Les 3
Je doel als zendeling verwezenlijken
Predik mijn evangelie, hoofdstuk 1
Het doel van iedere zendeling is: ‘Anderen uitnodigen tot Christus te komen door met jouw hulp het herstelde evangelie aan te nemen, met geloof in Jezus Christus en zijn verzoening, bekering, de doop, de gave van de Heilige Geest en volharding tot het einde.’ (Predik mijn evangelie, [2023], 1.) Als jonge mensen dit doel begrijpen en toepassen op alle aspecten van het zendingswerk, kan dat een verheffende uitwerking hebben op hoe ze over een zending denken, zich erop voorbereiden en daadwerkelijk dienen.
Evaluatie en follow-up
Gespreksleider: Laat de cursisten nadenken over hun recente pogingen om toe te passen wat ze in deze cursus leren. Laat ze er eventueel met een medecursist of klassikaal over spreken.
Opties voor leeractiviteiten
Gespreksleider: Kies onder gebed de leeroptie(s) waar uw klas het meest aan heeft. Houd voldoende tijd over voor oefening en toepassing.
Optie A: Wat is het doel van een zendeling?
Studie
Gespreksleider: Schets eventueel het volgende scenario om een bespreking over het doel van een zendeling op gang te brengen.
Stel je voor dat je een vriend(in) hebt die geen lid van de kerk is. Als je vriend(in) vraagt wat je vandaag gaat doen, zeg je dat je een zendingsvoorbereidingsklas gaat bijwonen. Je vriend(in) vraagt dan: ‘Wat doen zendelingen eigenlijk?’
Gespreksleider: Laat de cursisten overdenken of verwoorden wat ze zouden zeggen. Leg uit dat er weliswaar veel manieren zijn om de vraag te beantwoorden, maar dat het voornaamste doel van een zendeling aan het begin van hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie wordt samengevat. Laat de volgende instructies zien. Geef de cursisten enige tijd voor studie en bespreking met een medecursist of in een groepje.
Lees ‘Je doel’ (Predik mijn evangelie, 1) en het volgende citaat van ouderling D. Todd Christofferson.
Negeer alsjeblieft niet de vraag in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie: ‘Wat wordt er van mij verwacht als zendeling?’ Begrijp waarom het zo belangrijk is om mensen tot Christus te brengen door de beginselen en verordeningen van het herstelde evangelie. Dan begrijp je ook dat het evangelie verkondigen geen programma is. Het is een goed doel – het doel van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. (Zie D. Todd Christofferson, ‘Waarom wij het evangelie verkondigen’, Liahona, augustus 2014, 30.)
Bespreek welke uitwerking een diep besef van dit doel op het volgende kan hebben:
-
Hoe je je op een zending voorbereidt
-
Wat je doet als zendeling
Gespreksleider: Toon de volgende instructies om de cursisten het doel van zendelingen beter te laten begrijpen. U kunt de ene helft van de klas het eerste gedeelte laten markeren en de andere helft het tweede.
Lees ‘Je opdracht om het herstelde evangelie van Jezus Christus te verkondigen’ (Predik mijn evangelie, 1–2). Markeer bij je studie het volgende:
-
Redenen waarom we anderen uitnodigen om tot Jezus Christus te komen.
-
Wat we kunnen doen om anderen te helpen tot Jezus Christus te komen.
Gespreksleider: Vraag de cursisten naar hun bevindingen. Bespreek eventueel ook de volgende vraag:
-
Hoe heeft de Heiland volgen jou of mensen die je kent ‘meer geluk, hoop, vrede en zingeving’ (pagina 2) gebracht?
Gespreksleider: Overweeg ook uw eigen antwoord op de vorige vraag te geven. Vertoon desgewenst ook de video ‘After Searching So Long for It, Hope Showed Up on Their Doorstep’ (2:42; Evangeliebibliotheek). Laat de cursisten erop letten hoe het evangelie van Jezus Christus het echtpaar in de video tot zegen was.
Oefening
Gespreksleider: Neem de tijd om de cursisten te helpen ‘Je doel’ (Predik mijn evangelie, 1) uit het hoofd te leren. Zeg dit doel een paar keer klassikaal op en laat de cursisten vervolgens met een medecursist oefenen om het uit het hoofd op te zeggen.
Verwijs in deze cursus vaak naar het doel van een zendeling. Zeg het desgewenst aan het begin van elke les samen op.
