‘De werken van God geopenbaard’, Liahona, januari 2025.
Geloofsportret
De werken van God geopenbaard
Ik wist niet of ik genezen zou worden of blind zou blijven. Ik wist alleen dat Gods wil zou geschieden en dat Hij me door mijn beproeving heen zou dragen.
Foto’s, Christina Smith
Toen ik op 7 januari 2023 wakker werd was ik volledig blind in mijn rechteroog en had ik maar 10 procent zicht in mijn linkeroog. De wereld was plotseling grijs geworden – letterlijk. Ik zag geen kleur en licht meer. Ik begaf mij in duisternis, angst en twijfel.
Als kunstenaar wilde ik altijd door middel van kunst iets aan de schoonheid van de wereld toevoegen – een passie die ik al bijna mijn hele leven heb gehad. Wat moest ik doen als ik de schoonheid van de wereld niet meer kon zien, er niet meer aan kon deelnemen en haar niet meer kon waarderen?
Een paar dagen daarvoor waren mijn ogen gevoeliger voor licht en zag ik scherpe lichtflitsen. Bezorgd ging ik naar een optometrist. Nadat hij me had onderzocht, zei hij dat een opeenhoping van hersenvocht druk in mijn schedel veroorzaakte, wat tot vergelijkbare symptomen als van een hersentumor leidde, waaronder zichtverlies.
Hij zei dat mijn zicht zonder behandeling de komende maanden langzaam achteruit zou gaan. Hij verzekerde me echter dat ik genoeg tijd had om een neuroloog te vinden die de vochtophoping kon behandelen.
Ik maakte me zorgen en vroeg mijn vader, die bisschop is, om een zegen van genezing en troost. Toen hij en een van zijn raadgevers me een zegen gaven, kwam mijn lievelingsverhaal uit de Bijbel in me op:
‘En Zijn discipelen vroegen Hem: Rabbi, wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren zou worden?
‘Jezus antwoordde: Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet, maar dit is gebeurd, opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden’ (Johannes 9:2–3).
Ik bleef maar denken: Gods macht zal zich hierin openbaren. Ik wist niet of dat betekende dat ik genezen zou worden of blind zou blijven. Ik wist alleen dat zijn wil zou geschieden en dat Hij me door mijn beproeving heen zou dragen.
‘Hoeveel vingers zie je?’
Ik had een paar dagen later een afspraak met een neuroloog, maar die ochtend in januari kreeg mijn oudere zus, Kylie, het gevoel dat mijn familie me naar de spoedafdeling van een nabijgelegen ziekenhuis moest brengen. De artsen lieten snel een computertomografische (CT) scan maken en gaven me de eerste van een serie lumbaalpuncties om de druk van het hersenvocht te laten afnemen. De volgende dag had ik twee MRI-scans. Toen werd ik door een oogarts onderzocht.
‘Hoeveel vingers zie je?’ vroeg hij, terwijl hij recht voor mijn gezicht een aantal vingers opstak. Ik kon niets zien.
Na zijn onderzoek concludeerde hij dat ik symptomen van zowel pseudotumor cerebri als een oogzenuwontsteking had. Geen van beide aandoeningen leken de symptomen volledig te verklaren. Hij legde uit dat het door de ernst van mijn zichtverlies meer dan een jaar kon duren om te herstellen, en dat mijn zicht misschien niet volledig zou terugkeren. Hij adviseerde een hoge dosis intraveneus toegediende corticosteroïden en andere medicatie.
Toen hij weg was, begon ik te huilen. Mijn moeder troostte me: ‘Als je je nu niet aan je eigen geloof kunt vasthouden, kun je op ons geloof vertrouwen.’
‘Troost me alstublieft’
Op mijn derde dag in het ziekenhuis vroeg mijn neuroloog een MRV-scan (Magnetic Resonance Venogram) van mijn wervelkolom en hersenen aan om te kijken of ik een tumor of blokkade had. Om 4.00 uur ’s ochtends, twee dagen nadat ik blind wakker was geworden, begon ik aan een MRV-scan van vijf uur. Ter voorbereiding wilde mijn familie die ochtend voor me bidden en vasten. Mijn vader, die elke nacht naast me op een bankje in het ziekenhuis sliep, gaf me nog een zegen, de tweede van meerdere zegeningen.
