‘De Heiland bracht mij terug’, Liahona, augustus 2025.
Geloofsportret
De Heiland bracht mij terug
Omdat ik door het vuur van de smelter ben gegaan, weet ik dat de Heiland ons kan veranderen – hoe diep we ook zijn gevallen.
Foto’s, Christina Smith
Ik dacht dat ik een weekendje weg ging om mijn familie te bezoeken tijdens de bruiloft van een broer. Maar toen mijn vrouw, Etelani, me op het vliegveld afzette, me een ingepakte koffer gaf en zei dat ik bij mijn ouders moest logeren totdat ik klaar was om een echtgenoot te zijn, wist ik dat er iets ernstigs aan de hand was. Ik moest drastische veranderingen aanbrengen in mijn leven.
Toen ik haar zag wegrijden, besefte ik niet hoezeer ze leed. Ze vertelde me later dat ze vervolgens naar een veilige plek langs de weg was gereden om te parkeren, waar ze een tijdje snikkend had gezeten. Ik had niet door hoezeer mijn gedrag – drinken en drugs gebruiken – haar pijn deed. Ik besefte ook niet hoezeer ik mijzelf erdoor schaadde.
We zijn allebei in Samoa opgegroeid, waar we elkaar leerden kennen. Toen ik op de middelbare school zat, werd ons gezin lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Maar de geboden stonden in de weg van mijn levensstijl en de feestjes waar ik graag naartoe ging. Tegen de tijd dat de andere leden van mijn ouderlijk gezin in de tempel verzegeld werden, was ik niet meer actief in de kerk en verzon ik elk excuus om niet naar kerkactiviteiten te gaan.
Toen Etelani en ik getrouwd waren, verhuisden we naar Seattle (Washington, VS), waar mijn familie woonde. Daarna verhuisden we bij hen uit de buurt, naar Utah. Daar probeerde Etelani wanhopig om me te helpen mijn leven te beteren.
Vaak was ik een week of twee achter elkaar weg om te drinken en te feesten, terwijl zij thuis bleef, niet wetend waar ik was. Het deed haar veel pijn, en ze besefte dat ze me niet kon veranderen. Het waren duistere, pijnlijke dagen voor haar. Ze werd moedeloos, geplaagd door knagende onzekerheid. Ze vroeg zich af of mijn onhandelbare gedrag voortkwam uit haar onvermogen om kinderen te krijgen.
‘Als het de bedoeling is dat we bij elkaar blijven,’ bad ze tot onze hemelse Vader, ‘laat me dan alstublieft weten wat ik moet doen.’
De Geest gaf haar een ingeving toen mijn ouders belden om aan te kondigen dat een van mijn broers ging trouwen. Op de dag dat Etelani me op het vliegveld afzette, zei ze: ‘Ik denk dat dit een goed moment is om uit elkaar te gaan.’ Uiteindelijk duurde het tien maanden voordat we weer bij elkaar kwamen.
Familieliefde en hemelse hulp
Mijn ouders, broers en zussen waren actieve leden van de kerk. Mijn moeder had een sterk getuigenis en was op de hoogte van mijn situatie. Tijdens de tien maanden dat ik bij mijn ouders woonde, nodigde ze me vriendelijk uit om met de familie mee naar de kerk en naar kerkactiviteiten te gaan. Ze herinnerde me er ook aan hoe belangrijk het is om me in de tempel aan Etelani te laten verzegelen. Die eenvoudige uitnodigingen, en het feit dat ik door de liefde van mijn familie werd omringd, hielpen me om naar de kerk terug te keren.
Terwijl Etelani in Utah overuren maakte om haar van haar verdriet af te leiden, onderging ik een verandering die door de liefde van mijn moeder en de verzoenende genade van de Heiland teweeg werd gebracht.
Ik had in de loop der jaren vaak geprobeerd om van mijn slechte gewoonten af te komen, maar dat lukte me nooit. In het verleden had ik elk excuus aangegrepen om weg te blijven uit de kerk, maar nu ik geconfronteerd werd met het verlies van mijn vrouw, wist ik dat ik moest veranderen.
Maar veranderen was niet makkelijk. ‘Waarom zou ik het verdienen om gered te worden?’ vroeg ik me af. In het verleden had ik geprobeerd om op eigen houtje te veranderen. In mijn eentje kon ik mijn gewoonten niet overwinnen, maar met de hulp van mijn hemelse Vader en zijn Zoon, de Schriften, vasten en gebed, het avondmaal en bekering, wist ik dat ik wel kon veranderen. Toen ik bij de kerk betrokken raakte en geloof in Jezus Christus oefende, veranderden mijn hart en mijn manier van denken (zie Mosiah 5:7; Alma 5:12–13). Ik merkte al snel dat ik dingen kon die ik voorheen niet kon.
Na verloop van tijd begon ik gestaag de barmhartigheid van de Heiland te voelen. Hij was Zich bewust van Etelani en mij. Ik voelde dat Hij van ons hield. Zijn liefde veranderde mijn lusten. Ik was niet meer geobsedeerd door uitspattingen uit het verleden. Toen ik eindelijk een getuigenis van het evangelie had, wilde ik weer bij Etelani zijn.
Toen ze zag dat ik een vaste baan had en geld voor een woning had gespaard, kwam ze bij mij in Seattle wonen. Ze wilde ons nog steeds. Toen ik had laten zien dat ik echt toegewijd was aan haar en aan het evangelie, adopteerden we een dochter. Een kind hebben, hielp mij om me te houden aan de veranderingen die ik had aangebracht. Ik wist dat ik een goede vader voor haar moest zijn. De richting die ik was ingeslagen beviel me, en ik wilde mijn gezin meenemen. Vervolgens liet ik me aan mijn ouders verzegelen. Etelani en ik adopteerden ook een zoon. En we zijn als gezin in de tempel aan elkaar verzegeld. God is goed voor ons geweest.
Tony met zijn zoon, Tony jr.
Omdat ik door het vuur van de smelter ben gegaan, weet ik uit eigen ervaring dat de Heiland ons kan veranderen. Maar eerst moeten we dicht bij Hem komen. Je zult er versteld van staan wat Hij allemaal kan. Zijn goddelijke liefde voelen, kan leiden tot oprechte bekering, en dat kan je veranderen – hoe diep je ook bent gevallen.
Ik ben dankbaar voor een tweede kans. Ik ben dankbaar voor het evangelie. Ik ben dankbaar dat de Heiland me terug heeft gebracht. En ik ben dankbaar dat Hij me heeft geholpen om een betere echtgenoot voor mijn vrouw en een vader voor mijn kinderen te worden.
Als we geloof en vertrouwen in de Heiland hebben, zullen we ons verbazen over de veranderingen die Hij in ons teweeg kan brengen.
Tony blijft dankbaar dat de Heer hem heeft geholpen om een betere echtgenoot te worden voor zijn vrouw, Etelani, en vader voor zijn kinderen, Tony jr. en Prelain.