2025
Hoe de Kerk van Jezus Christus eind twintigste eeuw in Nederland op de kaart is gezet
Juli 2025


Hoe de Kerk van Jezus Christus eind twintigste eeuw in Nederland op de kaart is gezet

Al vanaf het begin van de kerk in Nederland hebben leden zich ingezet voor het werk dat we nu communicatie noemen, voorheen PR. Deze bruggenbouwers hebben een belangrijke bijdrage geleverd zodat de kerk op Nederlandse bodem bekender werd. In die tijd bestonden allerlei moderne middelen als sociale media, apps of zelfs websites nog niet. De focus lag op het trainen van leden om informatie te geven en het opbouwen van persoonlijke relaties en samenwerkingen. Hierdoor werden we meer geaccepteerd als christenen in de gemeenschappen waar we deel van uitmaakten. Daarbij werd ook out-of-the-box gedacht en werd een moderne stap voor die tijd gezet: radiozendtijd.

We willen inzoomen op het verhaal van de familie Kirschbaum en een tipje van de sluier oplichten over hun PR-inspanningen aan het einde van de twintigste eeuw. Het gaat over het inspirerende voorbeeld van broeder en zuster Kirschbaum (de ouders van zuster Ineke den Hollander-Kirschbaum) uit de wijk Haarlem en hoe zij op een authentieke manier hebben geholpen de kerk van Christus ‘tevoorschijn te brengen uit de donkerheid en uit de duisternis’ (LV 1:30).

Voorbeeld doet volgen

Zuster den Hollander is een groot deel van haar leven met veel bevlogenheid en toewijding in een public-relationsroeping voor de kerk werkzaam geweest. Deze afdeling draagt nu de naam ‘Communicatie’.

Public relations (PR) is namelijk een verouderde term die niet meer voldeed, omdat de afdeling door de jaren heen verschillende veranderingen heeft doorgemaakt vanwege de kerkorganisatiestructuur, technologie etc., en die veranderingen blijven nog volop in ontwikkeling.

Zuster den Hollander had het niet van een vreemde, want haar ouders Robert (1921–2012) en Jeane Kirschbaum (1920–2008) waren hierin een groot voorbeeld. Haar vader was de PR-man van de kerk, wat we nu een landelijke communicatiebestuurder zouden noemen. Haar moeder was ook heel waardevol voor de PR, doordat zij oog had voor wat er buiten de kerkgemeenschap en in haar omgeving speelde, en gelegenheden zocht om hulp te bieden. Zo werd ze een belangrijk onderdeel van de gemeenschap. Van haar heeft Ineke geleerd hoe fijn het is om anderen te helpen en zo ook een steentje bij te dragen in de samenleving. Haar voorbeeld werd beloond met een koninklijke onderscheiding in de Orde van Oranje-Nassau.

Bekeringsverhaal van de familie Kirschbaum

Ernstig ziek in een krijgsgevangenenkamp aan het einde van de Tweede Wereldoorlog kreeg C. Robert Kirschbaum een bijzondere priesterschapszegen. Dit gaf hem de hoop die hij nodig had om te blijven leven totdat hij aan het Rode Kruis werd overgedragen.

Geboren in 1921 in Padang (Indonesië) als zoon van Nederlandse ouders, groeide hij op in een zorgeloze omgeving. Op 14-jarige leeftijd keerde hij terug naar Nederland en volgde een opleiding aan de academie van de Koninklijke Marine. In deze periode ontmoette hij zijn toekomstige vrouw, Jeane Henny zur Kleinsmiede, die in Heemstede woonde. Tijdens de oorlog werd hij als jonge marineofficier gevangengenomen en naar een kamp in Stanislav (het huidige Ivano-Frankivsk in Oekraïne) gestuurd.

In het kamp raakte hij bevriend met een medegevangene, Pieter Vlam, een technisch officier die anderen enthousiast over het herstelde evangelie vertelde. In een kritieke fase, terwijl hij doodziek was, ontving Robert Kirschbaum een priesterschapszegen waarin zijn herstel en toekomst aan hem werden geopenbaard. Hij heeft later hierover verteld:

‘Hij zei me dat ik de Koninklijke Marine moest verlaten. Ik dacht: dat zal ik nooit doen. Hij zei me een baan te zoeken bij een ingenieursbureau in Amsterdam. Hij zei me dat ik me moest laten dopen en met mijn geliefde moest trouwen. Hij beloofde me dat ik een pilaar van geloof in de kerk zou worden.’ (Uit een interview in Church News, 30 november 1996.)

Dit gaf hem niet alleen kracht, maar leidde hem na de oorlog ook naar het lidmaatschap van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. In 1946 werden hij en zijn verloofde, Jeane Henny (‘Hens’), gedoopt.

De eerste jaren als kerklid in Nederland waren uitdagend. In de jaren 40 en 50 was het niet eenvoudig om lid te zijn van de kerk, die vaak als vreemd werd beschouwd. Hoewel hij met tegenwerking en scepticisme te maken kregen, zowel in zijn professionele leven als daarbuiten, bleef hij trouw aan zijn overtuigingen. Hij werkte als ingenieur en maakte carrière in de energiesector, waar hij uiteindelijk een toonaangevende consultant voor stoomkrachtcentrales werd. Ook was hij 10 jaar lid van de gemeenteraad in Heemstede.

Naast zijn werk heeft hij veel voor de kerk betekend. Toen veel leden in de jaren 50 naar de Verenigde Staten emigreerden, bleef hij lange tijd gemeentepresident. Later werd hij geroepen als voorzitter van het public-relationsteam van de kerk in Nederland.

