2025
God in Nederland: wat vertellen de cijfers ons?
Liahona oktober 2025


God in Nederland: wat vertellen de cijfers ons?

Op vrijdag 25 april 2025 bezochten Melina van Andel, samen met Willem Kat en Richard Sleegers – die vanuit communicatie betrokken is bij interkerkelijke activiteiten – de presentatie van de vijfde editie van het onderzoek God in Nederland aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Ze hoopten op het symposium meer inzicht te krijgen in de waargenomen ontwikkelingen bij Generatie Z – jongeren geboren na 1997 – met betrekking tot geloof en kerkgang. Volgens recente berichten zou deze generatie geloviger zijn dan de voorgaande en weer meer naar kerken toetrekken.

Opmerkelijk genoeg kreeg dit onderwerp nauwelijks aandacht in de presentatie zelf, behalve toen er vanuit het publiek een vraag over werd gesteld. De onderzoekers hielden zich vooral aan hun eigen invalshoek voor deze editie van het onderzoek: wat is er in de plaats gekomen van kerkelijke godsdienstigheid als sociaal bindmiddel in de Nederlandse samenleving?

Het rapport, dat sinds de jaren 60 elke tien jaar verschijnt, toont opnieuw aan hoe sterk de religieuze betrokkenheid in Nederland is afgenomen. Toch klinken er ook hoopvolle geluiden.

‘De cijfers laten zien dat God misschien minder wordt gezocht in instituten, maar Hij is niet verdwenen.’

Een Brits onderzoek, dat op grotere schaal is uitgevoerd, biedt meer informatie. Dat onderzoek, The Quiet Revival, laat de beweging van jongeren naar de kerken duidelijk zien. Straks zullen we ook een verband leggen met wat er zich afspeelt in De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen in Nederland en Vlaanderen naar aanleiding van een aantal statistieken uit het zendingsgebied België-Nederland. Maar eerst gaan we wat dieper in op de presentatie van het onderzoek ‘God in Nederland’.

Een langzame leegloop van de kerk

Professor Fred van Lieburg, betrokken bij het eerste onderzoek, schetste hoe Nederland sinds de jaren 60 afscheid heeft genomen van religie als gemeenschappelijke basis. Waar in 1966 al een derde van de Nederlanders aangaf geen kerkelijke band meer te voelen, is dat aantal sindsdien verder gegroeid. In 2024 noemt nog slechts 19 procent zichzelf christen én kerkelijk verbonden. Toch gelooft nog eens 27 procent op ongebonden wijze – spiritueel of religieus.

‘We zien een samenleving waarin religie optioneel is geworden.’

Wat verbindt ons dan nog?

Religie wordt nog maar zelden als een bindende factor ervaren. Herdenkingen van de Tweede Wereldoorlog (70%) en Koningsdag (60%) worden vaker genoemd als nationale identificatiemomenten dan religieuze feestdagen. Slechts 12 procent van de mensen zegt anderen te ontmoeten in de kerk. Toch staan kerken na sportverenigingen (41%) nog steeds op de tweede plek van sociale samenkomst.

‘De kerk verliest invloed, maar blijft relevant als sociaal vangnet.’

Religie als moreel kompas?

Veel Nederlanders willen de kerk behouden, al willen ze daar niet altijd aan bijdragen. Zogeheten ‘civiele religie’ leeft breed: een symbolisch besef van morele waarden, zonder concrete geloofspraktijk. Zelfs onder seculieren is er waardering voor de rust op zondag en de ruimte voor bezinning.

Tegelijk blijkt ook dat protestanten hun predikant nog regelmatig raadplegen bij persoonlijke of ethische vragen. Religie blijft voor velen een moreel anker – al dan niet erkend.

En hoe zit het met de jongeren?

Er werd gespeculeerd over een ‘trendbreuk’ bij generatie Z. Ze zouden volgens sommige berichten weer meer openstaan voor religie. De onderzoekers temperden deze verwachtingen, in tegenstelling tot de onderzoekers uit het Verenigd Koninkrijk. De kerkelijke betrokkenheid onder jongeren is nog steeds laag, al tonen ze interesse in zingeving buiten traditionele kaders. Kristallen, rituelen en stiltemomenten zijn populairder dan kerkbanken.

