2 Koningen 16–25: Les 86
2 Koningen 18–19
Vertrouwen op de Heer, de God van Israël
Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.
Onze hemelse Vader en Jezus Christus houden van ons en zullen ons helpen als we ons vertrouwen in Hen stellen. Nadat de Assyriërs Samaria hadden ingenomen, begonnen ze Juda aan te vallen. Koning Hizkia en zijn volk wendden zich tot de Heer voor kracht en bescherming. Deze les kan je vertrouwen vergroten dat de Heer je zal helpen je moeilijkheden het hoofd te bieden.
De Schriften bestuderen
Overweldigd. Hulpeloos. Ontmoedigd. Angstig. Onzeker.
Heb je je weleens zo gevoeld? Waar kun je hulp vinden als je die emoties hebt?
Deze les gaat over Hizkia, de koning van Juda, die de Heer om hulp vroeg toen zijn volk en hij het erg moeilijk hadden.
Lees 2 Koningen 18:3–7. Markeer waarom Hizkia een goede koning was. (NB Offerhoogten en gewijde palen waren plaatsen om afgoden te aanbidden.)
De koperen slang vernietigen. God had Mozes geboden om de koperen slang te maken. Oorspronkelijk was het een symbool van Jezus Christus, omdat Hij de ware bron van genezing is (zie Numeri 21:4–9; Johannes 3:14–15). Later begonnen mensen die echter te aanbidden in plaats van God. Koning Hizkia noemde de slang nehustan, wat ‘een koperen voorwerp’ betekent. Deze term gaf aan dat kijken naar de slang niet langer symbool stond voor op Christus gericht zijn. Hizkia vernietigde de slang om de aandacht van het volk weer op God te richten.
Israël, het land aan de noordgrens van Juda, werd door Assyrië veroverd. Vervolgens vielen de Assyriërs het volk van Hizkia aan en veroverden ze alle versterkte steden in hun koninkrijk (zie 2 Koningen 18:9–13). Assyrische boodschappers kwamen vervolgens naar Jeruzalem, de hoofdstad van Juda, om Hizkia en zijn volk te waarschuwen. Hun boodschap was duidelijk: geef je over of word veroverd.
Kijk nog eens naar de emoties aan het begin van de les. Welke emoties zouden de inwoners van Jeruzalem hebben gehad?
Toen Assyrië delen van Juda begon te veroveren, moedigde Hizkia zijn volk aan om op God te vertrouwen.
Lees 2 Kronieken 32:7–8 en tag wat hij zei dat het inhoudt om ‘op God te vertrouwen’.
Net zoals Hizkia had geprofeteerd, voerde de Heer hun strijd.
Lees 2 Koningen 19:32–35. Markeer de beloften van de Heer aan Hizkia in één kleur. Markeer hoe Hij ze vervulde in een andere kleur.
Noteer naast vers 35 wat je uit het verhaal van Hizkia over vertrouwen op God hebt geleerd.
Optie A
Wat houdt het in om op God te vertrouwen?
De Schriften staan vol voorbeelden van mensen die moeilijkheden overwonnen door op de Heer te vertrouwen. Lees drie of meer van de volgende voorbeelden. Tag elke passage die je leest met ‘op God vertrouwen’.
-
Daniël 3:16–18 – Sadrach, Mesach en Abed-Nego worden met de dood bedreigd als ze God blijven aanbidden.
-
1 Samuel 17:45–49 – David staat oog in oog met Goliath, een reusachtige vijandelijke krijger.
-
2 Koningen 5:13–14 – De profeet Elisa draagt de melaatse Naäman op zich in de Jordaan te wassen om genezen te worden.
-
Mattheüs 14:28–31 – Petrus wendt zich tijdens een storm op zee tot Christus.
-
Ether 6:4–5, 11–12 – De Jaredieten betreden de boten zonder roer.
Bekijk indien beschikbaar de video ‘Heavenly Father Knows Me’ (3:18) voor een hedendaags voorbeeld van op God vertrouwen.
Optie B
Hoe goed ken je je hemelse Vader en Jezus Christus?
Denk aan de mensen die je het meest vertrouwt. Hoe beïnvloedt de mate waarin je iemand kent hoeveel je hem of haar vertrouwt? Hoe goed ken je je hemelse Vader en Jezus Christus?
Zuster Bonnie H. Cordon, voormalig raadgeefster in het algemeen jeugdwerkpresidium, heeft gezegd:
Ik wil drie ideeën geven om onze kennis van en vertrouwen in de Heiland te vergroten. […]
Ten eerste leren we de Heer kennen en in Hem vertrouwen als we ons ‘[vergasten] aan de woorden van Christus; want zie, de woorden van Christus zullen u alle dingen zeggen die u behoort te doen’ [2 Nephi 32:3].
Ten tweede kunnen we de Heer beter leren kennen en op Hem vertrouwen door middel van gebed. Wat een zegen dat we tot onze God kunnen bidden! ‘Bid tot de Vader met alle kracht van uw hart’ [Moroni 7:48]. Wat een zegen dat we tot onze God kunnen bidden! […] Als we er een gewoonte van maken om onze hemelse Vader in gebed te benaderen, zullen we de Heiland leren kennen. Dan gaan we op Hem vertrouwen. Onze verlangens komen meer met zijn verlangens overeen. […]
Ten derde kunnen we de Heer beter leren kennen en op Hem vertrouwen, wanneer we anderen dienen. (‘Vertrouw op de Here en steun niet op uw eigen inzicht’, Liahona, mei 2017, 6, 7.)
Kies een of meer dingen waardoor je God beter kunt leren kennen. Schrijf in je notitieblok in een paar zinnen op hoe die dingen je kunnen helpen om meer op God te vertrouwen.
Geef je mening
Lesdoel: Je vertrouwen vergroten dat de Heer je zal helpen je moeilijkheden het hoofd te bieden.
Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:
-
Je lievelingsvoorbeeld uit de Schriften van vertrouwen op God en waarom dat jouw lievelingsvoorbeeld is.
-
Wat je in je notitieblok hebt opgeschreven over God leren kennen en op Hem vertrouwen.
-
Iets wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.
-
Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?