Seminarie
Les 59: Deuteronomium 6:6–25; 7:1–26; 8:1–20: ‘U moet de Heere, uw God, in gedachten houden’


biddende jongeman

Deuteronomium 6–8; 15; 18; 29–30; 34: Les 59

Deuteronomium 6:6–25; 7:1–26; 8:1–20

‘U moet de Heere, uw God, in gedachten houden’

Ga naar ‘De Schriften bestuderen’ om je geestelijk op je studie voor te bereiden.

Nadat God hen jarenlang door de woestijn had geleid en beschermd, stonden de Israëlieten op het punt zich in het beloofde land te vestigen. Hoewel de aankomst in hun nieuwe thuisland een welkome afwisseling zou zijn, kon deze comfortabelere situatie ze ook in de verleiding brengen om God te vergeten. Deze les kan je helpen herinneren wat God voor jou heeft gedaan.

De Schriften bestuderen

Denk na over het volgende scenario:

Josh gaat op zondag graag met zijn familie naar de kerk. Maar hij heeft het zo druk met school, werk en sport dat hij de rest van de week niet vaak bewust aan zijn hemelse Vader of Jezus Christus denkt.

notitieblok (pictogram)Beantwoord de volgende vragen in je notitieblok:

  • Waarom kan het moeilijker zijn om aan God te denken en op Hem te vertrouwen als alles goed met ons gaat?

  • Waarom is het belangrijk om in alle omstandigheden aan God te denken?

Nadat Hij de Israëlieten 40 jaar lang in de woestijn had geleid, wilde de Heer ze over de Jordaan het beloofde land in brengen. De Israëlieten waren nu een machtig leger geworden, en het beloofde land had veel natuurlijke hulpbronnen die hun leven veel comfortabeler zouden maken.

markeren (pictogram)Lees Deuteronomium 4:7–9; 6:10–13; 8:7–14. Markeer de herhaalde waarschuwingen die Mozes de Israëlieten gaf. Waarom denk je dat Mozes zich hier zorgen over maakte? Waarom hebben de leden van de kerk van de Heiland de raad van Mozes ook nu nog nodig?

Ouderling Dale G. Renlund van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft uitgelegd waarom onze hemelse Vader wil dat we Hem en zijn Zoon indachtig zijn.

Ouderling Dale G. Renlund

Onze hemelse Vader wil ons zijn goedheid en die van zijn geliefde Zoon inprenten. Niet voor hun eigen genoegdoening, maar voor de invloed die het gedenken op ons heeft. Als we bij hun goedertierenheid stilstaan, gaan we het grotere plaatje beter zien en begrijpen. Als we hun mededogen in ogenschouw nemen, worden we nederiger, bidden we meer en standvastiger. […]

Steeds wanneer we die gaven gebruiken, er baat bij hebben of er zelfs maar aan denken, zouden we bij de offers, de edelmoedigheid en het mededogen van de Gevers stil moeten staan. Eerbied voor de Gevers levert ons meer op dan dankbaarheid. Stilstaan bij hun gaven kan en moet ons veranderen. (‘Sta stil bij de goedheid en grootheid van God’, Liahona, mei 2020, 41–42.)

notitieblok (pictogram)Beantwoord een of meer van de volgende vragen in je notitieblok.

  • Waarom leidt denken aan de Heer tot zulke grote zegeningen?

  • Hoe heb jij ondervonden wat ouderling Renlund noemt?

We kunnen ook naar Jezus Christus opkijken als het volmaakte voorbeeld van iemand die onze hemelse Vader indachtig is.

President Jeffrey R. Holland van het Quorum der Twaalf Apostelen heeft gezegd:

17:29
President Jeffrey R. Holland

Het hele wezen, het volledige doel en de vreugde van Jezus waren erop gericht om zijn Vader te behagen en zijn wil te gehoorzamen. Hij leek altijd aan Hem te denken; Hij leek altijd tot Hem te bidden. In tegenstelling tot ons had Hij geen crisis of ontmoedigende wending in zijn omstandigheden nodig om zijn hoop op de hemel te richten. Hij keek al instinctief en vol verlangen die kant op. (‘The Hands of the Fathers’, Ensign, mei 1999, 14–15.)

