2025
Ik had de kerk verlaten. Waarom wilde mijn man dan lid worden?
April 2025


Jongvolwassenen

Ik had de kerk verlaten. Waarom wilde mijn man dan lid worden?

Wat zou het voor mij betekenen als mijn man lid van de kerk werd?

voeten voor een omkeersymbool op een houten pad

Toen mijn man, Joe, me vertelde dat hij zich wilde laten dopen, was ik allesbehalve enthousiast. Ik was in de kerk opgegroeid, maar in de loop der jaren had ik met bepaalde ideeën en beleidsregels geworsteld. Als jongvolwassene ging ik uiteindelijk niet meer naar de kerk en begon ik me naast een niet-religieuze levensstijl ook in andere godsdiensten te verdiepen.

Tijdens mijn verkenning in die periode ontmoette ik Joe en gingen we samenwonen. Mijn familie maakte zich zorgen om mij, maar we hadden altijd een goede band. Joe en ik gingen vaak naar familie- en religieuze gebeurtenissen om hen te steunen. Zo leefden we vier jaar, en ik was er blij mee.

Joe en ik trouwden uiteindelijk en al snel raakte ik zwanger. In die periode gingen we naar een familiereünie aan mijn kant van de familie. Tijdens de reünie hield mijn familie elke dag een devotional. Elk gezin gaf een les of gaf hun getuigenis. Een van de devotionals ging over het geweldige leven van mijn grootouders en de grote rol die de kerk daarin had gespeeld. Velen vertelden ook hoe het evangelie hun kracht en geluk had gebracht.

Het zelf willen weten

Toen we thuiskwamen, was Joe vastbesloten om met de zendelingen te spreken. Toen ik vroeg waarom, zei hij: ‘Ik moet er zelf achter komen waar je familieleden het over hadden.’ Ik zei dat hij dat dan maar moest doen. Ik dacht dat hij over de basisbeginselen zou leren en het dan welletjes zou vinden. Maar na drie lessen wilde Joe zich laten dopen!

‘Dit is wel heel snel’, zei ik. ‘Weet je zeker dat je weet wat het inhoudt om lid van de kerk te zijn?’

‘Het houdt in dat we naar de kerk gaan en het uitzoeken’, zei hij met een glimlach.

Ik was niet erg enthousiast, maar we spraken af dat hij de lessen kon blijven volgen, hoewel hij zich pas zou laten dopen als ik het goed vond.

Na een paar weken waren mijn gevoelens over de kerk nog niet veranderd. Maar Joe wel. Hij had geloof en gebed ontdekt. Hij had een gevoel van vrede en zelfvertrouwen dat hij nog niet eerder had gevoeld. En het was prachtig om te zien. Ik besloot dat ik hem dit niet kon afnemen, wat mijn gevoelens ook waren. We besloten dat als hij dit ondernam, we het samen zouden doen. Dus liet Joe zich dopen.

Veel aanwezigen bij de doop wisten dat ik in de kerk was opgevoed en gingen ervan uit dat ik dolblij moest zijn. Maar ik voelde een mengeling van trots zijn op Joe omdat hij zo moedig was, en angst voor wat dit zou betekenen voor ons leven samen.

Ons plan om dingen uit te zoeken

Ik begon met Joe naar de kerk te gaan, en we maakten een plan om met mijn zorgen om te gaan. De eerste stap was vaststellen wat mij precies stoorde aan het evangelie. We kochten een klein dagboek dat ik elke zondag meenam. Telkens als iemand iets zei dat me irriteerde, een Schrifttekst bekeek vanuit een perspectief dat ik vreemd vond, of over een beleidspunt sprak dat me in het verkeerde keelgat schoot, schreef ik mijn gevoelens op.

Ik krabbelde maandenlang in dat dagboek. Ik schreef dingen als: ‘Ik heb er een hekel aan als mensen … zeggen’, ‘Checkt dan niemand de feiten?’ en ‘Dit slaat nergens op.’ Door mijn gevoelens te uiten op het moment dat ik ze had, kon ik ze gemakkelijker begrijpen en verwerken. Als iets me vroeger dwarszat, bleef ik er de hele dag op broeden en verknoeide het mijn kerkervaring. Maar als ik in mijn dagboek schreef, kreeg ik de vrijheid om meer van de kerk te genieten, tussen de moeilijke momenten door. Ik haalde er meer uit dan ik in lange tijd had gedaan.

Nu ik had vastgesteld wat me dwarszat, was de volgende stap om vast te stellen waarom deze dingen me dwarszaten. Tijdens het avondeten op zondag bespraken Joe en ik wat ik in mijn dagboek had geschreven. Soms zei ik gewoon: ‘Dit is mijn gevoel. Ik weet niet waarom.’ Het vergde veel overleg, nadenken en bidden om dingen uit te zoeken. Ik heb altijd geloofd dat bidden de belangrijkste, nauwkeurigste bron van informatie over vrijwel alles is.