‘Voor velen is religie een optie geworden: “ik hoef er niets mee”.’

Je zou verwachten dat het aantal gelovigen minder was dan de vorige generaties, zoals dat al jaren de tendens is, maar het tegenovergestelde was het geval. De onderzoekers waren zelf terughoudend om te concluderen dat er iets in beweging is onder generatie Z, hoewel iedereen die op sociale media zit toch wel duidelijke signalen hoort en ziet. Ook kerkleiders zelf spreken van een toename in belangstelling voor het geloof van jongeren en jongvolwassenen, maar de cijfers in dit onderzoek laten nog geen indrukwekkende ontwikkelingen zien, zeker als je kijkt naar het percentage dat daadwerkelijk naar de kerk gaat.

Een oproep tot inclusie

Critici van het onderzoek, onder wie dr. Peter van Rooden en prof. dr. Mirella Klomp, wezen op een belangrijke blinde vlek: moslims en andere religieuze minderheden zijn niet in de cijfers opgenomen. En dat terwijl de islam een zichtbare en groeiende rol speelt in de Nederlandse samenleving. Ook werd opgeroepen tot meer kwalitatief (als aanvulling en nuancering van kwantitatief) onderzoek: persoonlijke verhalen, rituelen en geloofservaringen zijn moeilijk in cijfers te vangen.

‘Wat weet je echt, als je alleen cijfers verzamelt over iets zo persoonlijks als geloof?’

The Quiet Revival, een Brits onderzoek

In Groot-Brittannië is een onderzoek onder 13.000 mensen uitgevoerd door YouGov in opdracht van de Bible Society. De resultaten werden gepubliceerd onder de naam The Quiet Revival. Daaruit bleek dat 16 procent van generatie Z minstens één keer per maand naar de kerk gaat, vergeleken met 4 procent vier jaar geleden. De meest opvallende toename in kerkbezoek is volgens het onderzoek te zien onder jonge mannen, van wie het kerkbezoek steeg naar 21 procent, versus een mindere stijging van vrouwen naar 12 procent. Ook leren we uit de studie dat jongvolwassenen eerder interesse laten zien om meer te weten te komen over de Bijbel.

Volgens de auteurs van het rapport is gemeenschap en het gevoel ergens bij te horen de belangrijkste verklaring, in combinatie met meer openheid richting het christendom.

In het rapport van The Quiet Revival worden er vier belangrijke aanbevelingen gedaan voor de leiders in de kerken en in de samenleving:

1. Investeer in discipelschap en Bijbelvertrouwen

Een groeiende kerk vraagt om geestelijk volwassen leden. Door jonge en nieuwe gelovigen actief te begeleiden in hun geloofsreis en hen te helpen de Bijbel te begrijpen en toe te passen, ontstaat er een generatie die stevig geworteld is én invloed kan uitoefenen op de cultuur in haar omgeving.

2. Stimuleer echte intergenerationele gesprekken

‘Kerken zijn misschien wel de krachtigste plekken in onze samenleving waar generaties écht samenkomen.’

De kracht van de kerk ligt in haar vermogen om generaties met elkaar te verbinden. Door wederzijdse openheid en een bereidheid om te leren van elkaar ontstaat er niet alleen meer begrip, maar ook wijsheid en groei – zowel binnen de kerk als daarbuiten.

3. Versterk persoonlijke relaties als sleutel tot verandering

Verandering begint bij verbinding. Echte, oprechte relaties vormen de krachtigste brug naar geloof. Door nabijheid, vriendschap en vertrouwen ontstaan mogelijkheden voor gesprek, geloof en groei.

4. Erken en benut de kracht van deze beweging

De tijd van leegloop lijkt voorbij. De kerk groeit – in aantallen én in relevantie. Leiders in de kerk en in de samenleving moeten deze ontwikkeling serieus nemen en samenwerken met geloofsgemeenschappen om geestelijke en maatschappelijke veerkracht op te bouwen.

