‘Moedig genoeg’, Vriend, december 2024, 40–41.
Moedig genoeg
Terry verstijfde. Hij wist niet dat er kinderen zouden zijn die hij niet kende.
Dit verhaal speelde zich af in Taiwan.
‘Ben je klaar?’ Terry’s oudere zus, Hailey, stak haar hoofd in zijn kamer. ‘Het is tijd om het kerstspel te oefenen.’
O ja! Terry en Hailey deden mee aan een kerstspel in hun wijk.
‘Bijna klaar!’ Terry deed zijn jas aan en liep naar de voordeur. ‘Wie komen er nog meer?’
‘Mia en Jake. En een paar kinderen van Jakes school’, zei mama. ‘De andere kinderen gaan niet naar onze kerk, maar ze willen wel graag meedoen.’
Terry verstijfde. Hij wist niet dat er kinderen zouden komen die hij niet kende. Hij zou nooit moedig genoeg zijn om zijn teksten met hen erbij op te zeggen.
‘Ik wil er niet meer naartoe’, zei Terry.
‘Waarom niet?’ vroeg mama.
‘Ik ken die andere kinderen niet’, zei Terry. Hij was altijd zenuwachtig als hij met vreemde mensen moest praten.
‘Maar je kunt nieuwe vrienden ontmoeten. En ik ben er ook bij’, zei Hailey.
Terry schudde zijn hoofd. ‘Misschien de volgende keer. Kunnen we mijn teksten niet thuis oefenen?’
Mama knikte. ‘Goed dan. Maar als je aan het toneelstuk wil meedoen, moet je binnenkort toch met de andere kinderen repeteren.’
Terry oefende graag thuis. Dat was makkelijk! Maar hij wist dat hij ook met de andere kinderen moest oefenen.
Enkele avonden later kreeg Terry tijdens het gezinsgebed een idee.
‘Kunnen we bidden dat ik de moed zal hebben om mee te doen?’ vroeg Terry. ‘Misschien kan onze hemelse Vader me helpen.’
‘Natuurlijk’, zei papa. ‘Goed idee.’
Ze deden allemaal hun ogen dicht en vouwden hun armen.
‘Lieve hemelse Vader,’ bad papa, ‘zegen Terry alstublieft met de moed om met de andere kinderen te oefenen.’
Op de dag van de volgende repetitie liep Terry met mama en Hailey de kerk in. Zijn hart klopte snel, maar hij wilde het proberen. Hij vond dat hij er klaar voor was. Onze hemelse Vader en Jezus moeten me helpen! dacht hij.
‘Terry! We zijn zo blij dat je er bent’, zei zuster Tee.
Terry glimlachte en knikte. Veel andere kinderen waren al aan het praten en lachen. Hij zag Jake en Mia. Maar hij kende de andere kinderen niet.
Zuster Tee zei waar de kinderen moesten zitten en wanneer ze hun woorden moesten opzeggen. Terry was nog steeds zenuwachtig om bij vreemde kinderen te zitten, maar hij probeerde aan papa’s gebed te denken. Daardoor voelde hij zich beter.
Ze oefenden de liedjes en hun tekst keer op keer. De kinderen die naast Terry zaten, waren aardig. Ze maakten hem constant aan het lachen!
Een paar dagen later was het tijd voor de uitvoering. De kerk was versierd met kerstbomen, lichtjes en linten. Iedereen droeg rood en groen.
Terry was bijna niet zenuwachtig meer. Hij vond het leuk om bij de andere kinderen te zijn, zelfs bij de kinderen die hij eerst niet kende!
Tijdens het toneelstuk voelde Terry zich goed. En toen het zijn beurt was om te spreken, zei hij zijn woorden luid en duidelijk op.
Na het toneelstuk ging Terry naar zijn familie.
‘Goed gedaan!’ zei papa.
Mama glimlachte. ‘Zo te zien had je veel plezier.’
‘Dat klopt! Ik ben blij dat ik dapper genoeg was om het te doen’, zei Terry.
Terry had het niet zonder mama, papa, Hailey en onze hemelse Vader kunnen doen. Om hulp bidden en moedig zijn was het helemaal waard!
Illustratie, Lisa Hunt