Servicezendeling
4. Lichamelijk en emotioneel welzijn


‘4. Lichamelijk en emotioneel welzijn’, Zendingsnormen voor discipelen van Jezus Christus – servicezendelingen (2025)

‘Lichamelijk en emotioneel welzijn’, Zendingsnormen – servicezendelingen

Jezus Christus voedt een lammetje in een wei

4

Lichamelijk en emotioneel welzijn

4.0

Inleiding

Een zending kan zowel vreugdevol als moeilijk zijn. Met de normen in dit hoofdstuk en in Wennen aan het servicezendingsleven kun je je verstand en lichaam beter afstemmen op de Heer dienen. Neem deze normen geregeld door.

4.1

Lichamelijke gezondheid

Je gezondheid en veiligheid zijn uitermate belangrijk. Zorg ervoor dat je gezond blijft, zodat je met heel je hart, macht, verstand en kracht kunt dienen (zie Leer en Verbonden 4:2).

Jij en je familie zijn verantwoordelijk voor je medische behoeften. Soms valt een afspraak met een zorgverlener in je zendingsschema. Overleg in zulke gevallen tijdig met je servicezendingsadviseurs.

4.1.1

Algemene voedingsrichtlijnen

Hieronder volgen enkele algemene voedingsrichtlijnen:

  • Drink elke dag voldoende water. Je hebt misschien meer water en zout nodig als je gedurende de dag of tijdens lichaamsbeweging zwaar transpireert.

  • Eet evenwichtige maaltijden met groente, fruit, volkoren granen, gezonde vetten en eiwitten.

  • Beperk junkfood, koolzuurhoudende dranken, bewerkt voedsel en fastfood.

  • Volg het advies van je zorgverleners op over speciale voeding, medicijnen of andere gezondheidsregels die op je behoeften zijn afgestemd.

4.2

Lichaamsbeweging

Lichaamsbeweging houdt je gezond en helpt tegen stress. Maak lichaamsbeweging deel van je dagelijkse routine, naar je omstandigheden dat toelaten.

4.3

Emotionele gezondheid

Zendingswerk kan zwaar zijn. Het is normaal om van tijd tot tijd stress te hebben. De steun van je familie kan een belangrijke factor zijn om met stress te leren omgaan.

Je kunt stress ook tegengaan door gezond te eten, voldoende te bewegen, een goede nachtrust te krijgen, je te ontspannen en je geestelijk op te laden. Je kunt dat bijvoorbeeld doen door te bidden, na te denken, te studeren en regelmatig kerkdiensten bij te wonen.

Gebruik op je zending Wennen aan het servicezendingsleven om je stress binnen de perken te houden. Als je het moeilijk vindt om met stress om te gaan, of als je psychisch of emotioneel in nood bent, neem dan contact op met je ouders, voogden, bisschop of servicezendingsadviseurs.

Als je medicijnen voor een aandoening gebruikt, houd je dan aan het voorschrift en de adviezen van je arts.

4.4

Medische zorg

Neem je lichamelijke en emotionele gezondheid serieus. Zorg dat je voor je medische kwesties (zoals medicijnen die je gebruikt, allergieën die je hebt, of activiteiten die je moet mijden) de nodige steun van je ouders of voogden krijgt. Je kunt naar behoefte ook bepaalde medische gegevens aan je servicezendingsadviseurs of je toezichthouder op de servicelocatie doorgeven.

Als je medische hulp nodig hebt, wees dan verstandig en doe wat nodig is om je veiligheid of zorg te waarborgen. Bel zo nodig de plaatselijke hulpdiensten (112 in Europa), tenzij je andere instructies hebt gekregen. Neem zo snel mogelijk contact op met je ouders of voogden en je servicezendingsadviseurs.

Als je tijdens een serviceopdracht niet-spoedeisende medische zorg nodig hebt, bel dan meteen je ouders of voogden. Zij zullen je zeggen wat je moet doen. Probeer eventuele niet-spoedeisende zorg ruim van tevoren te plannen, zodat die je serviceopdrachten of zendingsschema niet in de weg staat.

4.5

Gevaarlijke situaties en bedreigingen

Je kunt veel gevaarlijke situaties voorkomen door je verstand te gebruiken en je aan de zendingsnormen in dit handboek te houden. Desondanks kun je altijd in een gevaarlijke situatie terechtkomen, ook al ben je voorzichtig. Als er een probleem is, rapporteer dat dan onmiddellijk aan je servicezendingsadviseurs.

Ga onmiddellijk weg als je je door een locatie, persoon of situatie ongemakkelijk voelt. Luister altijd naar de ingevingen van de Geest.

