‘Een wonderbaarlijke herstellingsdag’, Liahona, oktober 2025.
Een wonderbaarlijke herstellingsdag
Ik kan geen enkele dag van de voortgaande herstelling bedenken waarop er meer is hersteld dan op 3 april 1836.
Veel mensen maakten bij de inwijding op 27 maart 1836, en in de maanden daarvoor, wonderbaarlijke manifestaties in de Kirtlandtempel mee. Sommigen zagen engelen, anderen zagen gespleten tongen van vuur, nog anderen beschreven lichtkolommen uit de hemel, en enkelen kregen visioenen van de Heiland.
Joseph Smith beschreef de inwijdingsweek als ‘een pinksterfeest en een begiftiging die u zich nog lang zult herinneren’. Maar volgens mij kunnen al die dingen niet tippen aan de gebeurtenissen van eeuwig belang die daar op 3 april 1836 plaatsvonden. Ik kan geen enkele dag van de voortgaande herstelling bedenken waarop er meer is hersteld dan op 3 april 1836.
Jezus Christus verschijnt aan de profeet Joseph Smith en Oliver Cowdery, Walter Rane
Priesterschapssleutels
Om de betekenis te begrijpen van wat er die dag is hersteld, is het essentieel om een fundamenteel begrip van priesterschapssleutels te hebben. Het priesterschap is het gezag en de macht van God. Hij geeft zijn zoons en dochters gezag en macht om in zijn naam voor het heil van zijn kinderen te handelen. De sleutels van het priesterschap zijn het gezag om te bepalen hoe, wanneer en waar het priesterschap wordt uitgeoefend. Sleutels creëren niet meer priesterschap; ze vertegenwoordigen het gezag om op specifieke manieren en voor specifieke doeleinden het priesterschap uit te oefenen. Ze maken deel uit van Gods orde en zijn gegeven om de juiste orde te handhaven.
In een boeiend gesprek met Petrus en de andere apostelen zei Jezus: ‘Ik zal mijn gemeente bouwen, en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen’ (zie Mattheüs 16:18). Als onderdeel van die kerk zal Ik ‘de sleutels van het koninkrijk der hemelen geven’ (Mattheüs 16:19; cursivering toegevoegd). En met die sleutels zouden ze onder andere toestemming krijgen om op aarde en in de hemel te binden en te ontbinden.
Vóór 3 april 1836 herstelde de Heiland, door middel van hemelse boodschappers, het priesterschap en bepaalde sleutels, en verleende Hij Joseph het gezag om de kerk te vestigen, priesterschapsambten te organiseren en te officiëren in de zaken die in de Artikelen en Verbonden van de kerk staan beschreven (zie Leer en Verbonden 20). Maar Joseph had niet alle noodzakelijke priesterschapssleutels ontvangen om alle verordeningen te verrichten die deel van de kerk zouden uitmaken. Die belangrijke sleutels werden op 3 april 1836 hersteld.
Op die dag – paaszondag – voegden Joseph Smith en Oliver Cowdery zich bij een grote groep heiligen in de Kirtlandtempel om samen te leren, bij elkaar te zijn, te aanbidden en aan het avondmaal deel te nemen. ’s Middags trokken Joseph en Oliver zich terug op de spreekgestoelten van het Melchizedeks priesterschap aan de westkant van de begane grond. Ze lieten de voorhang zakken, zodat ze van anderen in de tempel afgezonderd waren. Ze bogen in plechtig, stil gebed. We weten niet precies wat ze baden, maar we weten wel dat hun gebeden verhoord werden.
Ze zeiden: ‘De sluier werd van ons verstand weggenomen en de ogen van ons begrip werden geopend.’ Zij zagen de Heer op de balustrade van het spreekgestoelte staan. Nadat Jezus Zichzelf had voorgesteld, zei Hij: ‘Uw zonden zijn u vergeven.’ (Zie Leer en Verbonden 110:1–5.)
