‘Oefening kerkleerbeheersing 8: Waarheden in Schriftteksten kerkleerbeheersing en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)
‘Oefening kerkleerbeheersing 8: Waarheden in Schriftteksten kerkleerbeheersing en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht
Jesaja 40–49: Les 122
Oefening kerkleerbeheersing 8
Waarheden in Schriftteksten kerkleerbeheersing en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen
Kerkleerbeheersing kan de cursisten helpen om hun fundament op Jezus Christus en zijn evangelie te bouwen. Deze les kan de cursisten helpen om de waarheden in de Schriftteksten kerkleerbeheersing en de goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toe te passen.
Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten de Schriftteksten kerkleerbeheersing doornemen en twee of drie Schriftteksten kiezen die volgens hen op bijna elke situatie van een tiener van toepassing kunnen zijn.
Mogelijke leeractiviteiten
Herhaling kerkleerbeheersing: toepassen
Geef iedere cursist een blaadje. Laat de cursisten op hun blaadje kort een moeilijke situatie beschrijven van iemand die ze kennen en het blaadje in een bakje leggen. Vraag de cursisten geen namen of details te noemen die te persoonlijk zijn, omdat andere cursisten hun blaadje zullen lezen.
Laat de cursisten vervolgens met een klasgenoot samenwerken. Laat elk tweetal twee blaadjes uit het bakje kiezen en de drie onderstaande stappen uitvoeren.
-
Neem de Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het Oude Testament door aan de hand van de lijst in het Basisdocument kerkleerbeheersing (2023).
-
Bespreek hoe verschillende teksten op ten minste één van de situaties op je blaadjes van toepassing zijn. (Je mag ook Schriftteksten kerkleerbeheersing uit andere Schriftuurlijke boeken gebruiken.)
-
Leg uit hoe ze hun band met hun hemelse Vader en Jezus Christus kunnen versterken door de leringen in die teksten toe te passen.
Vraag de tweetallen na verloop van tijd aan de klas te vertellen wat ze besproken hebben.
Als de cursisten hulp nodig hebben om een Schrifttekst kerkleerbeheersing te vinden die op hun situatie van toepassing is, kunt u ze wijzen op een tekst die op veel situaties van toepassing is, zoals Spreuken 3:5–6 of 2 Nephi 32:3.
Deze activiteit hoeft niet langer dan 10–15 minuten te duren, zodat er genoeg tijd overblijft waarin de cursisten de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis kunnen leren en toepassen.
De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis leren en toepassen
De rest van de les is bedoeld om de cursisten beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis in een praktijksituatie te laten toepassen.
Toon een afbeelding van een jongevrouw en het onderstaande scenario.
Het scenario is wellicht wat realistischer als u de onderstreepte delen weglaat en de cursisten de lege plekken laat invullen met kerkleerstellingen en -normen die op hun leven van toepassing zijn.
Als kind ging Julietta ervan uit dat de meeste mensen het eens waren met de leringen van Jezus Christus waarover ze thuis en in de kerk leerde. Nu ze op de middelbare school zit, lijkt het tegenovergestelde waar te zijn. De meeste mensen die ze kent, lijken het niet eens te zijn met de leer en normen van het herstelde evangelie van Jezus Christus.
Veel van haar klasgenoten maken bijvoorbeeld grapjes over haar geloof in levende profeten. Een aantal van haar vriendinnen begrijpen niet eens waarom ze niet aan onzedelijke activiteiten en vermaak deelneemt.
Sommige cursisten kunnen zich misschien niet goed in Julietta verplaatsen. Vraag vrijwilligers die een vergelijkbare situatie hebben meegemaakt hoe dat voelde en waarom het moeilijk is om hiermee om te gaan. U kunt ze erop wijzen dat het doel van het scenario, of ze nu wel of niet iets vergelijkbaars als Julietta hebben meegemaakt, is dat ze de onlangs bestudeerde beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis en leer toepassen.
Laat de cursisten de beginselen in alinea 5–12 van ‘Geestelijke kennis verkrijgen’ in het Basisdocument kerkleerbeheersing doornemen en letten op beginselen waar iemand in een situatie als Julietta wat aan heeft.
