‘Waarom ik voor de herstelde kerk kies’, Liahona, februari 2025.
Geloofsportret
Waarom ik voor de herstelde kerk kies
Ik heb alles wat ik heb en ben – mijn gezin, mijn waarden, mijn beroep, mijn doel in het leven – aan het herstelde evangelie van Jezus Christus te danken.
Foto’s, Christina Smith
Toen ik als kind leerde lezen, begon ik in de Bijbel te lezen. Tegen de tijd dat ik 10 jaar was, wilde ik net als Joseph Smith de juiste kerk vinden. Ik begon kerken in de buurt te onderzoeken. Toen nodigde een vriendin van mijn moeder ons een keer uit voor een gezinsavond.
‘Dit is het’, dacht ik. ‘Dit is dé kerk!’
Twee weken later lieten we ons dopen als lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen.
We woonden in een arm deel van Guatemala, waar bendes zich begonnen te vormen. Veel van mijn oudere vrienden sloten zich bij die bendes aan. Als ik het evangelie niet had leren kennen, had ik me waarschijnlijk bij een bende aangesloten en was ik voor mijn achttiende al gedood, net als sommige van deze jongens. Lid worden van de kerk was een keerpunt voor mijn toekomstkansen.
Kennis en getuigenis
Toen ik lid van de kerk werd, hongerde ik naar kennis. Tegen de tijd dat ik 14 jaar werd, had ik alle Schriften en kerkboeken gelezen die ik kon vinden, zoals Jezus de Christus en Articles of Faith van ouderling James E. Talmage (1862–1933) van het Quorum der Twaalf Apostelen.
In 1984 zong ik met een koor bij de inwijding van de Guatemala-Stadtempel (Guatemala). Ik vroeg me af waarom sommige mensen tegen de inwijding protesteerden en vóór de tempel lectuur tegen de kerk uitdeelden. Rond die tijd zag ik ook dat sommige mensen de kerk om uiteenlopende redenen verlieten.
Twee maanden na mijn doop had ik het Boek van Mormon uitgelezen. Ik ben mijn getuigenis van het boek nooit kwijtgeraakt. Omdat ik weet dat het waar is, weet ik dat Joseph Smith een profeet was, dat hij door God geroepen was, en dat dit de kerk van de Heiland is.
Omdat Carlos weet dat het Boek van Mormon waar is, weet hij ook ‘dat Joseph Smith een profeet was, dat hij door God geroepen was, en dat dit de kerk van de Heiland is.’
Een getuigenis komt van God. Als Hij je vertelt dat dit de ware kerk is en je weet dat Hij het je heeft verteld, dan weet je het ook echt (zie Geschiedenis van Joseph Smith 1:25). Door die lens kunnen we alles begrijpen en weerstaan.
Onlangs was ik op bezoek bij een familielid dat met zijn geloof worstelt door dingen die hij op internet had gezien.
‘Als je iets kunt vinden dat beter is dan het evangelie van Jezus Christus of wat je gelukkiger maakt dan het evangelie, ga er dan voor’, zei ik tegen hem. ‘Maar ik weet uit ervaring dat er niets beter is en dat niets ons gelukkiger maakt dan het evangelie van Jezus Christus.’
Ik vertelde hem dat sommige mensen zeggen dat God niet bestaat en dat het evangelie niet waar is, maar dat zij niet oprecht naar de waarheid zoeken. En er zijn mensen zoals de vader van koning Lamoni, die God zo graag wilde leren kennen dat hij bad: ‘Wilt U Zich dan aan mij bekendmaken, en ik zal al mijn zonden afleggen om U te kennen’ (zie Alma 22:17–18).
Liefhebben in plaats van oordelen is essentieel als u iemand wilt helpen die met moeilijke geloofsvragen worstelt. Mijn familielid zei dat hij niet meer naar de kerk wilde gaan, maar hij bleef komen. Ik denk dat hij bleef komen omdat wij een hechte band hebben, en hij weet dat ik zijn twijfels begrijp.
Muziek en tedere barmhartigheden
Naarmate mijn getuigenis in mijn jonge jaren groeide, nam ook mijn liefde voor muziek toe. Die liefde begon toen ik een kerkgebouw binnenging en voor het eerst een piano zag. Ik weet dat de Heer een plan voor me had, want ik voelde me tot de piano aangetrokken. Ik deed de pianokruk open, vond een boek over pianospelen, en begon het mezelf te leren.
Al gauw speelde ik elke zondag piano in mijn wijk en zong ik in het jongerenkoor. Toen ik 16 werd, ging ik naar het nationaal conservatorium in Guatemala. De dirigent van het conservatorium, Beto Echeverria, spoorde me aan om professioneel pianist te worden. Sindsdien heb ik bij kerkevenementen piano gespeeld en veel koren gedirigeerd. Uiteindelijk werd ik muziekcoördinator van de kerk voor het gebied Midden-Amerika. Tegenwoordig ben ik pianostemmer en muziekdocent.
Carlos zingt met zijn dochter, Rocio. Hij ontdekte zijn liefde voor muziek toen hij een kerkgebouw binnenkwam, voor het eerst een piano zag en zichzelf piano leerde spelen.
Toen president Russell M. Nelson in 2019 Guatemala bezocht, in het kader van een negendaags bedieningsbezoek in Latijns-Amerika, sprak hij tijdens een avonddevotional, waar ik een koor van tweehonderd mensen dirigeerde. Enige tijd nadat we met de repetities waren begonnen, kreeg ik een droom.
Ik droomde dat ik de profeet kon begroeten. Na de devotional, toen president Nelson met zijn zakdoek naar de 22.000 aanwezigen zwaaide, wendde hij zich tot mij en zei in perfect Spaans: ‘Hartelijk bedankt. Goed gedaan!’ Toen zei zuster Wendy Nelson tegen de aanwezigen: ‘Ik wist niet dat jullie in Guatemala een Tabernacle Choir hebben!’
Een andere tedere barmhartigheid die ik heb ontvangen door muzikaal te dienen, was dat ik werd uitgenodigd om tijdens de algemene aprilconferentie van 2024 met The Tabernacle Choir te zingen. En ik werd ook gezegend toen ik via BYU–Pathway Worldwide mijn bachelordiploma haalde – iets waar ik al naar verlangd had sinds ik jongvolwassen was.
Ik kan zonder enige twijfel zeggen dat ik alles wat ik heb en ben – mijn gezin, mijn waarden, mijn beroep, mijn doel in het leven – aan het herstelde evangelie van Jezus Christus te danken heb. Het heeft me bescherming, leiding en talloze zegeningen gebracht.
‘We [kunnen] alles begrijpen en verdragen’ door een getuigenis van de Heiland en zijn herstelde evangelie, zegt Carlos, op de foto met zijn vrouw, Claudia, en hun kinderen, Jose en Rocio.