Toen een ziekenhuistechnicus me vroeg of ik tijdens mijn onderzoek naar muziek wilde luisteren, vroeg ik naar liedjes van mijn favoriete artiesten. De technicus deed rubberen oordopjes in mijn oren en legde mijn hoofd op een kussentje zodat ik niet zou bewegen. Daarbij stootte hij de oortjes bijna helemaal uit mijn oren. Ik kon de muziek nauwelijks horen toen de MRV-scan begon.
Hoe langer de procedure duurde, hoe warmer ik het in de buis van de machine kreeg. Na wat een eeuwigheid leek, kreeg ik te horen dat ik het goed deed en dat ik het nog iets langer vol moest houden. Maar ik was bang en overstuur door de hitte, harde geluiden en omdat ik niet kon bewegen.
Ik bad stilletjes: ‘Hemelse Vader, troost me alstublieft. Ik ben helemaal alleen. Ik heb uw hulp nodig. Ik heb mijn familie nodig.’
Meteen klonk er een zacht pianoakkoord in mijn oren. Het kwam uit een van mijn lievelingsliedjes – een liedje dat mijn zusje, Morgan, vaak op de piano speelt. Ik had niet verwacht dat ik het geluid van de losse oortjes boven het lawaai van de machine uit zou horen. Het leek alsof Morgan bij me was en ik niet alleen was. Het lawaai verdween. De hitte verdween. De claustrofobie verdween.
Ik voelde me alsof ik buiten mijn lichaam was en op een grote zee dreef. Ik voelde me omringd door Gods liefde en de liefde van mijn familie. Ik was meteen kalm. Het was 7.30 uur, het moment dat mijn familie voor me begon te vasten. De resterende vijf uur van de MRV-scan ging in een oogwenk voorbij en toen hoorde ik: ‘Je bent klaar.’
De liefde die ik tijdens die ervaring voelde bracht tranen in mijn ogen en verlichtte mijn uitputting tijdens de rest van mijn verblijf in het ziekenhuis. Ik wist niet of ik ooit weer zou kunnen zien, maar ik wist dat God er was en dat Hij mijn gebed had verhoord. Na vier dagen werd ik uit het ziekenhuis ontslagen.
‘Dit is een wonder!’
De daaropvolgende twee weken ging ik elke dag terug naar het ziekenhuis voor medicatie, en elke dag keek ik of ik iets beter kon zien: lichtgrijs in plaats van donkergrijs, de schaduwen van vingers voor mijn gezicht, een oranje waas op de tv die in een bloem veranderde. Elke kleine verbetering was een overwinning.
Twee weken na mijn ontslag uit het ziekenhuis bleek uit een onderzoek dat mijn zicht in beide ogen van nul naar bijna perfect was gegaan.
‘Bronwyn, wat is er gebeurd?’ vroeg mijn oogarts.
‘We hebben gebeden en ik ben gezegend’, antwoordde ik.
‘Dit is een wonder!’ zei hij. ‘Ik heb dit nog nooit gezien. We zouden dit soort resultaten pas na minstens zes maanden moeten zien.’
Later vertelde hij me dat patiënten die blind zijn geworden zelden weer normaal gaan zien. In een paar weken tijd was ik van een van zijn ergste gevallen naar zijn beste geval gegaan.
‘Volg het licht van Christus’
Eind 2022 hadden de leidinggevenden in mijn vaders wijk een wijkthema voor 2023 gekozen. Het was geïnspireerd door de leringen van president Russell M. Nelson, die eerder dat jaar had gezegd: ‘Zoek en verwacht wonderen.’
Mijn vader dacht toen dat het thema wijkleden zou helpen die het moeilijk hadden. Hij had geen idee dat het zo persoonlijk voor onze familie zou worden.
Het thema was: ‘Volg het licht van Christus. Verwacht wonderen! Verwacht vreugde!’
Ik kan nu, twee jaar later, beter zien dan voordat ik mijn zicht verloor. Ik dank mijn hemelse Vader elke dag voor mijn wonder en voor het onwankelbare geloof van mijn familie. Door deze beproeving werd Gods werk geopenbaard. Ik kreeg een sterker getuigenis, meer waardering voor het leven, en meer liefde voor Hem en voor mijn familie en vrienden.
Nu doe ik mijn uiterste best, ook als kunstenaar, om optimaal gebruik te maken van de zegeningen, gaven en vreugde die God mij heeft gegeven om Hem te verheerlijken en anderen tot zegen te zijn.
Tegenwoordig gebruikt Bronwyn haar kunst, zoals deze illustratie van de Heiland, om God te verheerlijken en anderen tot zegen te zijn.