Dit wijst erop dat een deel van hun stille gebeden was gewijd aan het vragen om vergeving – iets wat Joseph Smith zijn hele leven deed. Op dat moment maakte Jezus Christus hen zondeloos. Hij was zonder zonde. Zij waren zonder zonde. En de tempel was ingewijd, aanvaard en geheiligd. Alle dingen waren klaar voor wat er zou gebeuren.
Na dit visioen van de Heiland kwamen er hemelse boodschappers om priesterschapssleutels te herstellen: Mozes verleende de sleutels van de vergadering van Israël; Elias, droeg ‘de bedeling van het evangelie van Abraham’ over; en Elia herstelde de ‘sleutels van deze bedeling’, ofwel de zogenaamde verzegelbevoegdheid (zie Leer en Verbonden 110:11–16). Het is belangrijk om te begrijpen dat deze herstelde sleutels elkaar aanvullen. Er is een grote onderlinge verbondenheid en uiteindelijk een onderlinge afhankelijkheid tussen hen.
De sleutels van de vergadering van Israël
In de oudheid werd Gods verbondsvolk, het huis van Israël, door ongehoorzaamheid verstrooid. Maar God beloofde dat Hij ze op een dag weer zou vergaderen en ze in hun oorspronkelijke verbond en uiteindelijk in zijn tegenwoordigheid zou herstellen. Met de herstelling van zijn kerk en evangelie door middel van Joseph Smith begon de Heer zijn belofte te vervullen om Israël te herstellen of vergaderen.
Zelfs vóór de herstelling van de sleutels voor de vergadering van Israël kregen zij die in nabijgelegen staten waren gedoopt de opdracht zich in Kirtland te vergaderen (zie Leer en Verbonden 29:2, 7–8; 37:3).
Toen de sleutels van de vergadering hersteld waren, nam het zendingswerk vrijwel onmiddellijk toe. Het evangelie werd niet alleen in naburige staten verspreid, maar ook in een buurland, en al snel stak het in alle richtingen de zee over – letterlijk naar de vier delen van de aarde. Met die sleutels konden de apostelen ‘de deur van het koninkrijk […] in alle plaatsen’ ontsluiten (Leer en Verbonden 112:17).
Er zijn ten minste drie opmerkelijke aspecten aan de vergadering van Israël. Ten eerste, toen Mozes werd geboren, was Israël al op één plek vergaderd. Maar ze waren niet op de juiste plek vergaderd. Locatie is belangrijk. Ze leefden in slavernij, zonder de vrijheid om te aanbidden. God wilde dat zijn verbondsvolk in een verbondsland of beloofd land zou wonen. Egypte was dat niet voor het oude Israël. Kanaän was dat wel. En zo vergadert Hij Israël ook nu: in Zion en haar ringen.
Ten tweede: de vergadering is niet alleen een groep vrienden, familieleden of gelijkgestemden. Het doel van de vergadering is om bij God vergaderd te worden, in zijn tegenwoordigheid. Het oude Israël droeg de reizende tabernakel mee, een symbool van Gods tegenwoordigheid. Datzelfde geldt voor het hedendaagse Israël. Joseph Smith heeft over de vergadering van het hedendaagse Israël gezegd: ‘Het belangrijkste doel was een huis voor de Heer te bouwen waar Hij de verordeningen van zijn huis en de heerlijkheden van zijn koninkrijk aan zijn volk kon openbaren en de mensen de weg naar het eeuwig heil kon wijzen.’ Kortom, het doel van de vergadering was om Zion te vestigen, een plek waar God onder een volk kan wonen waarbij Hij Zich in zijn tempel op zijn gemak voelt.
Uiteindelijk begeleidde de geest van vergadering de heiligen bij elke nare verdrijving die ze meemaakten. Door hun daden was hun strijdlustige verklaring: ‘Als je ons hiervandaan verdrijft, zullen we ons elders vergaderen. Maar we zullen ons vergaderen. We hebben het gebod en we hebben de sleutels. De verstrooiing is voorbij. Het is tijd voor Israël om zich te vergaderen!’
