‘Oefening kerkleerbeheersing 7: Kerngedachten uit het hoofd leren en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)
‘Oefening kerkleerbeheersing 7: Kerngedachten uit het hoofd leren en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht
Psalmen 49–51; 61–66; 69–72; 77–78; 85–86: Les 106
Oefening kerkleerbeheersing 7
Kerngedachten uit het hoofd leren en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen
Kerkleerbeheersing kan de cursisten helpen om hun fundament op Jezus Christus en zijn evangelie te bouwen. Deze les kan de cursisten helpen om de kerngedachten in Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het hoofd te leren en de goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toe te passen.
Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten de lijst met Schriftteksten kerkleerbeheersing en kerngedachten van het Oude Testament in de Evangeliebibliotheek doornemen. De cursisten kunnen één Schrifttekst en kerngedachte uit de lijst kiezen. Geef ze enkele minuten de tijd om die tekst en kerngedachte uit het hoofd te leren. Ze kunnen daarbij de app Kerkleerbeheersing op hun smartphone of tablet gebruiken.
Mogelijke leeractiviteiten
Herhaling kerkleerbeheersing: uit het hoofd leren
Om de cursisten te helpen Schriftteksten kerkleerbeheersing en kerngedachten uit het Oude Testament uit het hoofd te leren, kunt u ze in groepjes van vier indelen. Geef iedere cursist vier vellen papier die aan elkaar geniet zijn. Leg uit dat de cursisten hun stapeltje papier aan de andere cursisten in hun groepje zullen doorgeven. Tijdens deze activiteit zullen de cursisten iets tekenen. Herinner ze eraan om geen tekening van de Godheid te maken.
U kunt de volgende instructies één voor één tonen zodat de cursisten de activiteit kunnen doen. (Geef de cursisten één minuut de tijd voor stap 1 en 3. Geef ze dertig seconden voor stap 2 en 4.)
-
Kies een kerngedachte uit een Schrifttekst kerkleerbeheersing zonder die met je groepje te delen. Maak op je eerste vel papier een eenvoudige tekening van de kerngedachte van die Schrifttekst.
-
Geef de vellen door aan de cursist die links van je zit. Kijk naar de afbeelding op de eerste pagina. Noteer op de tweede pagina de Schrifttekst kerkleerbeheersing die volgens jou bij de afbeelding hoort.
-
Geef de vellen weer door naar links. Lees de Schrifttekst kerkleerbeheersing op de tweede pagina zonder naar de tekening op de eerste pagina te kijken. Maak op het derde vel papier een eenvoudige tekening van de kerngedachte van die Schrifttekst.
-
Geef de vellen weer door naar links. Kijk naar de tekening op de derde pagina zonder naar de Schrifttekst kerkleerbeheersing op de tweede pagina te kijken. Noteer op de vierde pagina de Schrifttekst kerkleerbeheersing die volgens jou bij de afbeelding hoort.
Laat de cursisten de vellen papier teruggeven aan de eerste cursist. Laat iedere cursist de tekeningen en geraden Schriftteksten met het eigen groepje delen. Elke cursist kan de oorspronkelijke kerngedachte voorlezen.
Laat de cursisten met hun groepje de Schriftteksten kerkleerbeheersing en kerngedachten van deze activiteit opzeggen. Ze kunnen die een paar keer herhalen.
Als u voldoende tijd hebt, kunt u de tekenactiviteit nog een keer doen met andere kerngedachten. Zorg ervoor dat de cursisten voldoende tijd (25–30 minuten) hebben voor de volgende activiteiten onder ‘De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis leren en toepassen’.
De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis leren en toepassen
Herhaal met de cursisten de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis. Aanbevolen herhalingsactiviteiten staan in het aanhangsel onder ‘Herhalingsactiviteiten kerkleerbeheersing’. Deze herhaling hoeft niet veel tijd te kosten, maar de cursisten moeten deze beginselen wel regelmatig herhalen zodat ze die zelf kunnen toepassen. Beschrijvingen van de beginselen staan in alinea 5–12 van het Basisdocument kerkleerbeheersing (2023). Laat de cursisten na de herhaling aan de hand van het volgende scenario oefenen met het toepassen van deze beginselen.