Ontwikkelingen zendingsgebied België- Nederland

De nieuwe zendingsleiders, president Von Mollendorff en zijn echtgenote, vervullen hun roeping te midden van een ware tsunami aan verwijzingen, grotendeels afkomstig van sociale media – precies daar waar de jongere generatie actief is. Maar liefst 60 procent van de recente dopelingen kwam via deze kanalen in contact met de kerk.

Momenteel ontvangt de het zendingsgebied België-Nederland wekelijks tussen de 400 en 600 verwijzingen. In de tabel hieronder is deze opwaartse trend zichtbaar. Een op de 13 van de mensen die de kerk bezochten is gedoopt. In de eerste vijf maanden van dit jaar hebben al 60 mensen zich laten dopen, en dat is al tweederde van het totaal aantal dopelingen in 20241. Ongeveer de helft van deze dopelingen zijn via sociale media met de kerk in aanraking gekomen, en bijna driekwart van de dopelingen dit jaar behoort tot de categorie jongvolwassenen (18–35 jaar).

Ten opzichte van vorig jaar is het aantal jonge bekeerlingen meer dan verdubbeld, en vergeleken met vijf jaar geleden is het zelfs vertienvoudigd.

Wat leren wij als leden van de kerk hieruit?

Voor leden van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen bieden de resultaten van God in Nederland en The Quiet Revival een spiegel én een kans. In een samenleving waarin godsdienst geen vanzelfsprekendheid meer is, maar wel door velen als civiele religie gewaardeerd wordt, kunnen wij laten zien wat het betekent om Christus te volgen. Het is juist NU een geweldige tijd om deze dorst en honger van jongeren en jongvolwassenen te beantwoorden met het herstelde evangelie. We kunnen hen uitnodigen en helpen de impact te ervaren van geloof in Hem, en het sluiten en nakomen van verbonden met Hem. Ons godsdienstonderwijs, instituut en seminarie, is een belangrijke kans om deze jongeren erbij te betrekken, zodat ze geestelijk opbouwende ervaringen kunnen opdoen en hun nieuwsgierigheid bevredigen. Onze jongeren en jongvolwassenen hoeven geen schroom meer te voelen om anderen uit te nodigen naar de kerk te gaan. Velen staan er open voor, en het is ideaal als onderzoekers al een vriend in de kerk hebben.

Jorne Kempenaars, JOVO-adviseur van het gebied, zegt het volgende wanneer we hem om een reactie vragen: ‘Er is een onmiskenbare beweging gaande onder de jongvolwassenen in Vlaanderen en Nederland. We zien hen aan alle kanten in actie komen, vragen stellen en dichter tot Christus komen. President Nelson zei drie jaar geleden in zijn devotional voor Europa dat de Heer zijn werk versnelt en dat de jeugd gezegend is met een bijzondere gave van spiritualiteit. We zien deze belofte werkelijkheid worden. Vooral onder jongvolwassenen voelen we hoe de Heer harten wakker schudt, uitnodigt om terug te keren, en spirituele interesse wekt. Deze wonderen zijn geen toeval. Ze bevestigen op krachtige wijze de woorden van onze profeet: de Heer is zijn werk aan het versnellen.’

De uitdaging voor deze jongeren en jongvolwassenen is nog wel om zich te leren wortelen in geloof in het evangelie van Jezus Christus en in zijn kerk, en niet alleen in de stimulerende sociale media posts van de ‘Jezus trend’ te blijven hangen of zich alleen te nestelen onder de warme deken van de gemeenschap. Door de geopenbaarde patronen van het herstelde evangelie na te leven, zullen ze het effect op hun mentale gezondheid gaan voelen, het ware genezingsproces van de Heiland ervaren, en belangrijke bijdragers worden aan de gemeenschap, zowel in de kerk als daarbuiten.

Een revival van geloof van de leden

Deze inzichten zijn niet allemaal nieuw voor ons, maar ook wij hebben weer hernieuwde moed en scherpte nodig, een revival van geloof, om de kansen in het veranderende religieuze landschap waar te nemen en ernaar te handelen. In een wereld vol vragen mogen wij antwoorden geven, niet dwingend, maar dienstbaar. Door vriendschap, door openheid en door het delen van ons getuigenis kunnen we bijdragen aan een samenleving waarin God wél een plaats heeft.