Kleine en grote stappen in communicatie

Een van de grootste uitdagingen waar broeder Kirschbaum mee werd geconfronteerd, misschien nog wel meer dan wij nu, was de publieke perceptie van de kerk. In de beginjaren moest hij vaak praten als Brugman om uit te leggen dat leden van de kerk volwaardige christenen zijn. Hij gaf trainingen aan leden over manieren om op lastige vragen te reageren en zette zich in om begrip en erkenning te vergroten.

De familie Kirschbaum reisde ook graag samen naar verre landen. Ze gaven daar vervolgens leerzame presentaties voor ouderen over, die ook voor gezelligheid en verbinding zorgden.

Een belangrijke doorbraak in de communicatie voor de kerk in Nederland kwam met de radio-uitzendingen die broeder Kirschbaum coördineerde en waar verschillende leden aan bijgedragen hebben. Van 1984 tot en met 1995 had de kerk namelijk zendtijd op de radio gekregen, met muziek en gesproken woord over zorgvuldig gekozen onderwerpen die uit het leven gegrepen waren en een breed publiek konden aanspreken.

Deze uitzendingen zorgden voor bredere bekendheid, niet alleen in Nederland, maar ook in Suriname. Er werden cassette-opnames gemaakt die konden worden gekopieerd en onder de leden konden worden verspreid. In totaal zijn er ongeveer 3600 kopieën verzonden.

De radiotoespraken werden ook door broeder Kirschbaum gebundeld in twee kleine boekjes met titels die zijn liefde als oud-marinier voor de zeevaart weerspiegelden.

In 1995 was er veel veranderd in de radiowereld en werd de zendtijd van de kerk weer ingetrokken.

Het dukdalfprincipe: verbinding als basis voor impact

Dit zijn maar een paar voorbeelden van de activiteiten waarmee de familie Kirschbaum hun best deed om op basis van gelijke interesses en waarden contacten met anderen te leggen, en zo op een natuurlijke manier relaties op te bouwen en de kerk in een positief daglicht te stellen. Dit is het zogenaamde dukdalfprincipe dat broeder Kirschbaum in zijn PR-werk altijd benadrukte.

Een dukdalf is een stevige paal in het water waaraan schepen kunnen worden vastgemaakt. Maar een enkele dukdalf is niet genoeg om een schip stabiel te houden; meerdere palen samen vormen een veilige aanlegplaats.

Dit principe gebruikte hij als metafoor voor het opbouwen van relaties en netwerken. Hij zei dat je anderen niet zomaar kunt overtuigen door simpelweg je boodschap te zenden; echte verbinding ontstaat door gedeelde idealen en interesses. Daarvoor moest je dus eerst goed leren luisteren naar de ander; waar is hij of zij mee bezig? Vanuit die verbinding groeit vanzelf begrip en samenwerking.

Dit principe paste hij niet alleen toe in zijn werk, maar gaf hij ook door aan zijn familie.

‘Ook leerde ik al vroeg van hem dat wederzijds respect blijkt uit je gedrag. Niet “zenden” maar “actief luisteren” en open vragen stellen om de ander beter te begrijpen. Nu realiseer ik me dat het organiseren van opvoedingsmarkten e.d. daaruit is voortgekomen. Ik zat zelf immers midden in die fase en ontdekte dat er veel instanties waren die op bepaalde terreinen experts waren. Daar kan elke ouder zijn voordeel mee doen’, vertelt zuster den Hollander.

Een blijvende nalatenschap

Door volharding, slimme strategieën en het leggen van de juiste contacten, hielpen broeder en zuster Kirschbaum mee aan de zichtbaarheid en perceptie van de kerk. In Haarlem is hun dochter Ineke in hun voetsporen getreden door proactieve deelname in interkerkelijke samenwerkingsverbanden. Het zijn de vruchten van een zegen die haar vader ooit in een krijgsgevangenenkamp ontving: hij zou een pilaar van geloof worden, zowel in de kerk als in de samenleving.

Een tijd van ongekende mogelijkheden

Vandaag de dag hebben we talloze online hulpmiddelen en bronnen die ons kunnen helpen bruggen te slaan, zowel op het gebied van geestelijke en stoffelijke zelfredzaamheid als inspirerende content voor specifieke leeftijdsgroepen. Door goed te luisteren naar wat er speelt in onze omgeving, het nieuws en onze netwerken, kunnen we op het juiste moment de juiste verbindingen leggen.

Brigham Young zei in 1862: ‘Elke ontdekking in wetenschap en kunst die echt waar en nuttig is voor de mensheid, is door directe openbaring van God gegeven, hoewel slechts weinigen dat erkennen. […] We zouden voordeel moeten halen uit al deze grote ontdekkingen, de verzamelde wijsheid van eeuwen, en onze kinderen het voordeel moeten geven van elke tak van nuttige kennis, om hen voor te bereiden om naar voren te stappen en efficiënt hun deel te doen in het grote werk.’

Laten we die visie omarmen en onze creativiteit inzetten om de kerk van Christus op een natuurlijke en relevante manier op de kaart te zetten. Door de moderne mogelijkheden als een versterking van persoonlijke contacten te gebruiken, niet als vervanging, kunnen we actief bijdragen aan een juiste beeldvorming van onze kerk. Hierdoor ontstaat ruimte voor goede verstandhoudingen en vruchtbare samenwerkingen.