Kom dan en volg Mij
9–15 november. ‘Er is geen andere god die zo redden kan’: Daniël 1–7


‘9–15 november. “Er is geen andere god die zo redden kan”: Daniël 1–7’, Kom dan en volg Mij – voor thuis en in de kerk: Oude Testament 2026 (2026)

‘9–15 november. “Er is geen andere god die zo redden kan”’, Kom dan en volg Mij: Oude Testament 2026

Nebukadnezar luistert aandachtig naar Daniël

Daniël legt Nebukadnezars droom uit, Grant Romney Clawson

9–15 november: ‘Er is geen andere god die zo redden kan’

Daniël 1–7

Het is onwaarschijnlijk dat iemand jou in een brandende vuuroven of een leeuwenkuil zal werpen vanwege je geloof in Jezus Christus. Maar niemand van ons kan aan beproevingen van ons geloof ontsnappen. Gelukkig kunnen we een voorbeeld nemen aan mensen als Daniël, Sadrach, Mesach en Abed-Nego, jonge mannen die door het machtige Babylonische Rijk waren gevangengenomen (zie 2 Koningen 24:10–16). Ze bevonden zich in een vreemde cultuur met andere normen dan ze gewend waren, en de verleiding om hun geloof en hun rechtschapen gebruiken te laten varen, was groot. Toch bleven ze hun verbonden trouw. Hoe deden ze dat? Door de kleine, eenvoudige dingen te doen die God van ieder van ons vraagt: bidden, vasten, ons met goede vrienden omringen, op God vertrouwen en een licht voor anderen zijn. Net als Jozef in Egypte en Esther in Perzië behielden Daniël en zijn vrienden in Babylon hun vertrouwen in God, en God verrichtte wonderen die nu nog steeds een inspiratie voor gelovigen zijn.

Voor een overzicht van het boek Daniël raadpleeg je ‘Daniël’ in de Gids bij de Schriften.

studie (pictogram)

Studietips voor thuis en in de kerk

Daniël 1; 36

seminarie (pictogram)
Ik kan op de Heer vertrouwen als mijn geloof op de proef wordt gesteld.

In zekere zin wonen we allemaal in Babylon. We worden vaak verleid om onze normen te verlagen en ons van geloof in Christus af te keren. Noteer bij het lezen van Daniël 1, 3 en 6 op welke manieren Daniël, Sadrach, Mesach en Abed-Nego onder druk werden gezet om dingen te doen waarvan ze wisten dat die verkeerd waren. Hoe gingen ze om met die situaties? (Zie Daniël 1:10–13; 3:15–18; 6:11.) Wat was het gevolg van hun geloof? Wat kun je van deze ervaringen leren waardoor je op de Heer blijft vertrouwen als je met tegenstand te maken krijgt? Denk ook na over de volgende vragen:

  • Wanneer werd je onder druk gezet om iets te doen waarvan je wist dat het verkeerd was? Hoe heeft de Heer je gezegend omdat je zijn geboden hebt onderhouden?

  • Wat doe je als je geloof je niet de verhoopte wonderen brengt? (Zie bijvoorbeeld Alma 14:8–13.) Hoe zouden Sadrach, Mesach en Abed-Nego die vraag volgens Daniël 3:13–18 hebben beantwoord? Hoe kan hun voorbeeld beïnvloeden hoe je met je beproevingen omgaat?

  • Hoe kunnen jouw goede keuzes het geloof van anderen in de Heer vergroten? (Zie Daniël 2:47; 3:28–29.) Denk na over de gevolgen van jouw keuzes voor anderen.

Zie ook Dieter F. Uchtdorf, ‘Wees niet bevreesd, geloof alleen’, Liahona, november 2015, 76–79.

Probeer iedereen erbij te betrekken. De Heiland ‘nodigt […] allen uit om tot Hem te komen en deel te hebben aan zijn goedheid’ (2 Nephi 26:33). Als je thuis of in de kerk onderwijst, bedenk dan hoe je iedereen de kans kunt geven om deel te nemen. Je kunt bijvoorbeeld iedereen een Schrifttekst, een gedeelte uit een conferentietoespraak of een vers uit een lofzang geven waarover ze kunnen nadenken en iets vertellen. Verplicht niemand om deel te nemen, maar stel ze in de gelegenheid.

Sadrach, Mesach, Abed-Nego en een vierde figuur in een vuuroven

Sadrach, Mesach en Abed-Nego in de brandende oven, William Maughan

Daniël 2

De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen is het koninkrijk van God op aarde.

In een openbaring zag Daniël dat de droom van Nebukadnezar een voorspelling over wereldse koninkrijken was, en ook over het toekomstige koninkrijk van God, ‘dat voor eeuwig niet te gronde zal gaan’ (Daniël 2:44). Ouderling D. Todd Christofferson heeft uitgelegd: ‘De kerk is dat geprofeteerde koninkrijk in de laatste dagen, dat niet door mensen maar door de God van de hemel is opgericht en voortrolt als een steen die, “niet door mensenhanden, uit de berg […] werd afgehouwen” om de aarde te vullen.’ (‘Waarom de kerk er is’, Liahona, november 2015, 111.) Houd Gods koninkrijk in de laatste dagen in gedachten terwijl je in Daniël 2:34–35, 44–45 over de steen leest. Welke rol speel jij in de vervulling van deze profetie?

Zie ook ‘Luister, o volk’ren’, Lofzangen, nr. 173; ‘God gaf hun kennis’ (video), ChurchofJesusChrist.org.

