‘Mozes 1:27–42: “Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)
‘Mozes 1:27–42: “Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht
Mozes 1; Abraham 3: Les 6
Mozes 1:27–42
‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid’
Jezus Christus heeft op aanwijzing van onze hemelse Vader ontelbare werelden geschapen. De grootste scheppingen van onze hemelse Vader zijn zijn geestzoons en -dochters. Deze les kan de cursisten dankbaarheid bijbrengen voor onze hemelse Vader en zijn werk om de onsterfelijkheid en het eeuwige leven voor al zijn kinderen mogelijk te maken.
Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten nadenken over de uitgestrektheid van de scheppingen van onze hemelse Vader en de liefde die onze hemelse Vader voor alles en iedereen heeft. Ze kunnen bijvoorbeeld op een heldere avond naar de sterrenhemel kijken en bedenken wat hun hemelse Vader voor hen voelt, onder de vele sterren, planeten en sterrenstelsels die Hij heeft geschapen.
Mogelijke leeractiviteiten
Gewonnen zoons en dochters van God
Neem eventueel een bakje zand en een bakje water mee naar de klas. Laat een cursist voor de klas komen en zijn of haar vinger in het water steken en vervolgens in het zand. U kunt de cursisten in plaats daarvan ook de volgende afbeelding tonen. Laat ze schatten hoeveel zandkorrels deze persoon vasthoudt.
Lees Mozes 1:27–29 en ga na wat Mozes vergeleek met zand aan de oever van de zee en waarom.
-
Wat valt je aan dit visioen op?
Om de cursisten waardering voor de uitgestrektheid van Gods scheppingen bij te brengen, kunt u ‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid’ vertonen, op ChurchofJesusChrist.org, vanaf tijdcode 0:53 tot 1:31.
Om de cursisten hun plek in Gods scheppingen te laten overpeinzen en ze voor te bereiden om door de Heilige Geest onderricht te worden, laat u ze de volgende zelfbeoordeling doen.
Beantwoord de volgende vragen in je studiedagboek:
-
Waarom heeft God het heelal geschapen?
-
Waarom heeft God ons geschapen?
-
Wat vind ik van God en wat Hij voor mij doet?
Laat de cursisten gaandeweg de les hun antwoorden aanvullen. Herinner ze eraan dat ze de Heilige Geest bij hun studie kunnen betrekken door hun gedachten in een studiedagboek te noteren.
Het werk en de heerlijkheid van onze hemelse Vader
Lees Mozes 1:30 en markeer twee vragen die Mozes had toen hij de aarde en Gods gewonnen zoons en dochters aanschouwde.
Mozes 1:39 is een Schrifttekst kerkleerbeheersing. Vraag de cursisten Schriftteksten kerkleerbeheersing zo te markeren dat ze die later makkelijk terug kunnen vinden.
Lees Mozes 1:31–33, 39 en ga na hoe de Heer de vragen van Mozes beantwoordt.
-
Welke waarheden kunnen we uit Gods antwoorden in deze verzen halen?
Help de cursisten onder meer te noemen dat het Gods werk en heerlijkheid is om de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van zijn kinderen tot stand te brengen.
Om erachter te komen wat de cursisten over onsterfelijkheid en eeuwig leven begrijpen, vraagt u hoe zij die begrippen zouden definiëren. Laat ze eventueel ‘Onsterfelijkheid’ en ‘Eeuwig leven’ opzoeken in de Gids bij de Schriften of in Onderwerpen en vragen op ChurchofJesusChrist.org. U kunt ook de volgende definitie noemen:
Onsterfelijkheid houdt in dat we voor altijd als herrezen mens leven. ‘Eeuwig leven, of de verhoging, betekent zoals God worden en voor eeuwig in familieverband in zijn tegenwoordigheid leven.’ (Algemeen handboek: dienen in De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, 1.1, Evangeliebibliotheek.)
-
Hoe kan de waarheid in Mozes 1:39 je helpen begrijpen waarom God de aarde geschapen heeft?
President Dieter F. Uchtdorf, toenmalig lid van het Eerste Presidium, heeft het doel van Gods scheppingen uitgelegd.
Hoewel we naar de onmetelijke uitgestrektheid van het heelal kunnen kijken en zeggen: ‘Wat is de mens in vergelijking met de heerlijkheid van de schepping?’, zegt God dat wij de reden zijn dat Hij het heelal heeft geschapen! Zijn werk en heerlijkheid – het doel van dit grootse heelal – is de mens te verlossen en te verhogen. Met andere woorden, de onmetelijke uitgestrektheid van de eeuwigheid, de heerlijkheden en mysteriën van oneindige ruimte en tijd, zijn geschapen voor het welzijn van gewone mensen zoals u en ik. Onze hemelse Vader heeft het heelal geschapen zodat wij ons potentieel als zijn zoons en dochters mogen bereiken. (‘U bent belangrijk in zijn ogen’, Liahona, november 2011, 20.)
