‘Klaagliederen 1; 3: “Zijn barmhartigheid [is] niet opgehouden”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)
‘Klaagliederen 1; 3: “Zijn barmhartigheid [is] niet opgehouden”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht
Jeremia 31–33; 36–38; Klaagliederen 1; 3: Les 136
Klaagliederen 1; 3
‘Zijn barmhartigheid [is] niet opgehouden’
Omdat de Heiland vervuld is met medeleven, is Hij bereid om te genezen, troosten en vergeven, zelfs als we tegen Hem zondigen. Nadat Jeruzalem wegens zonde en opstandigheid verwoest was, probeerde Jeremia de Joden duidelijk te maken dat de Heiland met ze meeleefde en dat ze daar hoop uit konden putten. In deze les kunnen de cursisten voelen dat de Heiland met ze meeleeft, zelfs als ze zondigen.
Voorbereiding van de cursist: Vraag de cursisten een verhaal uit de Schriften te bedenken waaruit blijkt dat de Heiland met ons meeleeft. De cursisten krijgen tijdens de les de kans om over dit verhaal te vertellen.
Mogelijke leeractiviteiten
Nadat we hebben gezondigd
Begin de les eventueel met het volgende scenario.
U kunt ook de video ‘Painted into a Corner’ vanaf tijdcode 0:00 tot 1:47 vertonen. Deze video staat op ChurchofJesusChrist.org. U kunt de rest van de video later tijdens de les bekijken.
Stel je voor dat een jongeman zijn best heeft gedaan om goede keuzes te maken. Op een dag geeft hij tijdens een feestje toe aan groepsdruk en drinkt hij alcohol omdat hij erbij wil horen. De volgende ochtend wordt hij eenzaam; gefrustreerd en met een schuldgevoel wakker. Hij begint langzaamaan andere slechte keuzes te maken en begint de hoop voor zijn toekomst te verliezen.
Zet de antwoorden van de cursisten op de volgende vragen op het bord. Gedurende de les wordt er steeds op deze antwoorden teruggekomen.
-
Hoe zien mensen zichzelf of voelen ze zich als ze zondigen?
-
Hoe zien ze onze hemelse Vader en Jezus Christus of voelen ze zich over Hen?
Laat de cursisten over deze vragen nadenken en hun eigen gevoelens evalueren.
-
Heb je weleens over een van de uitspraken op het bord nagedacht?
-
Welke van deze uitspraken kloppen niet? Waar twijfel je over?
Het is belangrijk dat we in gedachten houden dat we allemaal zondigen en ‘de heerlijkheid van God [missen]’ (Romeinen 3:23). Let bij je studie van Klaagliederen vandaag op ingevingen van de Heilige Geest om te weten wat onze hemelse Vader en Jezus Christus voor jou voelen, zelfs als je fouten maakt.
Berouw van zonde
Toon eventueel de volgende afbeelding. Vraag de cursisten wat ze op deze afbeelding zien of hoe ze zich daarbij voelen. Leg uit dat we op deze afbeelding Jeremia en zijn grote verdriet zien. De cursisten kunnen vertellen wat ze zich nog herinneren van het verhaal van Jeremia en waarom hij bedroefd was. Deel zo nodig de details uit de volgende alinea.
Ongeveer veertig jaar lang zei de Heer tegen Jeremia dat hij tot het huis van Israël moest profeteren over de verwoesting en gevangenschap van Jeruzalem als ze zich niet zouden bekeren en zich tot God wenden (zie Jeremia 16:1–13). Tijdens de regering van koning Zedekia verwoestten de Babyloniërs Jeruzalem en voerden ze veel mensen in gevangenschap weg, waarmee de profetie van de Heer in vervulling ging (zie Jeremia 52). Enige tijd na deze gebeurtenissen schreef Jeremia het boek Klaagliederen.
Leg uit dat er met het woord klaaglied een uiting van immens verdriet wordt bedoeld.
De volgende activiteit kan de cursisten meer inzicht geven in het leed van het volk van de Heer. Laat de cursisten de Schriftteksten eventueel met een klasgenoot of in groepjes bestuderen. Leg uit dat Jeremia de meeste verzen vanuit het perspectief van Jeruzalem schreef, alsof de stad zelf aan het woord is.
Lees een of twee van de volgende passages en let op woorden of zinsneden die aangeven hoe de mensen zich voelden nadat ze wegens hun zonden hadden geleden.
Klaagliederen 1:1–4
Klaagliederen 1:16–18
Klaagliederen 1:20–22
-
Welke woorden of zinsneden heb je gevonden?
