Seminarie
Evangeliebeginselen in de Schriften vinden: Leerstellingen en beginselen leren identificeren


‘Evangeliebeginselen in de Schriften vinden: Leerstellingen en beginselen leren identificeren’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)

‘Evangeliebeginselen in de Schriften vinden: Leerstellingen en beginselen leren identificeren’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht

Schriftstudievaardigheden: les 167

Evangeliebeginselen in de Schriften vinden

Leerstellingen en beginselen leren identificeren

Seminary student studying in Ecuador

Schriftstudie heeft veel meer impact als we actief zoeken naar evangeliewaarheden die ons dichter tot onze hemelse Vader en Jezus Christus brengen. Deze les kan het vermogen van cursisten vergroten om evangeliebeginselen in de Schriften te vinden die hen dichter tot de Heer brengen.

Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten in hun Schriften markeren of noteren wat ze van hun persoonlijke Schriftstudie hebben geleerd. Ze kunnen dan een vriend(in) of familielid vragen om dezelfde Schrifttekst te lezen en te vertellen wat hij of zij ervan leert, en dan hun inzichten vergelijken.

Mogelijke leeractiviteiten

De Schriften bevatten evangeliewaarheden

De volgende metafoor biedt misschien nuttige inzichten in de manier waarop verhalen uit de Schriften evangeliewaarheden bevatten. Zo kunt u de cursisten duidelijk maken dat het waardevol is om evangeliewaarheden in de Schriften te vinden. Neem eventueel een banaan mee naar de les, of een ander stuk fruit met een schil die binnen uw cultuur meestal niet wordt opgegeten. Laat een vrijwilliger het stuk fruit opeten. Wanneer de cursist de schil eraf heeft gepeld en de eerste hap heeft genomen, kunt u doen alsof u verbaasd bent en vragen waarom hij of zij niet van de schil eet. Stel daarna de volgende vraag.

(Als er geen fruit beschikbaar is, kunt u dit gedeelte aanpassen om een vergelijkbare bespreking op gang te brengen door een afbeelding van een stuk fruit te laten zien of er een op het bord te tekenen.)

  • Waarom is een bananenschil wel belangrijk, ondanks dat we die niet opeten?

    Maak de cursisten duidelijk dat de schil het deel dat we eten beschermt, conserveert en schoon houdt.

    Laat de cursisten daarna klassikaal of met een medecursist hun inzichten bespreken.

  • Als we verhalen uit de Schriften met een bananenschil vergelijken, wat zou het deel dat we eten dan kunnen voorstellen? (Met andere woorden, wat beschermen, conserveren en houden de verhalen schoon voor ons?)

Leg zo nodig uit dat we verder moeten kijken dan de verhalen, en de waarheden moeten ontdekken die God ons wil leren om meer uit de Schriften te halen. De verhalen zelf zijn als een schil die evangeliewaarheden bevat en bewaart, waardoor we Christus beter kunnen leren kennen en volgen.

Lees het volgende citaat voor en laat de cursisten nagaan waarom het belangrijk is om bij onze studie naar evangeliewaarheden te zoeken.

Ouderling David A. Bednar van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft gezegd:

Elder David A. Bednar, Quorum of the Twelve Apostles official portrait. 2020.

Ik weet dat de leer en beginselen van het evangelie van Jezus Christus ons betrouwbaar de juiste weg wijzen, en tot bestendige vreugde op aarde en in de eeuwigheid voeren. […] Ik getuig […] met blijdschap dat onze levende Heiland de bron is waaruit deze waarheden vloeien. (‘De beginselen van mijn evangelie’, Liahona, mei 2021, 126.)

  • Hoe zou je samenvatten wat ouderling Bednar hier zegt?

Help de cursisten om een waarheid als de volgende uit de uitspraak van ouderling Bednar te halen: Evangelieleerstellingen en -beginselen komen van Jezus Christus en zijn bronnen van leiding en bestendige vreugde.

(NB Het verschil tussen leerstellingen en beginselen wordt niet in deze les behandeld. In deze les worden zowel leerstellingen als beginselen met de algemenere term ‘evangeliewaarheden’ aangeduid. In de aanvullende bronnen van deze les staan citaten die u kunt gebruiken als u denkt dat het nuttig is dat uw cursisten het verschil tussen leerstellingen en beginselen begrijpen.)

Laat de cursisten evalueren in hoeverre ze evangeliebeginselen in de Schriften kunnen vinden door ze over de volgende stellingen te laten nadenken.

Geef op een schaal van 1–5 aan in hoeverre de volgende uitspraken voor jou opgaan. (1 = zelden; 5 = bijna altijd)

  • Ik heb er vertrouwen in dat ik evangeliewaarheden in de Schriften kan vinden.

  • Ik zoek regelmatig naar waarheden in de Schriften die me dichter tot mijn hemelse Vader en Jezus Christus brengen.

Moedig de cursisten aan om de Heilige Geest te zoeken, zodat ze waarheden uit de Schriften beter leren herkennen die onze hemelse Vader voor ons heeft bewaard.

Voor de volgende activiteiten kunt u eerst het stukje ‘Definitie’ en ‘Voorbeeld’ bij elke vaardigheid doornemen en de cursisten vervolgens tegelijk met beide vaardigheden laten oefenen. Gebruik een van de Schriftideeën uit het oefengedeelte van de vaardigheden.

Vaardigheid: Duidelijk geformuleerde waarheden identificeren

Definitie

Een duidelijk geformuleerde waarheid is een type evangeliebeginsel dat je tijdens je studie kunt ontdekken. Zulke waarheden worden in de Schriften in een eenvoudige zin geformuleerd.