Stel een doel
Gespreksleider: Geef de cursisten de tijd om te overdenken wat ze vandaag hebben geleerd en om enkele doelen te stellen. Toon eventueel het volgende om ze te helpen:
Stel een doel dat aansluit bij wat je bestudeerd hebt. Gebruik ideeën zoals de volgende of bedenk er zelf.
-
Blijf oefenen om je doel als zendeling uit het hoofd te leren. Deel het uit je hoofd met een familielid of vriend(in). Bedenk wat je al doet of kunt gaan doen dat deel uitmaakt van je doel als zendeling.
-
Ga naar de pagina ‘Het evangelie delen’ op ChurchofJesusChrist.org. Let op ideeën om anderen over het evangelie te vertellen.
-
Denk onder gebed aan iemand die je wilt helpen om dichter tot Jezus Christus te komen en de zegeningen van zijn evangelie te ervaren. Bepaal wat je gaat doen om hem of haar te helpen (bijvoorbeeld: ‘Ik ga voor deze persoon bidden en hem of haar uitnodigen om aanstaande zondag naar de kerk te komen’).
Mijn doel
-
Ik ga … (te ondernemen actie).
-
Ik ga mijn doel bereiken door … (een eenvoudig plan).
Gespreksleider: Als de cursisten hun doelen in een groepje met elkaar kunnen delen, geef ze dan de tijd om te overleggen hoe ze elkaar vóór de volgende les gaan steunen of aan hun doel herinneren.
Optie B: Hoe verandert de leer van Christus ons leven?
Studie
Gespreksleider: Zet eventueel de zinsnede De leer van Christus op het bord. Laat iemand het volgende citaat van president Russell M. Nelson voorlezen:
De zuivere leer van Christus is krachtig. Die leer verandert het leven van iedereen die haar begrijpt en ernaar streeft die toe te passen. (‘Zuivere waarheid, zuivere leer en zuivere openbaring’, Liahona, november 2021, 6.)
-
Als iemand je vroeg wat de leer van Christus is, wat zou je dan zeggen?
Gespreksleider: Laat de cursisten hun antwoorden op de vorige vraag vergelijken met de uitleg in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie. Om ze daarbij te helpen, geeft u ze de volgende instructies:
Ga in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie naar ‘Het evangelie en de leer van Christus’. Lees de eerste drie alinea’s en het citaat van Hyrum Smith (pagina 6). Zoek naar antwoorden op deze twee vragen:
-
Wat is de leer van Christus?
-
Waarom moet iemand die zich op een zending voorbereidt ernaar streven de leer van Christus te begrijpen en na te leven?
Gespreksleider: Vraag de cursisten wat ze van Predik mijn evangelie hebben opgestoken dat de voorgaande vragen beantwoordt.
De volgende studieactiviteit kan de cursisten meer inzicht geven in verschillende aspecten van de leer van Christus. Als de klas groot genoeg is, stelt u groepjes van vijf samen. Elk lid van de groep kan een ander aspect van de leer van Christus bestuderen
Kom meer over de leer van Christus te weten door de volgende paragrafen in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie (pagina 7–9) te bestuderen:
-
‘Bekering’
-
‘Doop’
-
‘Tot het einde toe volharden’ (Bestudeer ook 2 Nephi 31:19–20.)
Markeer tijdens je studie belangrijke woorden en zinsneden. Lees eventueel ook enkele bijbehorende Schriftteksten. Wees voorbereid om je bevindingen te delen.
Oefening
Gespreksleider: Laat de cursisten aan hun groepje uitleggen wat ze in de vorige activiteit hebben geleerd. Toon de volgende instructies:
Vat het aspect van de leer van Christus dat je hebt bestudeerd samen. Je kunt de volgende punten in je samenvatting opnemen:
-
Een korte beschrijving van wat je bestudeerd hebt
-
Hoe dit aspect van de leer mensen helpt om tot Christus te komen en toegang tot zijn verlossende macht te krijgen
-
Hoe jij of iemand die je kent is gezegend door dit aspect van de leer van Christus na te leven
Stel een doel
Gespreksleider: Geef de cursisten de tijd om te overdenken wat ze hebben geleerd en om doelen te stellen. Toon eventueel het volgende om ze te helpen:
Stel een doel dat aansluit bij wat je bestudeerd hebt. Gebruik ideeën zoals de volgende of bedenk er zelf.
