‘Susa Young Gates en Joseph F. Smith’, Verhalen uit de Leer en Verbonden (2024)
‘Susa Young Gates en Joseph F. Smith’, Verhalen uit de Leer en Verbonden
1902–1918
Susa Young Gates en Joseph F. Smith
Een openbaring over de geestenwereld
Susa Young Gates was de dochter van Brigham Young. Ze was in Utah geboren en opgegroeid. Ze hield van schrijven en diende graag in de kerk van de Heer.
Saints, deel 3, 9–10, 64
Toen Susa volwassen was, werd ze erg ziek. Ze vroeg een priesterschapszegen. In de zegen zei de Heer tegen Susa dat Hij wilde dat ze tempelwerk deed.
Saints, deel 3, 193–194
Na de zegen werd Susa beter. Ze besteedde meer tijd aan haar familiegeschiedenis. Toen ze familieleden vond die waren overleden zonder gedoopt te zijn, ging ze naar de tempel om zich voor hen te laten dopen. Ze vertelde mensen graag over familiegeschiedenis. Helaas waren veel mensen niet geïnteresseerd.
Saints, deel 3, 194–195, 206
Op een dag ging Susa op bezoek bij haar vriend Joseph F. Smith, de president van de kerk. President Smith was al weken ziek. Susa wist dat hij ook erg verdrietig was omdat zijn zoon was overleden. Hij was ook verdrietig door andere dingen die er in de wereld gebeurden, zoals oorlogen en ziekten.
Saints, deel 3, 197–199, 205–206
Maar toen Susa bij president Smith ging zitten, beurde hij op. Hij vertelde Susa dat God hem een bijzonder visioen had gegeven. Het ging over de geestenwereld, waar mensen na hun dood naartoe gaan. Hij had zijn visioen op een vel papier opgeschreven. President Smith gaf het aan Susa en vroeg haar het te lezen.
Saints, deel 3, 206–207
Susa las wat er op het papier stond. Er stond dat Jezus Christus de geestenwereld bezocht had. Hij zond Adam, Eva en andere getrouwe mannen en vrouwen uit om de geesten te onderwijzen die het evangelie niet tijdens hun leven hadden ontvangen. Ze hielpen deze geesten zich voor te bereiden, zodat mensen zich in de tempel voor hen konden laten dopen.
Leer en Verbonden 138:11–19, 29–48; Saints, deel 3, 206–207
Susa was verbaasd toen ze het visioen van president Smith las. President Smith glimlachte naar haar. ‘Susa,’ zei hij, ‘je bent met een groot werk bezig.’ Hij zei dat hij haar liefhad vanwege haar geloof in de Heer.
Saints, deel 3, 206
Susa schreef over de openbaring in haar dagboek. ‘O, het was een hele troost voor mij!’ zei ze. Ze kon niet wachten om haar vrienden en andere leden van de kerk erover te vertellen. Ze wist dat door het visioen van president Smith de heiligen enthousiast zouden worden om tempelwerk voor mensen in de geestenwereld te doen.
Saints, deel 3, 207