Door samen te werken, beseften Joe en ik dat als je weet wie je bent en wat je gelooft, er een beschermende muur om je hart wordt gebouwd. Dus na een tijdje in mijn dagboek te hebben geschreven en het met Joe en mijn hemelse Vader te hebben besproken, verdween mijn kritiek op de kerk.

glimlachend gezin

Angelina en Joe Hui met hun kinderen

Hoe zat het met de tempel?

Toen het bijna een jaar geleden was dat Joe gedoopt was, begon hij te vragen of we naar de tempel konden gaan. Opnieuw was mijn reactie: ‘Ho! Rustig aan! Daar ben ik nog niet klaar voor.’

Dus wachtte mijn geduldige man. Af en toe kwam hij met een vraag als: ‘Schat, ik heb een geweldig artikel over de tempel gelezen. Wil je het lezen?’ Of: ‘Hé schat, ik heb een prachtige video over de tempel gezien. Wil je hem samen met mij bekijken?’ Zijn enthousiasme was aandoenlijk, maar het hielp niet om mij op de tempel voor te bereiden. Uiteindelijk vroeg hij me op een dag rechtuit waarom ik me niet klaar voelde.

‘Je weet dat ik in mijn jeugd wat problemen met de kerk had’, zei ik. ‘Maar ik ging heel graag naar de tempel. Doopreizen deed ik het liefste. Ik vond het fijn hoe ik me in de tempel voelde, zo kalm en vredig. Maar ik weet niet hoe het met de rest van de tempel zit. Als iemand nu iets zegt of doet wat me stoort, wat dan? Als dat de tempel nu eens voor mij verpest? Wat voor zin heeft het om lid van de kerk te zijn als je niet naar de tempel kunt gaan? Dus ik wil niet gaan tot ik zeker weet dat niets me aan het wankelen kan brengen.’

Veel inzichten

Ik vond oplossingen voor de meeste van mijn bezwaren, maar ik worstelde nog steeds met deze vraag: hoe kon ik deel uitmaken van een kerk waar ik het niet altijd mee eens was? Dit bracht me bij de laatste stap om te leren van mijn dagboek. Ik besefte dat ik moest proberen te begrijpen waarom andere mensen geloven wat zij geloven en zeggen wat ze zeggen. Ik wilde weten waarom God de kerk had geleid tot hoe die vandaag de dag is.

Ik vond mijn antwoord via mijn man. Toen hij het Boek van Mormon voor het eerst begon te lezen, viel hem een regel van de titelpagina op: ‘En nu, indien er fouten zijn, zijn het de vergissingen van mensen; daarom, veroordeel niet de dingen van God.’ Joe had dit keer op keer geciteerd, maar nu betekende het iets meer voor mij.

Ik besefte dat de kerk in een onvolmaakte wereld bestaat die bevolkt wordt door onvolmaakte mensen. En daar val ik ook onder. We hebben allemaal momenten waarop we iets fout doen voordat we het goed doen. Ik besefte dat ik moest ophouden anderen te oordelen, net zoals ik niet zou willen dat zij mij oordeelden. We bevinden ons allemaal op een pad van leren en groeien.

Ik besefte ook dat de kerk van de Heer is. Hij heeft de kerk in handen. Ja, Hij werkt met onvolmaakte mensen, maar Hij geeft leiding aan zijn werk. Hij weet wat nodig is, en wanneer.

Hierna voelde ik me klaar om naar de tempel te gaan. Ik was blij dat het die dag net zo goed voelde als jaren daarvoor, toen ik meedeed aan doopdiensten. Precies drie jaar na onze huwelijksdag gingen mijn man en ik opnieuw naar de tempel om aan elkaar verzegeld te worden en onze zoon aan ons te laten verzegelen. Het was zo’n fijne en gelukkige dag. Ik bleef maar denken dat elk gezin zo behoorde te zijn: eeuwig. En ik besefte nog wat anders: hoewel ik tijd nodig heb om bepaalde beleidsregels of leerstellingen te begrijpen, zijn er ook zeldzame, prachtige waarheden in het herstelde evangelie van Jezus Christus. Een daarvan is dat ieder van ons daadwerkelijk met onze hemelse Vader kan praten en antwoorden kan ontvangen. Een andere is dat Hij ons bij monde van levende profeten leiding voor deze tijd geeft.

Door mijn ervaringen weet ik echt dat openbaring voor de kerk (gegeven door kerkleiders) en persoonlijke openbaring voor ieder van ons onze hemelse Vader in staat stellen ons door onze fouten en overwinningen heen te leiden. Als we zijn kaart voor ons leven volgen, kunnen we grote vreugde vinden door Hem en zijn Zoon, Jezus Christus, te kennen (zie Johannes 17:3). Ik ben trots om lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen te zijn.

De auteur woont in Indiana (VS).