‘Vergelijkingen trekken: Vergelijkingen trekken om impliciete waarheden in de Schriften te vinden’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)
‘Vergelijkingen trekken: Vergelijkingen trekken om impliciete waarheden in de Schriften te vinden’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht
Schriftstudievaardigheden: les 170
Vergelijkingen trekken
Vergelijkingen trekken om impliciete waarheden in de Schriften te vinden
Een engel vertelde Nephi dat de Schriften waarheden bevatten die ‘duidelijk en uitermate waardevol’ zijn (1 Nephi 13:26). Maar soms is het moeilijk om deze waarheden te identificeren of te voelen dat de Schriften betekenis hebben. Vergelijkingen trekken tussen verschillende verhalen, concepten en mensen uit de Schriften is een vaardigheid waardoor we waardevolle waarheden van Jezus Christus leren herkennen en zijn woorden ons tot zegen laten zijn. In deze les leren de cursisten vergelijkingen in de Schriften te trekken om impliciete waarheden te vinden.
Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten Mozes 4:1–2 bestuderen en letten op overeenkomsten en verschillen tussen Jezus Christus en Satan. Laat ze bedenken waarom het nuttig kan zijn om vergelijkingen in de Schriften te trekken.
Mogelijke leeractiviteiten
Suiker en zout
Neem eventueel suiker en zout mee naar de les en laat een of twee cursisten ze allebei proeven. U kunt ook een afbeelding van deze middelen tonen, zoals die hieronder is weergegeven. Dezelfde activiteit kan ook worden gedaan met een zoet drankje, zoals vruchtensap, en iets zuurs, zoals azijn.
-
Wat zijn de overeenkomsten tussen zout en suiker? Waarin verschillen ze?
-
Hoe begrijp je zout en suiker beter door ze met elkaar te vergelijken?
Als we vergelijkingen in de Schriften trekken, gaan we veel van de waardevolle leringen van de Heiland beter begrijpen en waarderen. We zien beter in hoe Hij ons tot zegen kan zijn als we deze leringen naleven.
Sta open voor ingevingen van de Heilige Geest terwijl je meer over dit hulpmiddel leert. Zo ga je inzien hoe je je Schriftstudie zinvoller kunt maken.
Vaardigheid: Vergelijkingen trekken
Om de cursisten deze Schriftstudievaardigheid bij te brengen, is deze les opgedeeld in de volgende delen: ‘Definitie’ (de vaardigheid definiëren), ‘Voorbeeld’ (de cursisten voorbeelden geven en ze de vaardigheid uitleggen) en ‘Oefening’ (de cursisten de kans geven om de vaardigheid te oefenen).
Definitie
Lees het volgende voor of vat het samen.
Vergelijkingen trekken in de Schriften betekent overeenkomsten en verschillen tussen verhalen, concepten of mensen opmerken. Deze vergelijkingen kunnen ons impliciete waarheden helpen ontdekken (waarheden die we anders misschien over het hoofd zouden zien). We kunnen vergelijkingen binnen één vers, in hoofdstukken of in meerdere boeken trekken.
Trek vergelijkingen door jezelf tijdens je Schriftstudie de volgende vragen te stellen:
Toon eventueel de volgende vragen. De cursisten zullen deze gedurende de les gebruiken.
-
In welke opzichten lijken de verhalen, concepten of mensen in dit verhaal op elkaar? Waarin verschillen ze?
-
Wat kan ik van deze vergelijking leren?
-
Wat heb ik vandaag de dag aan deze vergelijking?
-
Hoe kan ik door wat ik leer de Heer meer liefhebben of volgen?
Voorbeeld
Bereid uw cursisten voor om zelf met deze vaardigheid te oefenen. Het kan nuttig zijn om ze eerst aan de hand van een verhaal uit de Schriften uitleg te geven. U kunt dit doen aan de hand van het verhaal van de voorsterfelijke raadsvergadering in de hemel, waarbij u stilstaat bij de daden van Jezus Christus en Satan. U kunt ook een ander verhaal gebruiken, zoals:
-
De mensen in de tijd van Henoch (Mozes 7:17–19) en de mensen in de tijd van Noach (Mozes 8:28–30)
-
Abraham en Lot kiezen in welk land ze willen wonen (Genesis 13:8–13)
Toon de onderstaande afbeelding en vraag de cursisten wat ze over de gebeurtenis weten.
