Seminarie
2 Kronieken 14–16: ‘Als u Hem zoekt, zal Hij door u gevonden worden’


‘2 Kronieken 14–16: “Als u Hem zoekt, zal Hij door u gevonden worden”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht (2026)

‘2 Kronieken 14–16: “Als u Hem zoekt, zal Hij door u gevonden worden”’, Oude Testament – boek voor de seminarieleerkracht

2 Kronieken 14–20; 26; 30: Les 90

2 Kronieken 14–16

‘Als u Hem zoekt, zal Hij door u gevonden worden’

Jesus Christ

Sommige mensen zoeken onze hemelse Vader en Jezus Christus misschien alleen als het goed met ze gaat. Anderen roepen hun hulp alleen in moeilijke tijden in. Net als Asa, de koning van Juda, kunnen wij de Heer zowel in vredige als in moeilijke tijden zoeken. Deze les kan de cursisten helpen een plan op te stellen om de Heer te zoeken.

Voorbereiding van de cursist: Laat de cursisten een lijst maken van manieren waarop ze de Heer kunnen zoeken.

Mogelijke leeractiviteiten

Zoeken om te vinden

U kunt de les beginnen door de cursisten te laten nadenken over de vraag hoe we naar kwijtgeraakte voorwerpen zoeken. U kunt een paar dingen van verschillende waarde opnoemen of tonen, zoals een potlood, een belangrijke huiswerkopdracht, een mobiele telefoon, een geschenk van een dierbare enzovoort. Vraag de cursisten hoeveel moeite ze zouden doen om elk voorwerp terug te vinden als ze het zouden kwijtraken.

  • Waarom doe je meer moeite om bepaalde dingen te vinden dan andere?

    Schrijf De Heer zoeken bovenop het bord.

  • Wat denk je dat het betekent om de Heer te zoeken?

Als de cursisten het moeilijk vinden om deze vraag te beantwoorden, kunt u ze vragen hoe ze iemand leren kennen en een goede band opbouwen. Vraag vervolgens hoe ze de Heer kunnen leren kennen en een band met Hem kunnen opbouwen. U kunt uitleggen dat het Hebreeuwse woord voor zoeken in de verzen die ze vandaag bestuderen (2 Kronieken 14:4; 15:2, 12; 6:12) darash is. Dat betekent zoeken, vragen, bezoeken, nastreven, raadplegen of zich ergens op toeleggen.

Beantwoord in je studiedagboek de volgende vragen:

  • Wat hebben jij of anderen die je kent gedaan om de Heer te zoeken?

  • Hoeveel moeite doe jij om de Heer te zoeken?

Let bij je studie vandaag op manieren waarop je de Heer kunt zoeken. Noteer gedachten of gevoelens die de Heilige Geest je ingeeft.

Een voorbeeld van de Heer zoeken

Lees eventueel de volgende alinea voor of vat die samen.

De boeken Kronieken en Koningen beslaan ongeveer dezelfde periode. In 2 Kronieken 14–16 en 1 Koningen 15 lezen we het verslag van koning Asa, de derde koning van Juda.

Zet eventueel het volgende schema op het bord om de cursisten bij de volgende activiteit te helpen. De cursisten kunnen het schema ook in hun studiedagboek overnemen.

Hoe Asa en zijn volk de Heer zochten

Hoe de Heer hen zegende

Hoe Asa en zijn volk de Heer zochten

Hoe de Heer hen zegende

Verdeel de cursisten eventueel in vier verschillende groepjes. Laat elk groepje een andere reeks van de volgende verzen lezen. Laat eventueel een cursist uit elk groepje op het bord zetten wat ze hebben geleerd.

Als de cursisten hulp nodig hebben om te begrijpen wat de ‘gewijde palen’ in 2 Kronieken 14:3 waren, legt dan uit dat mensen daar valse goden aanbaden.

Lees een van de volgende reeksen verzen en ga na wat Asa en zijn volk deden, en hoe God hen zegende:

  • 2 Kronieken 14:3–7. In een tijd van vrede

  • 2 Kronieken 14:9–13. Toen de Ethiopiërs aanvielen

  • 2 Kronieken 15:1–9. In een tijd van vrede

  • 2 Kronieken 15:10–12, 15. In een tijd van vrede

    Stel de volgende vraag om de cursisten te helpen een waarheid te ontdekken in de teksten die ze hebben bestudeerd. U kunt de antwoorden van de cursisten in het schema op het bord zetten.

