‘Hulp in moeilijke tijden’, Liahona, april 2026.
Onder heiligen der laatste dagen
Hulp in moeilijke tijden
De verzoening van Jezus Christus kan ons bij alles helpen, ook als ons onrecht is aangedaan.
Illustratie, Elia Sampò, kopiëren niet toegestaan
Toen ik zwanger was van ons vierde kind, hadden we een andere auto nodig. Ik vond er een online, maar ik was nogal nerveus over zo’n grote aankoop. Ik vroeg goed geïnformeerde vrienden om advies. Iedereen zei dat het een goede keuze was, dus ik had er vertrouwen in.
De auto moest worden vervoerd, dus wachtten we. Op de dag dat de auto zou arriveren, kwamen we erachter dat er geen auto zou komen!
We waren opgelicht. Ik was geschokt en verslagen. Ons geld was weg.
De daaropvolgende dagen kon ik alleen maar die ervaring opnieuw in mijn hoofd afspelen. Ik was zo van streek dat het me moeite kostte om een goede moeder en echtgenote te zijn. Ik had geen energie meer. Ik bereikte een breekpunt en ik wist dat ik moest veranderen. Dus bad ik en vroeg mijn hemelse Vader om de last van mijn schouders weg te nemen.
Na een paar uur voelde ik me lichter. En later voelde ik de last niet meer. Ik was niet meer boos of overstuur. Ik voelde alleen maar rust. Ik besefte dat dit rustige gevoel door de verzoening van Jezus Christus kwam.
Na een paar maanden kregen we een geldbedrag van een buurtorganisatie waar we lid van waren. Het was precies het bedrag dat we waren kwijtgeraakt. Dat was voor ons een wonder!
Ik heb geleerd dat ik mijn lasten niet alleen hoef te dragen. Jezus Christus weet hoe ik me voel. Hij heeft ‘pijnen en benauwingen en allerlei verzoekingen doorstaan’ (Alma 7:11). We moeten Hem in ons leven toelaten zodat Hij ons kan helpen.
President Russell M. Nelson (1924–2025) heeft gezegd: ‘Er zijn geen grenzen aan het vermogen van de Heiland om u te helpen. Zijn onbevattelijke lijden in Gethsémané en op Golgotha was voor u! Zijn oneindige verzoening is voor u!’
Jezus Christus wil ons helpen in moeilijke tijden, wat het ook is. We zijn nooit alleen. Hij staat altijd voor ons klaar (zie Mattheüs 28:20).