4.6

Huisvesting

Houd je ouderlijke woning op orde en doe je karweitjes. Houd je kamer netjes en schoon. Zorg ervoor dat je persoonlijke bezittingen, inclusief elektronische apparaten, in goede staat zijn en goed werken.

Overnacht of verblijf niet bij onderwijszendelingen.

4.7

Vervoer

Volg altijd de plaatselijke verkeersregels, wetten en gewoonten als je onderweg bent.

Het openbaar vervoer is meestal goedkoper dan autorijden. Als er openbaar vervoer is, overweeg daar dan gebruik van te maken om naar je zendingsopdracht te gaan.

Wees verstandig, neem je omgeving in je op en raak vertrouwd met je gebied. Volg de algemene veiligheidsnormen in dit handboek.

4.7.1

Autorijden

Als de thuissituatie het toelaat, mag je met je eigen of gezinsauto naar de zendingsopdrachten en activiteiten rijden. Alle autokosten, inclusief brandstof, onderhoud en verzekering, zijn voor rekening van de servicezendeling en zijn of haar familie.

Servicezendelingen en hun ouders nemen alle persoonlijke en aansprakelijkheidsrisico’s op zich. Als je rijdt, rijd dan defensief.

Servicezendelingen rijden niet met auto’s van de kerk, maar mogen wel als passagier meerijden. Servicezendelingen die in het zendingskantoor werkzaam zijn, mogen met toestemming van de afdeling Zendingswerk en met de juiste certificering wel auto’s van de kerk besturen.

Voordat je tijdens je serviceopdracht een auto van de gemeenschaps- of liefdadigheidsorganisatie mag besturen, moet je eerst een overeengekomen instructieplan volgen.

4.8

Ongelukken

Als je bij een ongeluk betrokken bent terwijl je van of naar je zendingsopdracht, bijeenkomsten of conferenties rijdt, bel dan zo nodig de politie of de hulpdiensten. Neem zo snel mogelijk contact op met je ouders. Neem vervolgens contact op met je servicezendingsadviseurs.

Als je op je werkplek bij een ongeluk betrokken bent, meld je dan bij je toezichthouder op de locatie. Die persoon belt zo nodig de politie of de hulpdiensten. Neem zo snel mogelijk ook contact op met je ouders en je servicezendingsadviseurs.

4.9

Eigen middelen

We raden je aan om verstandig te budgetteren en geld uit te geven. Het geld dat je tijdens je zending gebruikt, vertegenwoordigt de offers die jij, je familie en anderen hebben gebracht.

Leef volgens de beginselen van tiende en offergaven. Sparen is altijd verstandig.

Zamel geen geld in voor persoonlijke financiële steun of voor de organisaties waar je werkzaam bent.

4.10

Kleding en uiterlijk servicezendelingen

Omdat je bevoegd vertegenwoordiger van Jezus Christus en zijn herstelde kerk bent, bepaalt jouw uiterlijk vaak de eerste indruk die mensen krijgen. Draag kleding die gepast is voor je serviceopdrachten en in overeenstemming is met je heilige roeping.

Zorg er tijdens je hele zending voor dat je uiterlijk en gedrag ondersteunen wat je zegt en doet. Ze mogen niet van je doel als zendeling afleiden. Je kleding en uiterlijk moeten nederigheid, respect en geloof uitstralen.

Je voorkomen beïnvloedt wat mensen van jou als zendeling en van de kerk vinden. Het kan je ook voor gevaar beschermen.

Je gepast kleden en verzorgen, is een belangrijke vaardigheid waar je na je zending ook iets aan hebt. Volg tijdens zoneconferenties, gesprekken en onderwijsafspraken de richtlijnen voor kleding en persoonlijke verzorging op Kleding en uiterlijk. Op die website staan voorbeelden van gepaste, nette kledij voor je zending. Je zendingsleiders en het gebiedspresidium kunnen deze richtlijnen aan de plaatselijke omstandigheden aanpassen.

4.10.1

Algemene normen voor persoonlijke verzorging

Houd je aan de volgende normen voor lichaamsverzorging:

  • Neem zo mogelijk dagelijks een douche of bad.

  • Poets je tanden dagelijks.

  • Gebruik dagelijks deodorant.

  • Was je haar geregeld.

  • Was regelmatig je handen met water en zeep, onder andere voordat je voedsel bereidt, en na elk toiletbezoek.

  • Gebruik zonnebrandcrème wanneer je buiten bent en aan UV-straling wordt blootgesteld.

  • Kies een net, professioneel kapsel dat makkelijk te onderhouden is.

4.10.2

Garments

Als je begiftigd bent, volg dan de richtlijnen voor het dragen en onderhouden van het garment in paragraaf 38.5.5 en 38.5.6 van het Algemeen handboek. Kies garments van materiaal dat geschikt is voor het klimaat van je zendingsgebied.