Voorbeeld

Toon de cursisten een voorbeeld van een duidelijk geformuleerde waarheid door de volgende tekst of een van uw lievelingsverzen met een duidelijk geformuleerde waarheid te lezen.

Lees Spreuken 3:5–6. Zoek en markeer een duidelijk geformuleerde waarheid.

  • Wat heb je gemarkeerd?

    De cursisten noemen wellicht een waarheid als: ‘Vertrouw op de Heere met heel je hart, […] dan zal Hij je paden recht maken.

  • Waarom vind je de waarheid die je hebt gemarkeerd belangrijk?

Oefening

U kunt de cursisten hier bijvoorbeeld mee laten oefenen door ze de Schriftteksten kerkleerbeheersing en kerngedachten in het Basisdocument kerkleerbeheersing (2023) erbij te laten pakken. Laat de cursisten dan een aantal verzen openslaan en duidelijk geformuleerde waarheden opzoeken.

Als de cursisten voldoende tijd hebben gehad om de activiteit te doen, laat u ze met een klasgenoot of in een groepje bespreken welke waarheden ze hebben gevonden.

Vaardigheid: Impliciete waarheden identificeren

Definitie

Een ander type evangeliewaarheid dat je tijdens je studie kunt ontdekken, is een impliciete waarheid. Deze waarheden worden geïmpliceerd in langere passages of verhaallijnen waardoor we moeten nadenken over wat onze hemelse Vader ons ervan wil laten leren. We kunnen deze beginselen vinden door onszelf vragen als deze te stellen.

Toon of zet deze vragen eventueel op het bord.

  • Zijn er belangrijke concepten, zinsneden of symbolen die je iets over onze hemelse Vader of Jezus Christus leren?

  • Komen er oorzaak-en-gevolg-verbanden (als/dan) in dit verhaal voor?

  • Waarom zou de schrijver door God zijn geïnspireerd om deze gebeurtenissen of passages erin op te nemen?

Voorbeeld

Laat een vrijwilliger Numeri 21:5–9 voorlezen. Hierin staat het verhaal van God die de Israëlieten onderwijst en geneest die door giftige slangen waren gebeten. Moedig de cursisten aan om tijdens het luisteren te letten op impliciete waarheden in het verhaal door zichzelf de bovenstaande vragen te stellen.

Vraag vrijwilligers na het lezen welke impliciete waarheden ze hebben ontdekt. Moedig de cursisten aan om naast deze verzen een waarheid in hun Schriften te noteren.

Mogelijke impliciete waarheden in dit verhaal:

  • God en zijn profeten bekritiseren, leidt uiteindelijk tot verdriet.

  • De profeet richt onze blik op Jezus Christus.

  • God is barmhartig en bereidt een weg voor ons om genezen te worden.

U kunt erop wijzen dat Jezus Christus dit verhaal gebruikte om duidelijk te maken dat wie in Hem geloven en Hem volgen, het eeuwige leven zullen hebben (Johannes 3:14–16).

Oefening

Teken aan het begin van deze activiteit een half gepelde banaan op het bord.

Showing different banana's

Toon de volgende instructies en tekstverwijzingen en laat de cursisten de activiteit individueel of met een partner doen. Vraag de cursisten om naar voren te komen wanneer ze een waarheid hebben gevonden en die naast de banaan op het bord te zetten.

Bestudeer een van de onderstaande verhalen uit de Schriften of kies een ander verhaal.

  1. Markeer tijdens het lezen waarheden die al duidelijk in de Schriften zijn geformuleerd.

  2. Noteer na het lezen in je eigen woorden ten minste één impliciete waarheid die je van het verhaal hebt geleerd.

  3. Bedenk waarom je de gevonden waarheden belangrijk vindt en hoe onze hemelse Vader volgens jou wil dat je ze toepast.

1 Samuel 17:44–49 (David vecht tegen de reus Goliath)

2 Koningen 6:14–18 (een Syrisch leger omsingelt de stad om Elisa gevangen te nemen)

Richteren 6:11–16 (Gideons oproep om zijn volk te redden van een leger dat binnenvalt)

Wanneer de cursisten klaar zijn, laat u ze waarheden noemen die andere cursisten op het bord hebben gezet en die voor hen betekenis hebben. Vraag de cursisten te vertellen waarom ze de waarheid belangrijk vinden en hoe ze die waarheid kunnen toepassen. U kunt ook vragen of iemand iets heeft meegemaakt waardoor hij of zij weet dat iets wat op het bord staat waar is.

Tot slot

Herinner de cursisten eventueel aan hun persoonlijke Schriftstudiedoel dat ze voor dit semester hebben gesteld. Als ze nog geen doel hebben gesteld, moedig ze dan aan om dat te doen.

Moedig de cursisten aan om met hun doel in gedachten de volgende vragen in hun studiedagboek te beantwoorden. Moedig ze aan ervoor open te staan om hun doel bij te stellen als ze zich daartoe geïnspireerd voelen.

  • Welke vaardigheden spraken jou aan waar je bij je individuele of gezinsstudie wat aan hebt?

  • Hoe kun je dichter tot de Heiland komen door tijdens je Schriftstudie evangeliebeginselen te vinden en overdenken?

Vraag in de komende lessen elke dag een of meer cursisten om iets over een waarheid te vertellen die ze tijdens hun individuele of gezinsstudie hebben gevonden. Bedenk manieren om in toekomstige lessen de cursisten met deze belangrijke vaardigheid te laten oefenen.