‘Ik heb verder niets nodig’, Liahona, december 2025.
Onder heiligen der laatste dagen
Ik heb verder niets nodig
Mijn moeder had als kind niets, maar tegen de tijd dat ze overleed, had ze alles wat belangrijk was.
Illustratie, Caitlin Droubay
Toen mijn moeder 9 jaar was, verliet haar stiefvader in de maand december het gezin om werk te zoeken. Hij liet mijn grootmoeder, mijn moeder en mijn moeders jongere broer achter zonder geld, zonder eten, zonder kerstboom, zonder cadeaus. In mama’s woorden: ‘We hadden niets.’
Mijn moeder ging die kerstavond wandelen. Ze herinnerde zich dat ze door het raam van een naburig huis keek en gelukkige, lachende kinderen rond een kerstboom zag, met cadeautjes en familieleden om zich heen. Mama huilde toen ze die herinnering vóór Kerstmis vertelde, een paar jaar voordat ze stierf. Het was een van de vele kerstfeesten dat ze niets had.
We maken een sprong in de tijd naar 1969, veertien jaar na het huwelijk van mijn ouders. We woonden in een klein plaatsje in het midden van Californië (VS). Daar klopten twee voltijdzendelingen op de deur en brachten ons het herstelde evangelie van Jezus Christus. Een jaar later werden mijn ouders in de Oaklandtempel (Californië) aan elkaar verzegeld, en mijn twee broers en ik aan hen.
Voor mijn ouders volgden jaren van discipelschap. Ze vervulden vele kerkroepingen, dienden talloze anderen, versterkten hun getuigenis op een zending in Florida, verheugden zich in hun groeiend nageslacht en koesterden zich in de zegeningen die voortvloeien uit ‘vreugde in Jezus Christus’ en lidmaatschap in ‘de kerk van vreugde’.
Kort na de dood van mijn vader in 2018 schreef mijn moeder een kerstbrief aan haar kinderen, waarin ze de zegeningen opsomde die haar leven mooi en rijk hadden gemaakt.
‘Op stille momenten komen er gedachten en herinneringen in me op aan wat mij gegeven is’, schreef ze. Ze noemde onder meer ‘een eeuwige echtgenoot’ en een gezin dat voor eeuwig samen kan zijn in de tegenwoordigheid van de Vader en de Zoon, het herstelde evangelie, levende profeten en apostelen, Schriftuur van de laatste dagen, de gave van de Heilige Geest, een getuigenis van de Heiland Jezus Christus, en ‘deze bijzondere tijd om zijn geboorte te vieren’.
Toen mijn moeder nog een kind was, had ze niets. Tegen de tijd dat ze stierf, had ze alles wat belangrijk was.
‘Jullie en het evangelie zijn mijn leven’, besloot ze. ‘Ik heb verder niets nodig. Vrolijk kerstfeest. Ik hou voor altijd van jullie.’