President Russell M. Nelson heeft gezegd: ‘Er gebeurt nu niets in deze wereld wat belangrijker is dan [de vergadering van Israël]. Niets heeft meer betekenis. Echt helemaal niets.’
De bedeling van het evangelie van Abraham
Na de verschijning van Mozes droeg Elias ‘de bedeling van het evangelie van Abraham’ over (Leer en Verbonden 110:12). Het woord bedeling duidt vaak op een tijdsperiode, maar het kan ook uitzonderlijke toestemming of voorrecht betekenen. Het evangelie van Abraham, waaronder de verbonden die God met Abraham sloot en de zegeningen die Hij hem beloofde, zijn echt uitzonderlijk en buitengewoon. Hoe uitzonderlijk? Wij geloven dat God Abraham alles beloofde wat Hij heeft. Deze belofte en dit evangelie die aan Abraham zijn gegeven, maken dit echt een bijzondere bedeling. Op 3 april 1836 werden deze bijzondere bedeling en het gezag om die te verkondigen aan Joseph Smith hersteld. Het is interessant dat sleutels in verband met het evangelie van Abraham niet specifiek in afdeling 110 worden genoemd, maar voor zover die sleutels voor deze bedeling nodig waren, zijn ze hersteld.
Harten wenden en de verzegelbevoegdheid
Na Elias verscheen ook Elia, die de vervulling van Maleachi’s profetie aankondigde, dat het hart van de kinderen zich tot hun vaderen zou wenden (zie Maleachi 4:5–6). Deze profetie was Joseph niet vreemd. De profetie maakte deel uit van Moroni’s boodschap aan hem toen hij 17 jaar oud was. Moroni zei tegen Joseph: [Elia] zal in het hart van de kinderen de aan de vaders gedane beloften planten, en het hart van de kinderen zal zich tot hun vaders wenden’ (Leer en Verbonden 2:2).
Wie zijn de vaders en welke beloften ontvingen zij? Abraham was beslist een van hen. En de beloften die hij ontving, waren de verhoging – leven bij God, leven als God. Abraham wilde die beloften ontvangen, omdat hij wist dat ze aan ‘vaderen’ vóór hem waren gegeven (zie Abraham 1:2–4).
Het gevolg van de uitoefening van die macht, geleid door de sleutels die Elia herstelde, is op zijn minst tweeledig. Ten eerste, elke essentiële verordening die we ontvangen en elk verbond dat we krachtens het priesterschap sluiten, wordt in het volgende leven bindend met een zegel van rechtsgeldigheid – gebonden op aarde en gebonden in de hemel. Ten tweede, door deze verzegelbevoegdheid worden relaties, te beginnen met man en vrouw maar ook zowel wortels (voorouders) als takken (nakomelingen), voor eeuwig gebonden of verzegeld in wat wij een eeuwigdurend verbond noemen – het verbond dat we met vader Abraham sluiten. Daarom heeft Elia de verzegelbevoegdheid hersteld.
Zie je de samenhang van deze drie – de vergadering van Israël, het evangelie en de verbonden van Abraham, en de verzegelbevoegdheid? President Nelson heeft de volgende samenvatting gegeven: ‘Die sleutels machtigden Joseph Smith – en alle presidenten van de kerk van de Heer na hem – om Israël aan beide zijden van de sluier te vergaderen, om alle verbondskinderen met de zegeningen van Abraham te zegenen, om priesterschapsverordeningen en -verbonden te bekrachtigen, en om gezinnen voor eeuwig te verzegelen. De macht van die priesterschapssleutels is oneindig en adembenemend.’
Daarom zijn de gebeurtenissen rond de Kirtlandtempel zo belangrijk. We doen in deze kerk maar weinig van blijvende betekenis dat niet plaatsvindt onder het gezag van de sleutels die op 3 april 1836 in de Kirtlandtempel zijn hersteld. Het priesterschap en die sleutels overstijgen zowel de locatie als het gebouw, maar de Kirtlandtempel zelf is een prachtige herinnering aan Gods omgang met zijn volk. Het is het heilige bewijs van de grootste herstelling ooit.