Jeremia 31–33; 36–38; Klaagliederen 1; 3: Les 137
Oefening kerkleerbeheersing 9
Kerngedachten uit het hoofd leren en beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toepassen
Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.
Kerkleerbeheersing kan je helpen om je fundament op Jezus Christus en zijn evangelie te bouwen. In deze les krijg je de kans om de kerngedachten in Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het hoofd te leren. Je leert ook de goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toe te passen.
Uit het hoofd leren
Welke Schriftuurlijke boeken zou de Heiland in zijn jeugd en tijdens zijn bediening op aarde hebben bestudeerd? Hij zou toegang hebben gehad tot veel van de Schriftteksten in het Oude Testament die jij nu bestudeert.
Lees minstens één van de volgende passages. Markeer hoe de Heiland uit het hoofd geleerde zinsneden of verzen uit het Oude Testament gebruikte:
-
Mattheüs 4:2–4
-
Mattheüs 19:4–5
-
Markus 7:9–10
-
Lukas 24:27
Door Schriftteksten kerkleerbeheersing of kerngedachten uit het hoofd te leren en ze in je leven toe te passen, volg je het voorbeeld van Jezus Christus.
Beantwoord minstens één van de volgende vragen in je notitieblok:
-
Welke situaties heb je meegemaakt (of kun je nog meemaken) waarbij het nuttig zou zijn geweest (of kan zijn) als je Schriftteksten uit het hoofd kende?
-
Wat zijn enkele dingen die je doet of kunt doen om kerngedachten of Schriftteksten uit het hoofd te leren?
Neem de volgende Schriftteksten kerkleerbeheersing door (zie hieronder). Gebruik een van de volgende technieken om de tekstverwijzingen en kerngedachten van minstens twee Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het hoofd te leren. Bedenk bij deze activiteit hoe deze zinsneden of passages je kunnen helpen om meer op de Heiland te lijken.
-
Schrijf woorden op en wis ze uit.
-
Gebruik oefenkaartjes.
-
Gebruik de eerste letter van elk woord in de kerngedachte.
-
Gebruik de app Kerkleerbeheersing.
|
Tekstverwijzing |
Kerngedachte |
|---|---|
Tekstverwijzing | Kerngedachte ‘Dit is mijn werk en mijn heerlijkheid: de onsterfelijkheid en het eeuwige leven van de mens tot stand te brengen.’ |
Tekstverwijzing | Kerngedachte ‘De Heer noemde zijn volk Zion, omdat zij één van hart en één van zin waren.’ |
Tekstverwijzing | Kerngedachte De Heer beloofde Abraham dat zijn zaad ‘deze bediening en dit priesterschap’ tot ‘alle natiën’ zou brengen. |
Tekstverwijzing | Kerngedachte We waren als geesten ‘georganiseerd eer de wereld was’. |
Tekstverwijzing Genesis 1:26–27 | Kerngedachte ‘God schiep de mens naar Zijn beeld.’ |
Tekstverwijzing Genesis 2:24 | Kerngedachte ‘Een man [zal] zich aan zijn vrouw hechten; en zij zullen tot één vlees zijn.’ |
Tekstverwijzing Genesis 39:9 | Kerngedachte ‘Hoe zou ik dan dit grote kwaad doen en zondigen tegen God?’ |
Tekstverwijzing Exodus 20:3–17 | Kerngedachte De tien geboden |
Tekstverwijzing Jozua 24:15 | Kerngedachte ‘Kies voor u heden wie u zult dienen.’ |
Tekstverwijzing Psalmen 24:3–4 | Kerngedachte ‘Wie zal staan in Zijn heilige plaats? Wie rein is van handen en zuiver van hart.’ |
Tekstverwijzing Spreuken 3:5–6 | Kerngedachte ‘Vertrouw op de Heere met heel je hart, […] dan zal Hij je paden rechtmaken.’ |
Tekstverwijzing Jesaja 1:18 | Kerngedachte ‘Al waren uw zonden als scharlaken, ze zullen wit worden als sneeuw.’ |