Stel eventueel de volgende vraag om de cursisten hun bevindingen vanuit een eeuwig perspectief te laten onderzoeken.
-
Als je weet dat onze hemelse Vader en Jezus Christus van ons houden, waarom denk je dan dat Zij ons dit soort leed laten ondergaan als we zondigen?
Als de cursisten hulp nodig hebben om deze vraag te beantwoorden, kunt u ze in teksten als 2 Korinthe 7:9–10; Alma 42:18, 29; Leer en Verbonden 95:1 naar mogelijke antwoorden laten zoeken.
Het medeleven van de Heiland
De rest van de les kan de cursisten laten voelen dat de Heiland met ons meeleeft, zelfs als we zondigen.
Laat de cursisten de volgende teksten met een klasgenoot bestuderen en de bijbehorende vragen beantwoorden. Eén cursist bestudeert bijvoorbeeld vers 22–26 en de andere vers 31–33.
Denk na over de uitspraken op het bord aan het begin van de les. Lees Klaagliederen 3:22–26, 31–33 en let op woorden of zinsneden die je zou delen met iemand die zich zo voelt.
-
Welke woorden of zinsneden zou je delen? Waarom?
-
Welke waarheid uit deze verzen zou je hem of haar duidelijk willen maken?
De strekking van de antwoorden van de cursisten kan de volgende waarheid omvatten: De Heer leeft met ons mee, zelfs als we zondigen.
Als de cursisten hulp nodig hebben om medeleven te begrijpen, kunt u de volgende definitie van ‘medelijden’ voorlezen: ‘In de Schriften wordt medelijden in de letterlijke zin van “met een ander mee lijden” gebruikt; daarnaast betekent medelijden het tonen van sympathie, mededogen en barmhartigheid jegens een medemens.’ (Gids bij de Schriften, ‘Medelijden’, Evangeliebibliotheek.)
De cursisten kunnen de volgende activiteit doen om beter te begrijpen dat de Heiland met ze meeleeft. In plaats van een van de volgende opties te bestuderen, kunnen de cursisten ook aan een ander verhaal uit de Schriften denken waaruit blijkt dat de Heiland met ze meeleeft en dat bestuderen.
Bestudeer een van de volgende opties en ga na hoe je kunt ervaren dat de Heiland met jou meeleeft.
-
Bestudeer een van de volgende verhalen waaruit blijkt dat de Heiland met je meeleeft: Mattheüs 18:23–35; Johannes 8:1–11.
-
Bestudeer een of twee van de volgende Schriftteksten over het medeleven van de Heiland: Mosiah 15:7–9; Leer en Verbonden 64:2–4; Leer en Verbonden 101:9.
Laat de cursisten met elkaar bespreken wat ze hebben geleerd en gevoeld. U kunt ook enkele bereidwillige cursisten het aan de hele klas laten vertellen.
Het volgende getuigenis kan ook aan deze bespreking bijdragen.
Ouderling Dale G. Renlund van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft getuigd:
Jezus Christus kan zonden vergeven, omdat Hij de prijs voor onze zonden heeft voldaan.
Onze Heiland kiest ervoor om zonden te vergeven door zijn weergaloze mededogen, barmhartigheid en liefde.
Onze Heiland wil ons vergiffenis schenken, omdat dat een van zijn goddelijke eigenschappen is.
En, zoals de Goede Herder die Hij is, is Hij blij als we ervoor kiezen ons te bekeren.
Zelfs als we droefheid naar Gods wil voor onze daden voelen, wanneer we ervoor kiezen ons te bekeren, nodigen we onmiddellijk de Heiland in ons leven uit. (‘Bekering: een vreugdevolle keuze’, Liahona, november 2016, 123.)
Voelen dat de Heiland met mij meeleeft
-
Wanneer heb jij of heeft iemand die je kent het medeleven van de Heiland ervaren? (Vertel niet over zonden uit het verleden of over dingen die te persoonlijk zijn.)
Herinner de cursisten aan de jongeman uit het begin van de les.
-
Wat zou je deze jongeman vertellen op basis van wat je vandaag hebt geleerd?
Bekijk eventueel de rest van de video ‘Painted into a Corner’ vanaf tijdcode 1:48 tot 3:41. Als u de eerste helft van de video nog niet hebt laten zien, kunt u nu de hele video laten zien. Laat de cursisten op bewijs letten dat de Heiland met de jongeman meeleefde. Vraag de cursisten naar hun bevindingen.
U kunt afsluiten met uw getuigenis, gedachten of gevoelens over de Heiland.