Jeugd aan het woord
Kiezen om te zingen
Illustratie, Katelyn Budge
Ik ging altijd graag naar de kerk, maar er was iets wat ik nooit echt leuk vond: lofzangen zingen.
Hoezeer mijn ouders me ook aanmoedigden, ik vond er gewoon niks aan. Ze gaven me zelfs op voor het koor voor de ringconferentie, in de hoop dat het zou helpen. Maar ik zong nog steeds niet – ik bewoog alleen mijn lippen zodat het leek alsof ik meezong.
Toen kwam er een moment dat alles veranderde.
Tijdens de algemene aprilconferentie van 2025 hield president D. Todd Christofferson een toespraak die me diep raakte. Hij zei: ‘We aanbidden door lofzangen te zingen (niet alleen maar te luisteren, maar mee te zingen).’
Die woorden drongen diep tot me door. Ik had het zingen van lofzangen nooit als een vorm van aanbidding beschouwd. Plotseling had ik er spijt van dat ik al die keren had gekozen om stil te zijn in plaats van mee te zingen. Ik nam me meteen voor om vanaf dat moment niet alleen te zingen, maar ook anderen aan te moedigen om te zingen, door over mijn ervaring te vertellen.
Onze bisschop had ons als jongeren vaak aangemoedigd om naar conferentietoespraken te kijken en te luisteren. Hij zei dat ze ons in ons dagelijks leven zouden helpen. Dat begreep ik pas echt na deze toespraak. Nu zie ik hoe krachtig en persoonlijk de boodschappen kunnen zijn.
Hierdoor is mijn getuigenis gesterkt. Ik weet nu dat zelfs iets eenvoudigs als een lofzang zingen ons dichter tot onze hemelse Vader kan brengen.
Stephen C. (14), Telangana (India)
Studeert graag om uit te blinken op school, speelt cricket, schrijft citaten op en kijkt televisie.