-
Wat maakt dit citaat je over onze hemelse Vader duidelijk?
-
Wat maakt dit citaat je over jezelf duidelijk?
Onze hemelse Vader helpt ons onsterfelijkheid en het eeuwige leven te verkrijgen
Splits de klas eventueel in groepjes op voor de volgende activiteit. Geef elk groepje een blaadje en laat de cursisten de volgende vragen bovenaan noteren. Hun antwoorden noteren ze dan onder de vragen. U kunt de cursisten zo mogelijk een Schrifttekst laten opzoeken die van sommige of al hun antwoorden getuigt.
-
Wat hebben onze hemelse Vader en Jezus Christus gedaan om onze onsterfelijkheid tot stand te brengen?
-
Wat hebben Zij gedaan en blijven Zij doen om ons te helpen het eeuwige leven te verkrijgen?
Geef de cursisten voldoende tijd om de bovenstaande vragen te beantwoorden, zodat ze zelf tot leren komen. Laat ze vervolgens Johannes 3:16 en het volgende citaat van president Dieter F. Uchtdorf lezen en hun lijstje dan uitbreiden.
President Dieter F. Uchtdorf, toenmalig lid van het Eerste Presidium, heeft nog meer manieren genoemd waarop onze hemelse Vader onze onsterfelijkheid en ons eeuwige leven tot stand brengt.
[Onze hemelse Vader] heeft ons het evangelie en de Kerk van Jezus Christus gegeven. Hij heeft ons het verlossingsplan, het heilsplan, ja, het plan van geluk gegeven. […]
Hij heeft ons de kostbare gave van de Heilige Geest gegeven […]
Hij is dag en nacht toegankelijk voor ons door middel van gebed en geloof en oprechte smeekbeden.
Hij heeft ons hedendaagse apostelen en profeten gegeven, die ons het woord van God in deze tijd openbaren […]
Hij heeft zijn kerk hersteld […]
Hij heeft ons de heilige Schriften, zijn geschreven woord aan ons, gegeven.
Hij heeft ons een scala aan hulpmiddelen van moderne technologie op ons pad als discipel gegeven. […]
Waarom heeft onze hemelse Vader ons zoveel hulp gegeven? Omdat Hij van ons houdt. En om wat Hij zelf heeft gezegd: ‘Want zie, dit is mijn werk en mijn heerlijkheid: de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen’ (Mozes 1:39). (‘Onze Vader, onze Mentor’, Liahona, juni 2016, 4.)
Laat de cursisten bij het beantwoorden van de volgende vragen enkele manieren kiezen die voor hen het relevantst zijn.
-
Hoe kunnen die ons op onze weg naar het eeuwige leven helpen?
-
Hoe hebben sommige manieren je geholpen om meer op onze hemelse Vader te gaan lijken?
Vraag enkele cursisten welke manier ze hebben gekozen en vraag ze naar hun antwoorden op de bovenstaande vragen. Zoek manieren om ze voor hun antwoorden te bedanken en te prijzen. Als de cursisten niet zelf de Heiland voor ogen hebben, verwijst u naar Johannes 3:16 en Mosiah 4:2. Vraag ze dan hoe de Heiland ze helpt om vooruitgang te maken en meer op hun hemelse Vader te gaan lijken.
Waardering voor onze hemelse Vader
Om de cursisten meer waardering bij te brengen voor onze hemelse Vader en zijn werk om hun onsterfelijkheid en eeuwige leven tot stand te brengen, spoort u ze aan de hulp van de Heer in te roepen bij het beantwoorden van de volgende vragen in hun studiedagboek. De cursisten kunnen in hun dagboek ook hun waardering uiten voor wat hun hemelse Vader voor ze doet.
-
Wat heb je vandaag geleerd of gevoeld dat je wilt onthouden?
-
Wat vind je van onze hemelse Vader en Jezus Christus en wat Zij doen om je te helpen bij Hen terug te keren?
Uit het hoofd leren
Help de cursisten tijdens deze les de tekstverwijzing en kerngedachte uit het hoofd te leren en herhaal ze in toekomstige lessen. De kerngedachte van de Schrifttekst is: ‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid: de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen.’ Ideeën voor activiteiten om teksten uit het hoofd te leren staan in het aanhangsel onder ‘Herhalingsactiviteiten kerkleerbeheersing’.