2 Koningen 16–25: Les 87
2 Koningen 21–23
Koning Josia en het wetboek
Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.
Heb je je weleens afgevraagd hoe anders je leven er zonder de Schriften zou uitzien? Toen het koninkrijk Juda zich vroeger van God afkeerde, werd het heilige ‘wetboek’ (zie 2 Koningen 22:8, 11) genegeerd en raakte het uiteindelijk verloren. Toen het weer werd gevonden, speelde het een doorslaggevende rol om zowel koning Josia als zijn onderdanen terug naar de Heer te leiden. Deze les kan je helpen inzien hoe belangrijk het is dat we de Schriften hebben en bestuderen.
De Schriften bestuderen
Denk aan een alledaags voorwerp of activiteit om deze vraag mee aan te vullen:
-
Hoe zou mijn leven eruitzien zonder ?
Wat zou de invloed daarvan op mij zijn? Zou je leven moeilijker of makkelijker zijn zonder dat voorwerp of die activiteit?
Denk na over je eigen ervaringen en de volgende vraag:
-
Hoe zou je leven eruitzien zonder de Schriften?
Ouderling D. Todd Christofferson van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft uitgelegd waarom we de Schriften nodig hebben:
Wie het opgetekende woord Gods niet tot hun beschikking hebben of het naast zich neerleggen, verliezen uiteindelijk hun geloof in Hem en vergeten het doel van hun bestaan. (‘De zegen van Schriftuur’, Liahona, mei 2010, 33.)
Na verloop van tijd gingen de Schriften verloren en vergat het koninkrijk Juda God. De koningen Manasse en Amon zetten het volk aan tot slechte dingen, zoals afgoderij en zelfs het offeren van kinderen (zie 2 Koningen 21). Toen Amon stierf, werd zijn pas 8-jarige zoon Josia koning. Josia was een goede koning. Na 18 jaar te hebben geregeerd, betaalde hij werklieden om de tempel in Jeruzalem te repareren (zie 2 Koningen 22:1–7).
In 2 Koningen 22:8–13 vindt Hilkia het ‘wetboek’, oftewel de Schriften, in de tempel. Koning Josia besloot het boek aan alle inwoners van Jeruzalem voor te lezen (zie 2 Koningen 22:14–20; 23:1–2).
Lees 2 Koningen 23:1–3. Markeer wat het volk deed nadat Josia ze de Schriften had voorgelezen.
Bekijk indien beschikbaar ‘King Josiah’ (1:36).
Toen Josia en zijn volk uit de Schriften leerden en zich tot de Heer wendden, werden ze geïnspireerd om veranderingen in hun leven aan te brengen.
Neem de volgende studie-opties door. Kies een of meer opties. Doe daarna de sectie ‘Wat nu?’ aan het eind van de les.
Optie A
Hoe kan ik me door Schriftstudie tot God wenden?
Lees 2 Koningen 23:3–4, 21, 24–25. Markeer wat koning Josia deed om de ware aanbidding van de Heer en gehoorzaamheid aan de wet van Mozes in ere te herstellen.
Ouderling Dale G. Renlund van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft gezegd:
God moedigt ons aan om onze oude tradities ver weg te gooien en met een nieuw leven in Christus te beginnen. (‘Standvastige toewijding aan Jezus Christus’, Liahona, november 2019, 23.)
Denk na over het volgende:
-
Waarom moesten de mensen al hun afgoden vernietigen om zich met heel hun hart tot de Heer te wenden?
-
Waarvan zou de Heiland willen dat jij afstand doet, zodat je Hem beter kunt volgen?
-
Hoe kan Schriftstudie ons helpen om de Heiland indachtig te zijn en zijn evangelie na te leven?
Zoek een Schrifttekst op die je heeft geholpen (of kan helpen) om je tot je hemelse Vader en Jezus Christus te wenden. Bekijk eventueel de tags en markeringen die je bij het seminarie hebt gemaakt. Je kunt ook de Schriftteksten kerkleerbeheersing doornemen.
Bespreek die Schrifttekst met een vriend(in) of familielid. Leg uit hoe dat vers je geholpen heeft om je op God te richten en je tot Hem te wenden.
Optie B
Welke uitwerking kan Gods woord op mij hebben?
Lees 2 Koningen 23:1–3 en Mosiah 5:1–5. Koning Benjamin was ook een koning die zijn volk bijeenbracht om ze Gods woord te leren. Vergelijk het verhaal van het volk van koning Benjamin met dat van het volk van koning Josia. Maak een kruisverwijzing aan tussen 2 Koningen 23:3 en Mosiah 5:5.
President Spencer W. Kimball (1895–1985) heeft over de invloed van Schriftstudie op hem gezegd:
Ik heb gemerkt dat als mijn relatie met de Godheid oppervlakkig wordt en het erop lijkt dat God niet naar mij luistert of tot mij spreekt, ík heel ver weg ben. Als ik mijzelf in de Schriften verdiep, wordt de afstand kleiner en keert de spiritualiteit terug. (Leringen van kerkpresidenten: Spencer W. Kimball [2006], 75.)
Noteer in je notitieblok je gedachten over het volgende:
-
Overeenkomsten tussen het volk van koning Benjamin en het volk van koning Josia
-
Verbanden tussen het hart van de mensen en hun bereidheid om verbonden met de Heer te sluiten en na te komen, en hoe jij dat op jezelf kunt toepassen
Wat nu?
President Spencer W. Kimball heeft gezegd:
Ik ben ervan overtuigd dat ieder van ons op zeker moment in zijn leven zelf de Schriften moet ontdekken – niet eenmaal, maar keer op keer. […]
Ik vind echt dat wij ons allen weer tot de Schriften moeten wenden, net als koning Josia, en ze een groot werk in onszelf tot stand moeten laten brengen om ons aan te zetten tot onwankelbare vastberadenheid om de Heer te dienen. (Leringen van kerkpresidenten: Spencer W. Kimball [2006], 70, 72.)
Noteer je antwoorden in je notitieblok:
-
Denk je dat je huidige Schriftstudiedoel je helpt om je volledig tot je hemelse Vader en Jezus Christus te wenden? Zo ja, hoe heb je dit gezien? Zo niet, hoe wil je dit veranderen?
-
Welke zinvolle ervaringen heb je gehad met de leesopdrachten voor het Oude Testament? Hoe ga je ervoor zorgen dat je de leesopdrachten doet?
Geef je mening
Lesdoel: Je helpen inzien hoe belangrijk het is dat we de Schriften hebben en bestuderen.
Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:
-
Je Schriftstudiedoel en gedachten uit de sectie ‘Wat nu?’
-
De door jouw gekozen Schrifttekst en jouw uitleg.
-
Iets wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.
-
Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?