Aangestipt
Wat betekent ‘u zult niet begeren’?
Begeren betekent ‘afgunstig op iemand zijn of een ongepast sterk verlangen naar iets hebben’. Het laatste van de tien geboden was het gebod om niets te begeren dat aan een ander toebehoort (zie Exodus 20:17).
De Heer had al een gebod gegeven om niet te stelen (zie Exodus 20:15), dat wil zeggen, niets te nemen dat aan een ander toebehoort. Maar met het tiende gebod liet de Heer ons ook weten dat Hij ‘het hart aan[ziet]’ (1 Samuel 16:7), en niet alleen onze uiterlijke daden.
Onze verlangens doen ertoe, want ‘verlangens sturen onze prioriteiten, prioriteiten beïnvloeden onze keuzes, en keuzes bepalen onze daden’. Daarom kunnen onze verlangens ook ons geluk bepalen. En de Heer wil dat wij gelukkig zijn. Dat is een van de redenen dat Hij ons geboden heeft om niet te begeren.
‘Begeren […] brengt schade toe aan de ziel. Het heeft ons in zijn macht. Daardoor zijn we eigenlijk constant ontevreden. Vaak heeft het andere zonden en financiële schulden tot gevolg.’