13:58

God gaf hun kennis

Daniël 2:1–30

Geestelijke voorbereiding gaat aan openbaring ontvangen vooraf.

Lees Daniël 2:1–15 door. Hoe zou jij je voelen als je in Daniëls schoenen stond? Wat deed Daniël? (Zie Daniël 2:16–18.) Hoe had God Daniël volgens Daniel 1:17 voorbereid? Wat leer je van Daniëls woorden en daden nadat hij hulp van de Heer ontving? (Zie Daniël 2:19–30.)

Daniël 7:13–14

Jezus Christus is de Zoon van de eeuwige Vader.

Tijdens de aardse bediening van de Heiland zagen veel Joden de titel ‘Mensenzoon’ uit Daniël 7:13 als een verwijzing naar de komende Messias. Wat kom je in Daniël 7:13–14 over de Messias te weten? (Zie ook Mozes 6:57.)

De Heiland noemde Zichzelf vaak ‘de Zoon des mensen’. Lees een aantal voorbeelden: Mattheüs 25:31; Markus 9:31; 10:45. Wat zegt Hij in deze verzen over Zichzelf? In Markus 14:61–64 gebruikte Jezus deze titel op de laatste dag van zijn aardse leven. Let op de reactie van de mensen die zijn uitspraak hoorden. Wat betekent Daniëls profetie over de Zoon des mensen voor je gevoelens over wat er in Markus 15 met Hem gebeurde?

Net zoals Jezus werd gehaat omdat Hij verkondigde dat Hij ‘de Zoon des mensen’ was, kun jij ook met vervolging te maken krijgen omdat jij de waarheid verkondigt. Vergelijk de profetie in Daniël 7:13–14 met de beloften in Leer en Verbonden 121:29, 46.

Zie ook Leer en Verbonden 49:6; Gids bij de Schriften, ‘Zoon des Mensen’, Evangeliebibliotheek.

sectie voor kinderen (pictogram)

Ideeën voor onderwijs aan kinderen

Daniël 1; 36

Jezus helpt mij het goede te doen, ook wanneer dat moeilijk is.

  • Gebruik afbeeldingen van de gebeurtenissen in Daniël 1, 3 en 6 (zie de doe-pagina van deze week of Evangelieplatenboek, nr. 23, 2526) om de kinderen iets van de inspirerende verhalen in het boek Daniël te laten leren. Leg de afbeeldingen ondersteboven. Vraag een kind er eentje om te draaien en het verhaal te vertellen. (Zie voor hulp ‘Daniël en zijn vrienden’, ‘Sadrach, Mesach en Abed-Nego’ en ‘Daniël in de leeuwenkuil’, Verhalen uit het Oude Testament, Evangeliebibliotheek.)

    1:39

    Daniel and His Friends

    1:39

    Shadrach, Meshach, and Abed-nego

    1:45

    Daniel and the Lions’ Den

  • Bedenk samen situaties waarin de kinderen onder druk kunnen worden gezet om een verkeerde keuze te maken, zoals Daniël en zijn vrienden in Daniël 1, 3 en 6. Vertel elkaar hoe jullie gezegend werden toen jullie het goede deden, ook al was dat moeilijk. Zing samen een lied over dit onderwerp, zoals ‘Kies toch goed’ (Lofzangen, nr. 162).

jongemannen weigeren vlees te eten

Daniël en het vlees van de koning, Brian Call

Daniël 1:1–17

Onze hemelse Vader wil dat ik goed voor mijn lichaam zorg.

  • Het verhaal waarin Daniël en zijn vrienden het vlees en de wijn van de koning afsloegen, kan een bespreking op gang brengen over de gezondheidswet die onze hemelse Vader ons in deze tijd heeft gegeven (zie Leer en Verbonden 89). Let op de zegeningen die Daniël en zijn vrienden ontvingen en vergelijk die met de beloofde zegeningen in het woord van wijsheid (zie Daniël 1:15–17 en Leer en Verbonden 89:18–21).

Daniël 2

De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen is het koninkrijk van God op aarde.

  • Lees Daniël 2:31–35, 44–45 met de kinderen en laat ze een tekening van Nebukadnezars droom maken. Leg uit dat de steen in de droom De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen voorstelt. Wat komen we door deze droom over de kerk te weten? Vraag hoe onze hemelse Vader voor de oprichting van zijn kerk in de laatste dagen heeft gezorgd. Breng ze op ideeën met platen van gebeurtenissen in de herstelling van de kerk (zie Evangelieplatenboek, nr. 90–95).

Daniël 6

Mijn hemelse Vader wil dat ik vaak bid.

  • Waarom vond Daniël bidden tot onze hemelse Vader zo belangrijk? Bespreek die vraag met de kinderen terwijl jullie Daniël 6 lezen. Vertel elkaar daarna waarom jullie bidden belangrijk vinden. De kinderen vinden het misschien leuk om zichzelf op verschillende plekken in gebed te tekenen. Ze kunnen elkaar aan de hand van hun tekeningen uitleggen dat we tot onze hemelse Vader kunnen bidden, waar we ook zijn of wat we ook nodig hebben.

Zie voor meer ideeën de Vriend van deze maand.

Daniël staat voor een groep leeuwen

Daniël in de leeuwenkuil, Briton Rivière

doe-pagina voor het jeugdwerk: God zegent mij als ik besluit om Jezus Christus te volgen