  • Wat heb je van de ervaringen van Asa en zijn volk geleerd?

Laat de cursisten in hun eigen woorden een waarheid als de volgende ontdekken:

  • Als ik de Heer met heel mijn hart zoek, zal Hij mij rust geven (2 Kronieken 14:7; 15:15)

  • Als ik de Heer zoek, zal ik Hem vinden (2 Kronieken 15:2)

Stel eventueel vervolgvragen om de cursisten te laten nadenken over de betekenis van sommige woorden of zinsneden. U kunt bijvoorbeeld vragen: Wat denk je dat het betekent om de Heer te vinden? Wat zou het betekenen dat de Heer ons rust geeft?

Zie ‘Aanvullende bronnen’ voor leringen waarmee ze deze of andere vragen kunnen beantwoorden.

De Heer zoeken en vinden

Help de cursisten om verbanden te leggen tussen Asa en zichzelf. U kunt de kopjes in het schema op het bord aanpassen door Hoe ik de Heer kan zoeken in de linkerkolom en Hoe de Heer mij kan zegenen in de rechterkolom te zetten. Laat de cursisten vervolgens in groepjes of alleen het volgende doen.

Voeg naast de handelingen van Asa en zijn volk aan de linkerkolom toe hoe jij de Heer kunt zoeken. Dat kunnen voorbeelden uit je eigen leven, uit de Schriften of de kerkgeschiedenis, of uit toespraken van kerkleiders zijn.

De cursisten kunnen hun voorbeelden in de linkerkolom op het bord zetten.

Als u denkt dat de volgende activiteiten de cursisten kunnen helpen zinvolle manieren te vinden om de Heer te zoeken, kunt u een of beide activiteiten doen:

  • Verwijs de cursisten naar de ‘Uitnodigingen’ onder elk van de hoofdonderdelen in Voor de kracht van de jeugd: een leidraad voor het maken van keuzes (2022). Deze hoofdonderdelen zijn bijvoorbeeld ‘Jezus Christus zal je helpen’, ‘God en je naaste liefhebben’ enzovoort.

  • Bekijk ‘Maak tijd voor de Heer’ vanaf tijdcode 1:00 tot 3:29 (op ChurchofJesusChrist.org). Terwijl de cursisten naar president Russell M. Nelson luisteren, laat u ze letten op manieren waarop we de Heer kunnen zoeken.

5:49

U kunt de cursisten laten nadenken over obstakels die hen kunnen hinderen in hun pogingen om de dingen te doen die ze net hebben genoemd. Stel daarvoor eventueel de volgende vragen.

  • Wat kan ons van onze zoektocht naar de Heer afhouden?

  • Wat helpt je om ondanks afleidingen toch de Heer te zoeken?

    U kunt ze vragen om de zinsnede ‘zal Hij door u gevonden worden’ in 2 Kronieken 15:2 te markeren. Stel de volgende vraag om de cursisten manieren te laten bedenken waarop we de Heer kunnen vinden.

  • Hoe heeft de Heer jou en je gezin gezegend omdat je Hem hebt gezocht?

Als de cursisten antwoord hebben gegeven, moedigt u ze aan om hun gedachten in de rechterkolom van het schema te zetten. U kunt getuigen dat de zegeningen die de cursisten noemden, kunnen betekenen dat ze Hem hebben gevonden.

Een plan opstellen

Help de cursisten te handelen naar iets wat ze tijdens de les hebben gevoeld of geleerd. Moedig ze aan om na te denken over de ingevingen die ze tijdens de les van de Geest hebben gekregen. In les 87 keken de cursisten ook terug op hun Schriftstudiedoelen om dichter tot de Heer te komen. Als dat nuttig is, kunnen ze hun doelen evalueren en besluiten of ze hun doelen ook in dit plan willen gebruiken.

Kies iets wat je kunt doen om de Heer te zoeken. Beantwoord de volgende vragen in je studiedagboek. Plan hoe je dit kunt toepassen.

  • Waarom denk je dat je de Heer hierdoor beter kunt vinden?

  • Met welke moeilijkheden kun je te maken krijgen als je dit probeert te doen?

  • Welke concrete stappen kun je nemen om dit ondanks deze moeilijkheden toch te doen?

Sluit de les eventueel af met uw eigen getuigenis van de zegeningen die we krijgen door de Heer te zoeken.