Seminarie
Les 64: Oefening kerkleerbeheersing 4: De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen


‘Les 64: Oefening kerkleerbeheersing 4: De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen’, Oude Testament – materiaal voor de seminariecursist (2026)

vrouw op een kruising

Jozua 1–8; 23–24: Les 64

Oefening kerkleerbeheersing 4

De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen

Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.

Kerkleerbeheersing kan je helpen om je leven te leiden volgens Jezus Christus en zijn evangelie. Deze les helpt je om ware beginselen in de Schriftteksten kerkleerbeheersing toe te passen en goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis te leren en toe te passen.

Herhaling van de leer

Denk aan dingen waarvan je niet weet hoe je ze moet gebruiken, maar wel waarvóór ze worden gebruikt. Enkele voorbeelden:

vrouw naait met naaimachine
hand draait retro radioknop

Waarom is het belangrijk om niet alleen te weten wat iets is, maar ook hoe je het gebruikt? Hoe kunnen we dit beginsel toepassen op onze studie van de Schriftteksten kerkleerbeheersing?

Vandaag oefen je met Schriftteksten kerkleerbeheersing en de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis in praktijksituaties gebruiken. Streef naar inspiratie van de Heilige Geest om deze teksten en beginselen te leren en toe te passen.

tag (pictogram)Neem de eerste tien Schriftteksten kerkleerbeheersing en kerngedachten van het Oude Testament door. Controleer of je ze in je Schriften gemarkeerd hebt.

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Kerngedachte

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Mozes 1:39

Kerngedachte

‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid: de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen.’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Mozes 7:18

Kerngedachte

‘De Heer noemde zijn volk Zion, omdat zij één van hart en één van zin waren.’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Abraham 2:9–11

Kerngedachte

De Heer beloofde Abraham dat zijn zaad ‘deze bediening en dit priesterschap’ tot ‘alle natiën’ zou brengen.

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Abraham 3:22–23

Kerngedachte

We waren als geesten ‘georganiseerd eer de wereld was’.

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Genesis 1:26–27

Kerngedachte

‘God schiep de mens naar Zijn beeld.’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Genesis 2:24

Kerngedachte

‘Een man [zal] zich aan zijn vrouw hechten; en zij zullen tot één vlees zijn.’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Genesis 39:9

Kerngedachte

‘Hoe zou ik dan dit grote kwaad doen en zondigen tegen God?’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Exodus 20:3–17

Kerngedachte

De tien geboden

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Jozua 24:15

Kerngedachte

‘Kies voor u heden wie u zult dienen.’

Schrifttekst kerkleerbeheersing

Psalmen 24:3–4

Kerngedachte

‘Wie zal staan in Zijn heilige plaats? Wie rein is van handen en zuiver van hart.’

notitieblok (pictogram)Kies drie van deze Schriftteksten kerkleerbeheersing. Bedenk een scenario voor elke Schrifttekst kerkleerbeheersing. De leer in de tekst moet de persoon in het scenario helpen. Een scenario voor Jozua 24:15 kan bijvoorbeeld zijn:

Een meisje komt op een feestje in de verleiding om iets te doen wat de anderen allemaal doen, maar waarvan ze weet dat de Heer het zou afkeuren.

NB Kies andere passages dan Jozua 24:15.

delen (pictogram)Bespreek je scenario’s met iemand die je kent. Vertel hoe de Schrifttekst kerkleerbeheersing de persoon in het scenario kan helpen.

Leren en toepassen

Neem de tijd om de beginselen in het hoofdstuk Geestelijke kennis verkrijgen in het Basisdocument kerkleerbeheersing (2022) door te nemen.

notitieblok (pictogram)Maak het volgende scenario af in je notitieblok. Lees het volgende scenario en bedenk hoe de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis de persoon in deze situatie kunnen helpen.

Een jongeman die heet, voelt zich door onder druk gezet om het gebod van de Heer te overtreden. Hij krijgt vaak te horen dat het niet erg is om dit gebod te overtreden, omdat . Hij is in de war en weet niet wat hij moet doen.

Neem de volgende studie-opties door. Kies een of meer opties. Doe daarna de sectie ‘Wat nu?’ aan het eind van de les.

Optie A

Hoe kan ik in geloof handelen?

notitieblok (pictogram)Noteer onder het afgemaakte scenario in je notitieblok een mogelijke reactie op deze jongeman. Gebruik het beginsel ‘In geloof handelen’ om hem te laten weten wat hij moet doen.

Optie B

Hoe onderzoek ik ideeën en vragen vanuit een eeuwig perspectief?

notitieblok (pictogram)Noteer onder het afgemaakte scenario in je notitieblok een mogelijke reactie op deze jongeman. Gebruik het beginsel ‘Ideeën en vragen vanuit een eeuwig perspectief onderzoeken’ om hem te laten weten wat hij moet doen.

Optie C

Hoe kan ik naar meer inzicht streven met behulp van bronnen die God heeft aangewezen?

notitieblok (pictogram)Noteer onder het afgemaakte scenario in je notitieblok een mogelijke reactie op deze jongeman. Gebruik het beginsel ‘Naar meer inzicht streven met behulp van bronnen die God heeft aangewezen’ om hem te laten weten wat hij moet doen.

Wat nu?

notitieblok (pictogram)Schrijf een paar gedachten op over de volgende vragen:

  • Aan welke Schrifttekst kerkleerbeheersing of andere Schriftteksten zou de jongeman in het scenario iets kunnen hebben? Waarom?

  • Hoe kunnen de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis de jongeman in dit scenario helpen om te besluiten Jezus Christus te volgen?

  • Wat weet je over je hemelse Vader en Jezus Christus dat de jongeman in het scenario in gedachte zou kunnen houden?

Geef je mening

Lesdoel: De Schriftteksten kerkleerbeheersing toepassen, en de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis leren en toepassen.

delen (pictogram)Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:

  • De scenario’s die je hebt geschreven en de bijbehorende Schriftteksten kerkleerbeheersing.

  • Hoe de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis de jongeman in het afgemaakte scenario kunnen helpen.

  • Iets wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.

  • Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?