2025
Een geschenk dat ik nooit zal vergeten
Augustus 2025


‘Een geschenk dat ik nooit zal vergeten’, Liahona, augustus 2025.

Onder heiligen der laatste dagen

Een geschenk dat ik nooit zal vergeten

Ik vertelde mijn oom dat hij zijn broer op een dag weer zou zien – niet op een portret, maar in levende lijve.

Ouderling Beck en ouderling d’Antuono met een portret van ouderling d’Antuono’s vader

Ouderling d’Antuono (rechts) en ouderling Beck, met het portret van ouderling d’Antuono’s vader.

Toen de voltijdzendelingen in Frankrijk bij mij thuis kwamen voor een dienstbetoonproject, waren mijn ouders geen actieve leden van de kerk, en was ik niet gedoopt. Al gauw leerden de zendelingen me het evangelie, en ging ik ervan houden. En al gauw gingen mijn ouders weer naar de kerk.

‘Wie gaat jou dopen?’ vroegen de zendelingen.

‘Mijn vader’, antwoordde ik.

Mijn vader, die uit Italië kwam, was een goed mens. Hij leerde me mensen te zien zoals Jezus ze zou zien. Helaas overleed hij enkele weken voor mijn doop.

Toen ik later mijn zendingsoproep kreeg, was ik zo opgewonden dat ik mijn moeder vroeg om die open te maken.

‘Dit ga je fijn vinden’, zei ze. ‘Je gaat naar je vaders vaderland!’

Ik had ervan gedroomd om in Italië te dienen. Je gaat op zending om mensen te dienen; niet om in een bepaald gebied te dienen. Maar ik had gebeden dat ik in Italië mocht dienen, met name in de stad Gaeta, waar mijn vaders voorouders sinds de tiende eeuw hadden gewoond.

Nadat ik in Rome en Sicilië gediend had, kreeg ik het blijde nieuws dat ik zou worden overgeplaatst naar de regio waar Gaeta deel van uitmaakte. Vóór die overplaatsing begin 2023 gaf mijn collega en goede vriend ouderling Jack Beck me een geschenk dat ik nooit zal vergeten. Hij is een getalenteerd kunstenaar. Van een kleine foto die ik van mijn vader had, maakte hij een prachtig portret.

Ik keek tijdens mijn individuele studie elke dag naar dat portret. Het gaf me de kracht om mensen over het evangelie te vertellen.

Zodra ik aan Gaeta was toegewezen, zocht ik mijn familieleden op. Toen ik mijn vaders oudere broer het portret liet zien, huilde hij. Hij had zijn broer al jaren niet gezien en had geen foto’s van hem.

Ik vertelde mijn oom dat hij zijn broer op een dag weer zou zien – niet op een portret, maar in levende lijve. Ik leerde hem dat hij door het evangelie weer met zijn broer in liefde en vrede bij de Heiland kon wonen.

Ik zag grote wonderen gebeuren in Gaeta toen ik mijn familieleden het goede nieuws vertelde dat het verlies van dierbaren slechts tijdelijk is omdat Jezus Christus de dood heeft overwonnen (zie Mosiah 16:8). Ik getuig dat de Heiland het door zijn zoenoffer mogelijk heeft gemaakt dat onze familie voor eeuwig bijeen kan zijn.