Wanneer de cursisten klaar zijn, geeft u ze voldoende tijd om de beginselen te bespreken waar Julietta volgens hen wat aan heeft.
Op basis van hun bespreking kunt u delen uit het overige lesmateriaal kiezen die uw cursisten meer inzicht geven in de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis.
In geloof handelen
Laat eventueel de volgende vragen zien en vraag de cursisten die in kleine groepjes te bespreken. Loop door het lokaal, luister naar hun besprekingen, en geef waar nodig inzichten en aanwijzingen.
-
Hoe kan Julietta in haar situatie haar geloof in Jezus Christus en toewijding aan zijn kerk versterken?
-
Waartoe zou ze verleid kunnen worden om haar van Jezus Christus weg te leiden?
-
Hoe zou ze volgens jou met geloof in Jezus Christus met die verleidingen kunnen omgaan?
Ideeën en vragen vanuit een eeuwig perspectief onderzoeken
Geef de volgende instructies om de cursisten te laten vertellen over hun bevindingen. Wacht tot ze elke stap hebben voltooid voordat u de volgende stap opgeeft.
(U kunt de cursisten bij stap 1 niet alleen alinea 8 in het Basisdocument kerkleerbeheersing laten doornemen, maar ze ook een paar minuten de tijd geven om ‘Raadpleeg betrouwbare bronnen’ te bestuderen in Naar antwoorden op je vragen zoeken. [Evangeliebibliotheek, Onderwerpen en vragen.])
-
Noteer in je studiedagboek een citaat uit alinea 8 van ‘Geestelijke kennis verkrijgen’ in het Basisdocument kerkleerbeheersing waar Julietta volgens jou wat aan heeft en waarom.
-
Loop door het lokaal en zoek een andere cursist die hetzelfde citaat heeft gekozen. Bespreek hoe dat Julietta kan helpen.
-
Noteer zinvolle inzichten die de andere cursist met je heeft gedeeld in je dagboek.
-
Loop weer door het lokaal en zoek een cursist die een ander citaat heeft gekozen. Bespreek de inzichten in jullie dagboeken.
Als de cursisten klaar zijn met de activiteit, vraagt u vrijwilligers om te vertellen wat ze van hun klasgenoten hebben geleerd. U kunt ze ook vragen om ingevingen op te schrijven die ze eventueel voor hun eigen leven hebben ontvangen.
Naar meer inzicht streven met behulp van bronnen die God heeft aangewezen
Bereid de cursisten voor op een bespreking over de bronnen die we raadplegen door het volgende aan Julietta’s scenario toe te voegen.
Omdat zoveel mensen het niet met haar eens zijn, begint Julietta zich af te vragen of de leer en normen in De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen wel echt van God komen.
U kunt de cursisten de volgende onvolledige zinnen met een medecursist laten bespreken.
-
De mensen en bronnen die Julietta voor informatie raadpleegt, zijn belangrijk omdat …
-
Ik zou Julietta aanraden om antwoorden te zoeken in/bij …, en niet in/bij …
Als de tweetallen klaar zijn met hun bespreking, vraagt u ze klassikaal naar hun bevindingen. Laat een aantal cursisten uitleggen waarom zij voor een bepaald antwoord hebben gekozen. Maak de cursisten eventueel duidelijk dat de bronnen die ze raadplegen hen dichter tot of verder van hun hemelse Vader kunnen brengen.
Laat de cursisten oefenen met het streven naar meer inzicht met behulp van door God aangewezen bronnen. Vraag ze samen Schriftteksten kerkleerbeheersing op te zoeken en te bespreken waar Julietta iets aan heeft. Voorbeelden van teksten die ze kunnen gebruiken: Jozua 24:15; Spreuken 3:5–6; Jesaja 5:20; Mattheüs 5:14–16 en Leer en Verbonden 6:36.
Persoonlijke toepassing
Vraag de cursisten tot slot onder gebed een van de volgende vragen in hun studiedagboek te beantwoorden. Moedig ze aan om te letten op ingevingen van de Heilige Geest terwijl ze nadenken en schrijven.
-
Hoe denk je dat je hemelse Vader wil dat je toepast wat je vandaag hebt geleerd en gevoeld?
-
Wat kan je keuze om de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis te volgen voor je relatie met je hemelse Vader en Jezus Christus betekenen?