Na een recente zondagsschoolles over het belang van tempelbezoek beseft Paul dat hij al lang niet meer naar de tempel is geweest. Hij heeft wat fouten gemaakt waardoor hij zichzelf niet waardig voelt om het huis des Heren te betreden. Paul denkt dat God hem daarom niet in zijn tempel zou willen hebben.
-
Hoe zouden de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis iemand kunnen helpen die zich als Paul voelt?
De cursisten kunnen laten zien hoe elk beginsel Paul kan helpen. De rest van deze les helpt de cursisten om vragen vanuit een eeuwig perspectief te onderzoeken. Als u vindt dat de cursisten meer met de andere beginselen moeten oefenen, past u de les aan hun behoeften aan.
Een manier om vragen vanuit een eeuwig perspectief te onderzoeken, is door vragen te herkaderen (of er anders naar te kijken) op basis van wat de Heer heeft gezegd. (Zie alinea 8–9 van het Basisdocument kerkleerbeheersing [2023].)
U kunt de cursisten naast het Basisdocument ook wijzen op ‘Gods heilsplan biedt perspectief’ onder ‘Stel Jezus Christus centraal in je leven’ in ‘Naar antwoorden op je vragen zoeken’ in Onderwerpen en vragen in de Evangeliebibliotheek. Om de cursisten te laten zien hoe ze met de vraag van Paul kunnen omgaan, kunt u ‘Examining Questions with an Eternal Perspective’ (2:56) laten zien op ChurchofJesusChrist.org.
U kunt op het bord een kader tekenen. Zet de vraag van Paul in het midden van het kader. Laat de cursisten daaromheen de volgende vragen beantwoorden.
-
Welke veronderstellingen heeft Paul mogelijk over onze hemelse Vader, zijn plan en hoe Hij met zijn kinderen omgaat? Welke veronderstellingen heeft Paul mogelijk over zichzelf?
Mogelijke antwoorden die de cursisten kunnen vinden: ‘God houdt niet van mij’, ‘de tempel is alleen voor mensen die volmaakt zijn’, en ‘mijn fouten bepalen wie ik ben’.
-
Hoe kunnen deze veronderstellingen Pauls relatie met zijn hemelse Vader en Jezus Christus beïnvloeden?
Veeg de veronderstellingen uit en zet een nieuw kader op het bord. De cursisten kunnen dan oefenen met het herkaderen van de vraag van Paul. Laat de cursisten waarheden en Schriftteksten kerkleerbeheersing rondom het nieuwe kader op het bord zetten.
-
Welke waarheden over het plan van onze hemelse Vader of uit de leringen van de Heiland zouden Paul kunnen helpen zijn vraag te herkaderen of die vanuit Gods perspectief te bekijken?
-
Welke Schriftteksten kerkleerbeheersing kun je met Paul bespreken? Waarom?
De cursisten zouden de volgende antwoorden kunnen geven:
-
We moeten waardig zijn om de tempel te betreden (zie Psalmen 24:3–4).
-
De Heer kan ons van onze zonden reinigen en ons waardig maken (zie Jesaja 1:18; 53:3–5).
-
Onze identiteit als kind van God bepaalt wie we zijn (zie Genesis 1:26–27), niet onze zonden en fouten.
Gebruik desgewenst het citaat van ouderling Quentin L. Cook onder ‘Aanvullende bronnen’.
Om de cursisten te laten overdenken wat ze geleerd hebben, vraagt u ze het volgende te doen.
Schrijf aan de hand van wat je vandaag hebt geleerd en gevoeld een antwoord aan Paul waardoor hij zijn vraag vanuit het eeuwige perspectief van het plan van onze hemelse Vader en de leringen van Jezus Christus kan bekijken.
Laat enkele cursisten die dat willen hun antwoord aan de klas vertellen. Laat de cursisten naar elkaar luisteren en zich voorstellen hoe Paul zich zou voelen als hij deze antwoorden hoort.
Als u aan een ervaring moet denken, kunt u vertellen hoe het beginsel van ideeën en vragen vanuit een eeuwig perspectief onderzoeken u heeft geholpen om uw vragen of zorgen op te lossen.