In de voorsterfelijke hemelse raad presenteerde onze hemelse Vader zijn plan voor het heil van zijn kinderen. Voor zijn plan was er een Heiland nodig.
Wijs eventueel op de vier vragen die eerder zijn getoond en laat de cursisten hun antwoorden in een studiedagboek noteren terwijl ze de volgende verzen lezen.
Lees Mozes 4:1–2 en ga na hoe Jezus Christus en Satan op God reageerden.
Vraag de cursisten naar hun antwoorden op deze vragen.
In hun antwoord op de vraag om de Heiland met Satan te vergelijken, kunnen ze waarheden als de volgende noemen:
-
Jezus Christus streeft er nederig naar om de wil van zijn hemelse Vader te doen. Satan is zelfzuchtig uit op zijn eigen eer en glorie.
-
Onze hemelse Vader koos Jezus vanaf het begin als Heiland van de wereld. Satan kwam in opstand tegen onze hemelse Vader en Jezus Christus.
Oefening
Laat de cursisten deze oefening alleen, met een klasgenoot of in groepjes doen.
In de aanvullende leeractiviteiten van deze les staan extra opties.
Kies een van onderstaande studie-opties. Gebruik de getoonde aanwijzingen om vergelijkingen te trekken en betekenisvolle waarheden te ontdekken.
De studie-opties:
-
Het verhaal van de twaalf verkenners. Mozes stuurde twaalf verkenners uit om te zien hoe het land Kanaän en de mensen eruitzagen (zie Numeri 13:17–20). Toen ze terugkwamen, brachten tien verkenners een ander verslag uit dan Kaleb en Jozua (de twee andere verkenners). Lees Numeri 13:26–33; 14:6–9, waarin de verschillende verslagen worden vergeleken.
-
De regering van koning Salomo. Koning Salomo volgde zijn vader, David, op als koning na diens dood. Salomo’s verlangens en de beloften van de Heer aan hem veranderden in de loop der tijd. Lees 1 Koningen 3:3, 7–12; 11:4–6, 9–11, waarin Salomo’s verlangens en de beloften van de Heer aan hem aan het begin en aan het einde van zijn regering met elkaar worden vergeleken.
-
Herders van Israël. De Heer gaf de Israëlitische leiders raad bij monde van zijn profeet Ezechiël en noemde hen ‘herders van Israël’ (Ezechiël 34:2). Lees Ezechiël 34:2–6, 11–16 en vergelijk de herders van Israël met de Heer, onze goede Herder.
Wanneer de cursisten de activiteit hebben afgerond, kunnen ze hun antwoorden op de getoonde vragen bespreken met een andere cursist of een groepje dat een ander verhaal heeft bestudeerd. Vraag een aantal cursisten om klassikaal verslag van hun bevindingen uit te brengen. Vrijwilligers mogen de gevonden waarheden ook op het bord zetten en uitleggen waarom ze die betekenisvol vinden.
Hier volgen enkele voorbeelden van waarheden die cursisten kunnen noemen:
-
De Heer kan ons sterken als we ervoor kiezen om met geloof in plaats van twijfel met onze problemen om te gaan.
-
De Heer zal ons zegenen als we Hem meer liefhebben dan de dingen van deze wereld.
-
We gaan meer op de Heer lijken als we naar anderen omkijken en voor hen zorgen.
Als u voldoende tijd hebt, kunt u de cursisten vragen om vergelijkingen te blijven trekken aan de hand van een verhaal of tekstblok naar keuze. Ze kunnen dan vertellen wat ze van die vergelijkingen hebben geleerd.
Tot slot
Zoek tijdens je Schriftstudie naar manieren om de vaardigheid vergelijkingen trekken toe te passen. Als je bijvoorbeeld iets bestudeert over iemand die een slechte keuze heeft gemaakt, denk dan aan iemand anders in de Schriften die een goede beslissing nam. Als je leest over een profeet van de Heer die verworpen werd, kijk dan of je je een ander moment kunt herinneren dat mensen zijn profeten aanvaardden.
Je kunt je bevindingen in je Schriften of in een studiedagboek noteren.
-
Wat kan wat je vandaag hebt geleerd betekenen voor je persoonlijke Schriftstudie?
Sluit eventueel af met uw getuigenis van de Schriften en de waarheden die ze bevatten.
Het kan nuttig zijn om in latere lessen terug te komen op deze Schriftstudievaardigheid en de cursisten te vragen hoe het daarmee gaat.