan er altijd met een positieve instelling mee om. Ze belichamen de bekende woorden van president Russell M. Nelson:
‘De vreugde die we voelen, heeft weinig te maken met onze omstandigheden in het leven, en alles met waar we ons in het leven op richten.
‘Als ons leven gericht is op Gods heilsplan […] en Jezus Christus en zijn evangelie, kunnen we vreugde voelen ongeacht wat er in ons leven gebeurt – of niet gebeurt.’
Ze vinden vreugde ondanks hun moeilijkheden. Ze beseffen dat onze relatie met de Heiland ons in staat stelt om moeilijkheden met een glimlach en een dankbaar hart tegemoet te treden.
Ik wil graag iets vertellen over mijn ervaringen met deze trouwe heiligen die dit beginsel illustreren. Ik begin met Mozambique.
Mozambique
Een paar maanden geleden presideerde ik een ringconferentie in een ring die één jaar bestond en al tien units had. Meer dan tweeduizend mensen vulden het kleine kerkgebouw en de drie tenten buiten. De ringpresident is 31 jaar, zijn vrouw is 26 en ze hebben twee kleine kinderen. Hij leidt deze groeiende en uitdagende ring zonder geklaag – gewoon met een glimlach en een dankbaar hart.
In een gesprek met de patriarch hoorde ik dat zijn vrouw ernstig ziek was en hij moeite had om voor haar te zorgen. Nadat we de kwestie met de ringpresident hadden besproken, gaven we haar een priesterschapszegen. Ik vroeg de patriarch hoeveel patriarchale zegens hij gemiddeld geeft.
‘Acht tot tien’, zei hij.
Ik vroeg: ‘Per maand?’
Hij antwoordde: ‘Per week!’ Ik adviseerde hem dat het niet verstandig was om er zoveel per weekend te doen.
‘Ouderling Godoy,’ zei hij, ‘ze blijven elke week komen, onder wie nieuwe leden en veel jongeren.’ Nogmaals, geen geklaag – maar een lachend gezicht en een dankbaar hart.
Na de zaterdagavondbijeenkomst van de ringconferentie, op weg naar het hotel, zag ik ’s avonds laat mensen langs de weg eten kopen. Ik vroeg mijn chauffeur waarom ze dat zo laat in het donker deden en niet overdag. Hij antwoordde dat ze overdag werkten om aan geld te komen en het later te kopen.
‘O, ze waren vandaag aan het werk om morgen eten te hebben’, zei ik.
Maar hij corrigeerde me: ‘Nee, ze waren de hele dag aan het werk om vanavond eten te hebben.’ Ik had gehoopt dat onze leden het beter hadden, maar hij bevestigde dat velen in dat deel van het land met soortgelijke problemen te maken hebben. De volgende ochtend, tijdens onze zondagse bijeenkomst, toen ik me pas bewust was van hun omstandigheden, raakten hun glimlach en dankbare hart me nog meer.
Zambia
Onderweg naar een zondagse bijeenkomst zagen de ringpresident en ik een echtpaar met een baby en twee kleine kinderen op straat lopen. We stopten om ze een lift aan te bieden. Ze waren blij verrast. Toen ik vroeg hoe ver ze naar de kerk moesten lopen, antwoordde de vader drie kwartier tot een uur, afhankelijk van het tempo van de kinderen. Ze ondernamen deze voetreis heen en terug, elke zondag, zonder geklaag – maar met een lachend gezicht en een dankbaar hart.
Malawi
Op een zondag vóór een ringconferentie bezocht ik twee gemeenten die openbare scholen als kerkgebouw gebruikten. Ik was geschokt door de nederige en bescheiden staat van de gebouwen, waarin zelfs enkele basisvoorzieningen ontbraken. Toen ik daar met enkele leden sprak, wilde ik mijn excuses aanbieden voor de ontoereikende staat van hun kerkgebouw. Maar ze waren blij met een plek nabij om samen te komen en dat ze niet dat hele eind te voet hoefden af te leggen. Wederom, geen geklaag – maar overal lachende gezichten en dankbare harten.
Zimbabwe
Na een instructiebijeenkomst op zaterdag nam de ringpresident me mee naar een zondagsdienst in een huurhuis. Er waren 240 mensen aanwezig. Toen stelde de bisschop tien nieuwe leden voor die zich die week hadden laten dopen. De aanwezigen waren verdeeld over twee kleine ruimtes. Sommige leden zaten zelfs buiten en volgden de dienst door de ramen en deuren. Ook hier weer geen geklaag – alleen lachende gezichten en dankbare harten.
Lesotho
Ik bezocht dit prachtige kleine land, ook wel ‘het bergkoninkrijk’ genoemd, en zag hoe een kerkdistrict zich voorbereidde om een ring te worden. Na een zaterdag vol vergaderingen woonde ik op zondag in een huurhuis de dienst van een van de gemeenten bij. De avondmaalsruimte zat tjokvol. Er stonden zelfs mensen buiten de deur om deel te nemen. Ik zei tegen de gemeentepresident dat hij een groter huis nodig had. Tot mijn verbazing vertelde hij me dat dit maar de helft van zijn ledental was. De andere helft woonde na het tweede uur een tweede avondmaalsdienst bij. Wederom, geen geklaag – maar overal lachende gezichten en dankbare harten.
Ik keerde later terug naar Lesotho vanwege een dodelijk verkeersongeval waarbij enkele van onze jongeren betrokken waren. Ouderling D. Todd Christofferson sprak daar al over. Toen ik de gezinnen en leidinggevenden bezocht, verwachtte ik een sombere sfeer. In plaats daarvan ontmoette ik sterke, veerkrachtige heiligen die op een opbouwende, inspirerende manier met de situatie omgingen.
Mpho Aniciah Nku (14) op deze foto overleefde het ongeluk, en verwoordde het goed: ‘Vertrouw op Jezus en kijk altijd op naar Hem, want door Hem zul je vrede vinden en Hij zal je helpen in het genezingsproces.’
Dit zijn slechts enkele voorbeelden waarin we hun positieve instelling zien, omdat het evangelie van Jezus Christus het middelpunt van hun leven is. Zij weten waar hulp en hoop te vinden zijn.
De genezende kracht van de Heiland
Waarom kan de Heiland hen en ons in alle omstandigheden te hulp komen? Het antwoord staat in de Schriften:
‘En Hij zal uitgaan en pijnen en benauwingen en allerlei verzoekingen doorstaan. […]
‘En Hij zal hun zwakheden op Zich nemen, opdat zijn binnenste met barmhartigheid zal worden vervuld, […] opdat Hij […] zal weten hoe zijn volk te hulp te komen naargelang hun zwakheden.’
Zoals ouderling David A. Bednar heeft gezegd, ondergaan we geen lichamelijke pijn, zielenleed of zwakte die de Heiland niet kent. ‘U en ik roepen misschien in een moment van zwakte uit: “Niemand begrijpt […] wat ik doormaak.” […] Misschien weet ook geen mens wat u doormaakt. Maar de Zoon van God begrijpt het volkomen.’ En waarom? Omdat ‘Hij onze lasten [heeft] gedragen en gevoeld, voordat wij dat deden’.
Ik besluit met mijn getuigenis van Christus’ woorden in Mattheüs 11:
‘Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.
‘Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel;
‘want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.’
Net als die heiligen in Afrika weet ik dat deze belofte waar is. Dat geldt daar, en het geldt overal. Daarvan getuig ik in de naam van Jezus Christus. Amen.