‘Goed om in gedachten te houden: het huis van Israël’, Kom dan en volg Mij – voor thuis en in de kerk: Oude Testament 2026 (2026)
‘Het huis van Israël’, Kom dan en volg Mij: 2026
Goed om in gedachten te houden
Het huis van Israël
Ergens in de woestijn ten oosten van Kanaän wachtte Jakob nerveus op de ontmoeting met zijn tweelingbroer Ezau. De laatste keer dat Jakob Ezau had gezien, was twintig jaar daarvoor, toen Ezau hem wilde vermoorden. Jakob worstelde de hele nacht in de woestijn, omdat hij een zegen van God wilde. Door Jakobs geloof, volharding en vastberadenheid verhoorde God zijn gebeden. Die nacht werd Jakobs naam in Israël veranderd, een naam die onder andere ‘strijder met God’ betekent (zie Genesis 32:28).
Bij de Jabbok kreeg Jakob de naam Israël.
Dit is de eerste keer dat de naam Israël in de Bijbel voorkomt. Het is een naam die in de rest van het boek en in de geschiedenis veel voorkomt. De naam ging al snel naar meer dan slechts één man verwijzen. Israël had twaalf zoons, en hun nakomelingen werden het ‘huis van Israël’, de ‘stammen van Israël’, de ‘kinderen van Israël’ of de ‘Israëlieten’ genoemd.
Door de jaren heen hechtten de kinderen van Israël veel waarde aan hun afstamming van een van de twaalf stammen van Israël. Hun afstamming maakte een belangrijk deel uit van hun verbondsidentiteit. De apostel Paulus heeft verklaard dat hij ‘van de stam Benjamin’ (Romeinen 11:1) afkomstig was. Een van de redenen waarom Lehi zijn zoons naar Jeruzalem terugstuurde om de platen van koper op te halen, was dat de platen ‘een geslachtsregister van zijn vaderen’ bevatten (1 Nephi 5:14). Lehi ontdekte dat hij een afstammeling van Jozef was, en de kennis van hun connectie met het huis van Israël bleek in de jaren daarop belangrijk voor hen te zijn.
Tegenwoordig horen we in de kerk vaak uitdrukkingen als ‘de vergadering van Israël’. We zingen over de ‘Verlosser van Israël’, de ‘Hoop van Israël’ en ‘Gij ouderlingen Israëls’. In die gevallen spreken of zingen we niet alleen over het oude koninkrijk van Israël of het hedendaagse land Israël. We hebben het eerder over hen die zich uit vele landen in de wereld in de Kerk van Jezus Christus hebben vergaderd. Dan bedoelen we de mensen die een ‘strijder met God’ zijn, die oprecht zijn zegeningen willen ontvangen en die door de doop zijn verbondsvolk zijn geworden. Volgens president Russell M. Nelson betekent bij Israël horen dat we ‘God in ons leven […] laten zegevieren’ en ‘God de grootste invloed op ons leven […] laten hebben’.
In je patriarchale zegen staat je afstamming van een van de stammen uit het huis van Israël. Dat is meer dan een stukje interessante familiegeschiedenis. Het heeft ook te maken met het heden en je toekomst. Deel uitmaken van het huis van Israël houdt in dat je een verbondsrelatie met je hemelse Vader en Jezus Christus hebt. Het houdt in dat je, net als Abraham, ‘een zegen’ voor Gods kinderen dient te zijn (Genesis 12:2; Abraham 2:9–11). Het betekent volgens Petrus: ‘U bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht’ (1 Petrus 2:9). Het houdt in dat jij een ‘strijder met God’ bent als je je aan je verbonden met Hem houdt.
Stamboom van Jakob (Israël), Brent Evans