Tekstverwijzing Jesaja 5:20 | Kerngedachte ‘Wee hun die het kwade goed noemen en het goede kwaad.’ |
Tekstverwijzing Jesaja 29:13–14 | Kerngedachte De herstelling van het evangelie is ‘wonderlijk en wonderbaar’. |
Tekstverwijzing Jesaja 53:3–5 | Kerngedachte ‘Voorwaar, onze ziekten heeft [Jezus Christus] op Zich genomen, onze smarten heeft Hij gedragen.’ |
Tekstverwijzing Jesaja 58:6–7 | Kerngedachte De zegeningen van vasten op de juiste manier |
Tekstverwijzing Jesaja 58:13–14 | Kerngedachte Houd ermee op ‘om op Mijn heilige dag te doen wat u zelf wilt [en noem] de sabbat een verlustiging’. |
Tekstverwijzing Jeremia 1:4–5 | Kerngedachte ‘Voordat Ik u in de moederschoot vormde, heb Ik […] u aangesteld tot een profeet voor de volken.’ |
Tekstverwijzing Ezechiël 3:16–17 | Kerngedachte De profeet is een ‘wachter over het huis van Israël’. |
Tekstverwijzing Ezechiël 37:15–17 | Kerngedachte De Bijbel en het Boek van Mormon zullen ‘in uw hand één worden’. |
Tekstverwijzing Daniël 2:44–45 | Kerngedachte ‘God [zal] een Koninkrijk doen opkomen dat voor eeuwig niet te gronde zal gaan.’ |
Tekstverwijzing Amos 3:7 | Kerngedachte ‘De Heere [openbaart] Zijn geheimenis […] aan Zijn dienaren, de profeten.’ |
Tekstverwijzing Maleachi 3:8–10 | Kerngedachte De zegeningen van tiende betalen |
Tekstverwijzing Maleachi 4:5–6 | Kerngedachte Elia zal ‘het hart van de kinderen tot hun vaders’ terugbrengen. |
Leren en toepassen
Stel je voor dat je vriendin Mia zegt: ‘Ik vind de manier waarop we onze zondagen moeten doorbrengen zo saai, en ik vind het zo’n tijdverspilling. Vind je niet dat onze weekenden zo veel beter zouden zijn als we ons niet druk hoefden te maken over sabbatsheiliging?’
-
Waarom zou Mia moeite hebben met dit gebod?
Voer in je notitieblok, op een vel papier of in een document de volgende stappen uit om Mia te helpen:
-
Zoek Schriftteksten, uitspraken van kerkleiders of andere bronnen die God heeft aangewezen. Dat kunnen Schriftteksten kerkleerbeheersing zijn, zoals Exodus 20:8; Jesaja 58:13–14; Mosiah 2:41; of andere verzen, zoals Leer en Verbonden 59:9, 13–15.
-
Zoek naar waarheden of leerstellingen waardoor Mia deze situatie vanuit een eeuwig perspectief kan bekijken. Hoe kon ze daardoor meer zoals de Heer worden? (Zie Mozes 3.)
-
Zoek een voorbeeld uit de Schriften, een conferentietoespraak of een persoonlijke ervaring waaruit blijkt hoe iemand met geloof in de Heer Jezus Christus de sabbat heiligt, zoals naar de kerk gaan en aan het avondmaal deelnemen. Je kunt ook beschrijven hoe de Heer die persoon zegende omdat hij of zij geloof toonde. (Enkele voorbeelden uit de Schriften staan in Exodus 16:14–30 en Jarom 1:5–9.)
Geef je mening
Lesdoel: Je helpen om de kerngedachten in Schriftteksten kerkleerbeheersing uit het hoofd te leren en de goddelijke beginselen voor het verkrijgen van geestelijke kennis toe te passen.
Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:
-
De Schriftteksten kerkleerbeheersing die je hebt gekozen en de techniek die je hebt gebruikt om ze uit het hoofd te leren. Beschrijf hoe dat ging.
-
Wat je hebt geschreven om Mia te helpen. Voeg de Schriftteksten, uitspraken en voorbeelden toe die je hebt gevonden.
-
Wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.
-
Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?