Micha; Nahum; Habakuk; Zefanja: Les 154
Oefening kerkleerbeheersing 10
De beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen
Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.
Kerkleerbeheersing kan je helpen om je leven op het fundament op Jezus Christus en zijn evangelie te bouwen. In deze les kun je Schriftteksten kerkleerbeheersing bespreken die voor jou van betekenis zijn, en goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis leren en toepassen.
Herhaling kerkleerbeheersing: bespreken
Bedenk wat je lievelingseten in elk van de volgende situaties is:
-
’s Morgens vroeg
-
’s Avonds laat als snack
-
Op je verjaardag
-
Op een warme middag
Net zoals het eten dat je lekker vindt van de omstandigheden afhangt, kunnen verschillende Schriftteksten afhankelijk van de situatie en behoefte een impact hebben.
Neem alle Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het Oude Testament door (zie hieronder). Bespreek vervolgens met een familielid of vriend(in) een Schrifttekst kerkleerbeheersing uit het Oude Testament die je voor de volgende situaties interessant vindt:
-
Meer over Jezus Christus en zijn zending te weten komen
-
Uitleggen waarom we profeten nodig hebben
-
Het heilsplan begrijpen
|
Schriftteksten kerkleerbeheersing |
Kerngedachte |
|---|---|
Schriftteksten kerkleerbeheersing | Kerngedachte ‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid: de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing | Kerngedachte ‘De Heer noemde zijn volk Zion, omdat zij één van hart en één van zin waren.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing | Kerngedachte De Heer beloofde Abraham dat zijn zaad ‘deze bediening en dit priesterschap’ tot ‘alle natiën’ zou brengen. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing | Kerngedachte We waren als geesten ‘georganiseerd eer de wereld was’. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Genesis 1:26–27 | Kerngedachte ‘God schiep de mens naar Zijn beeld.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Genesis 2:24 | Kerngedachte ‘Een man [zal] zich aan zijn vrouw hechten; en zij zullen tot één vlees zijn.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Genesis 39:9 | Kerngedachte ‘Hoe zou ik dan dit grote kwaad doen en zondigen tegen God?’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Exodus 20:3–17 | Kerngedachte De tien geboden |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jozua 24:15 | Kerngedachte ‘Kies voor u heden wie u zult dienen.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Psalmen 24:3–4 | Kerngedachte ‘Wie zal staan in Zijn heilige plaats? Wie rein is van handen en zuiver van hart.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Spreuken 3:5–6 | Kerngedachte ‘Vertrouw op de Heere met heel je hart, […] dan zal Hij je paden rechtmaken.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 1:18 | Kerngedachte ‘Al waren uw zonden als scharlaken, ze zullen wit worden als sneeuw.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 5:20 | Kerngedachte ‘Wee hun die het kwade goed noemen en het goede kwaad.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 29:13–14 | Kerngedachte De herstelling van het evangelie is ‘wonderlijk en wonderbaar’. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 53:3–5 | Kerngedachte ‘Voorwaar, onze ziekten heeft [Jezus Christus] op Zich genomen, onze smarten heeft Hij gedragen.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 58:6–7 | Kerngedachte De zegeningen van vasten op de juiste manier |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jesaja 58:13–14 | Kerngedachte Houd ermee op ‘om op Mijn heilige dag te doen wat u zelf wilt [en noem] de sabbat een verlustiging’. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Jeremia 1:4–5 | Kerngedachte ‘Voordat Ik u in de moederschoot vormde, heb Ik […] u aangesteld tot een profeet voor de volken.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Ezechiël 3:16–17 | Kerngedachte De profeet is een ‘wachter over het huis van Israël’. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Ezechiël 37:15–17 | Kerngedachte De Bijbel en het Boek van Mormon zullen ‘in uw hand één worden’. |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Daniël 2:44–45 | Kerngedachte ‘God [zal] een Koninkrijk doen opkomen dat voor eeuwig niet te gronde zal gaan.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Amos 3:7 | Kerngedachte ‘De Heere [openbaart] Zijn geheimenis […] aan Zijn dienaren, de profeten.’ |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Maleachi 3:8–10 | Kerngedachte De zegeningen van tiende betalen |
Schriftteksten kerkleerbeheersing Maleachi 4:5–6 | Kerngedachte Elia zal ‘het hart van de kinderen tot hun vaders’ terugbrengen. |
Leren en toepassen
Gebruik de onderstaande stappen om een scenario te bedenken waarin een tiener de beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis kan gebruiken om vragen of zorgen te beantwoorden.
-
Baseer je scenario op een van de volgende onderwerpen:
-
De waarheid van het Boek van Mormon
-
De noodzaak van een herstelde Kerk van Jezus Christus op aarde
-
Recente raad van de profeet
-
-
Neem de beginselen in alinea 5–12 van ‘Geestelijke kennis verkrijgen’ in het Basisdocument kerkleerbeheersing door.
-
Schrijf zijn of haar naam en leeftijd op, en een realistische beproeving van zijn of haar geloof.
-
Noteer een of twee vragen of zorgen die hij of zij naar aanleiding van die beproeving heeft.
-
Hoe kan elk beginsel voor het verkrijgen van geestelijke kennis deze persoon in zijn of haar situatie helpen?
-
Beantwoord nu minstens één van de volgende vragen in je notitieblok:
-
Wat weet je over onze hemelse Vader en zijn plan voor zijn kinderen waardoor deze persoon een eeuwig perspectief kan krijgen?
-
Hoe kunnen zijn of haar keuzes in deze situatie de langetermijnrelatie met onze hemelse Vader en Jezus Christus beïnvloeden?
-
Welke Schriftteksten of uitspraken van kerkleiders zou je hem of haar aanraden om te bestuderen?
Geef je mening
Lesdoel: Je de Schriftteksten kerkleerbeheersing laten bespreken en goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis laten leren en toepassen.
Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:
-
Je favoriete Schriftteksten kerkleerbeheersing en uitleg die je aan een familielid of vriend(in) hebt gegeven.
-
Het scenario dat je hebt bedacht en je antwoord op een van de vragen.
-
Wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.
-
Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?