-
Bestudeer 2 Nephi 31 en let op Nephi’s woorden over de leer van Christus.
-
Kies een aspect van de leer van Christus dat je meer met je leven wilt verweven. Overweeg hoe je dat gaat doen.
Mijn doel
-
Ik ga … (te ondernemen actie).
-
Ik ga mijn doel bereiken door … (een eenvoudig plan).
Gespreksleider: Als de cursisten hun doelen in een groepje met elkaar kunnen delen, geef ze dan de tijd om te overleggen hoe ze elkaar vóór de volgende les gaan steunen of aan hun doel herinneren.
Optie C: Wat maakt iemand tot een succesvolle zendeling?
Studie
Gespreksleider: Zet eventueel de volgende vraag en de antwoorden van de cursisten op het bord:
-
Hoe weet iemand of hij of zij een succesvolle zendeling is?
Gespreksleider: De volgende studieactiviteit kan de cursisten duidelijk maken hoe ze een effectieve zendeling kunnen zijn:
-
Lees de eerste negen alinea’s van ‘Een succesvolle zendeling’ in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie (pagina 13–14). Markeer de kenmerken van succesvolle zendelingen. Markeer op een andere manier (bijvoorbeeld met een andere kleur of andere manier van onderstrepen) zaken die geen graadmeter zijn van succes.
-
Bekijk de opsommingstekens op pagina 14. Kies twee of meer Schriftteksten om te lezen en ga na wat die over een succesvolle zendeling zeggen.
Oefening
Gespreksleider: Moedig de cursisten aan om het geleerde uit de vorige activiteit te gebruiken bij hun reactie op het volgende scenario. Laat de cursisten met een klasgenoot het scenario in een rollenspel uitbeelden.
Stel je voor dat je een bericht krijgt van een vriend(in) die op voltijdzending is. Je vriend(in) voelt zich als zendeling falen, omdat niemand die is onderwezen zich heeft laten dopen en hij of zij nooit een leidinggevende positie heeft gehad. De zendeling begint het gevoel te krijgen dat hij of zij tijd aan het verspillen is.
-
Breng je vriend(in) op grond van wat je hebt geleerd uit ‘Een succesvolle zendeling’ in hoofdstuk 1 van Predik mijn evangelie (pagina 13–14) op andere gedachten over wat het inhoudt om een succesvolle zendeling te zijn.
-
Vertel hoe je hoopt dat je vriend(in) anders over zijn of haar zending gaat denken door zich meer op Jezus Christus te richten.
Gespreksleider: Een andere manier om de cursisten op kenmerken van succesvolle zendelingen te wijzen, is de video ‘Missionaries of The Church of Jesus Christ of Latter-day Saints’ vertonen (4:56; ChurchofJesusChrist.org). De cursisten kunnen bespreken hoe de zendelingen in de video beginselen van succesvol zendingswerk beschrijven of aan de dag leggen.
Stel een doel
Gespreksleider: Geef de cursisten de tijd om te overdenken wat ze vandaag hebben geleerd en om enkele doelen te stellen. Toon eventueel het volgende om ze te helpen:
Stel een doel dat aansluit bij wat je bestudeerd hebt. Gebruik ideeën zoals de volgende of bedenk er zelf.
-
Denk aan iemand die je kent die momenteel op zending is. Schrijf een e-mailbericht of brief waarin je samenvat wat je vandaag hebt geleerd over een succesvolle zendeling zijn. Je kunt de zendeling ook vragen wat volgens hem of haar succes brengt.
-
Bedenk wat je nu kunt doen om je voor te bereiden in de toekomst een succesvolle zendeling te zijn.
Mijn doel
-
Ik ga … (te ondernemen actie).
-
Ik ga mijn doel bereiken door … (een eenvoudig plan).
Gespreksleider: Als de cursisten hun doelen in een groepje met elkaar kunnen delen, geef ze dan de tijd om te overleggen hoe ze elkaar vóór de volgende les gaan steunen of aan hun doel herinneren.
Volgende keer
Gespreksleider: Als u er klaar voor bent om les 4 de volgende keer te behandelen, laat de cursisten dan ter voorbereiding hoofdstuk 2 van Predik mijn evangelie bestuderen. U kunt ze ook een herinnering sturen.