‘Dankzij de tempel’, Vriend, september 2025, 30–31.
Pioniers in elk land
Dankzij de tempel
Een waargebeurd verhaal uit Vanuatu.
‘De zendelingen zijn er!’ riep Graham. Hij zwaaide naar de zendelingen terwijl ze op hun huis af liepen.
Mama, papa en Grahams grote broer, Nunu, waren vorig jaar gedoopt. Graham en zijn kleine broertje, Job, waren nog te jong om gedoopt te worden. Maar ze vonden het nog steeds leuk om van de zendelingen te leren.
‘Vandaag willen we het over de tempel hebben’, zei ouderling Hale. ‘Het is een bijzonder gebouw waar je beloften aan God kunt doen en aan je familie verzegeld kunt worden. Jullie kunnen dus voor eeuwig samen zijn!’
‘De dichtstbijzijnde is in Nieuw-Zeeland.’ Ouderling Singh liet een foto van een prachtig wit gebouw zien. ‘Het is een lange reis. Maar de zegeningen zullen het waard zijn.’
‘We willen gaan’, zei mama.
Grahams ouders planden hun tempelreis met een ander gezin uit de kerk. Zij zouden de eerste twee gezinnen uit Vanuatu zijn die de tempel zouden binnengaan!
Een paar maanden later brak de dag aan waarop ze op reis gingen. Voor Graham was het de eerste keer in een vliegtuig. Hij vond het leuk. Hij keek naar de wolken, en naar de zee onder hen. In gedachten zag hij het grote witte gebouw voor zich. Hij kon niet wachten om het te zien!
Toen ze eenmaal geland waren, stapten ze in een bus. Het was een hobbelige rit en Graham was moe. Maar ze waren er bijna.
‘Kijk!’ Graham wees uit het raam. Daar stond de tempel! Hij was zelfs nog mooier dan op de foto’s.
In de tempel was het rustig en vredig. Ze trokken witte kleren aan. Graham en zijn broers zaten een tijdje in de wachtkamer naar platen van Jezus Christus te kijken.
Toen bracht een tempelwerkster ze naar de verzegelkamer. Grahams ouders zaten geknield aan een altaar bedekt met zachte stof. Ze zagen er zo gelukkig uit!
Graham en zijn broers knielden naast mama en papa. Ze keken naar de grote, hoge spiegels aan de muren. Hun weerspiegeling ging eindeloos door.
‘De spiegels zijn er om je eraan te herinneren dat jullie eeuwig samen kunnen zijn’, zei de tempelwerkster.
Graham voelde zich gelukkig en veilig. Het was net alsof de Heiland hem een dikke knuffel gaf.
Het was al gauw tijd om naar huis te gaan. In de bus en in het vliegtuig bleef Graham denken aan het bijzondere gevoel dat hij in de tempel had.
Een paar dagen later stak er een hevige storm op. Het leek wel of de palmbomen doormidden zouden breken!
Graham was bang. ‘Komt alles goed?’
‘Ja’, zei papa. ‘Maar de wind is sterk. De zendelingen zeiden dat we ons in het kerkgebouw moesten verzamelen tot de storm voorbij is.’
Graham hielp mama om wat eten en dekens naar de kerk te dragen. Het waaide zo hard!
Eenmaal binnen voelde Graham zich een beetje beter. Al hun vrienden van de kerk waren er. Maar hij kon de wind nog steeds horen gieren.
‘Wat gebeurt er met ons huis?’ vroeg Graham.
‘We zullen moeten wachten tot na de storm.’ Mama gaf hem een knuffel. ‘Het belangrijkste is dat ons gezin veilig is. Weet je nog hoe je je in de tempel voelde?’
Graham knikte. ‘Ik voelde me warm en veilig.’
Papa glimlachte. ‘En dankzij Jezus Christus en onze tempelverzegeling kunnen we voor eeuwig samen zijn.’
Graham dacht aan het warme, vredige gevoel dat hij in de tempel had gehad. Papa had gelijk. Dankzij Jezus Christus en tempelverbonden konden ze voor eeuwig een gezin zijn. En omdat hij dat wist, zou alles echt goed komen.
Illustraties, Eduardo Marticorena