Neem de volgende studie-opties door. Kies een of meer opties.

Optie A

Hoe kan denken aan de Heer mij helpen om moeilijkheden het hoofd te bieden?

De Israëlieten stonden voor de uitdaging om het beloofde land in handen te krijgen. De Heer zei dat ze machtigere volken zouden moeten verslaan (zie Deuteronomium 7:1). Het feit dat die volken machtiger waren dan zij zou veel Israëlieten zenuwachtig gemaakt kunnen hebben.

markeren (pictogram)Lees in Deuteronomium 7:17–21; 8:2–4, 15 wat de Israëlieten van de Heer in gedachten moesten houden als ze met toekomstige moeilijkheden omgingen. Markeer eventueel elke keer dat de Heer de Israëlieten aanspoorde om aan Hem te denken.

Net als bij de Israëlieten kan bedenken hoe de Heer je heeft geholpen om moeilijkheden het hoofd te bieden je helpen nieuwe moeilijkheden het hoofd te bieden.

notitieblok (pictogram)Schrijf in je notitieblok op wanneer de Heer jou of iemand die je kent heeft geholpen om een probleem het hoofd te bieden. Of schrijf een scenario waarin een tiener een probleem het hoofd kan bieden door te bedenken wat de Heer in het verleden heeft gedaan om hem of haar te helpen.

Optie B

Wat kan ik doen om de Heer in gedachten te houden?

gebedsriem

De Israëlieten kregen opdracht om de woorden van de Heer altijd in hun gedachten, hun hart en op de deurpost van hun woning te bewaren (zie Deuteronomium 6:5–9). Joodse gemeenschappen ontwikkelden hiervoor enkele gebruiken. Een van die gebruiken is Schriftteksten op stukjes perkament schrijven en die in kleine lederen doosjes, tefillin of gebedsriemen, stoppen. Deze doosjes worden op het voorhoofd en aan de binnenkant van de bovenarm van de niet-dominante arm gedragen. Het doosje wijst in de richting van het hart.

Een ander gebruik is het schrijven van enkele Schriftteksten op perkament in een doosje, een mezuzah, dat aan de rechterkant van het deurkozijn van een huis hangt.

Net als de Israëlieten kun je gewoonten ontwikkelen die je aan de Heer herinneren. Bestudeer twee of meer van de volgende bronnen en ga na wat je kunt doen om de Heer in gedachten te houden. Wat doet het met je als je Gods hand in je dagelijks leven ziet?

  1. Mosiah 2:17 (toespraak van koning Benjamin)

  2. Alma 34:38 (Amuleks raad aan verootmoedigde Nephieten)

  3. Helaman 3:35 (reactie van de Nephieten op ellende)

  4. O bedenkt, bedenkt’ (1:28)

    1:32

notitieblok (pictogram)Bedenk aan de hand van wat je geleerd hebt manieren om dagelijks de Heiland in gedachten te houden. Maak vervolgens een plan in je notitieblok. Schrijf op wat je gaat doen om de Heer in gedachten te houden als je leven op rolletjes loopt, en wanneer je met moeilijkheden te maken krijgt.

Geef je mening

Lesdoel: Je herinneren aan alles wat God voor jou heeft gedaan.

delen (pictogram)Bespreek een of meer van de volgende dingen met je leerkracht of klas:

  • Het scenario of de ervaring die je hebt opgeschreven.

  • Het plan dat je hebt opgesteld om zowel in goede als in moeilijke tijden de Heer in gedachten te houden.

  • Iets wat je hebt gedaan om het doel van deze les te bereiken.

  • Welke vragen deze les bij je heeft opgeroepen. Hoe ga je antwoorden op je vragen vinden?