EnglishConnect voor zendelingen
Les 4: Familie en vrienden


‘Les 4: Familie en vrienden’, EnglishConnect 2 voor beginners (2022)

‘Les 4’, EnglishConnect 2 voor beginners

lachende vrouwen aan een tafel

Lesson 4

Family and Friends

Doel: Ik leer familieleden beschrijven.

Personal Study

Bereid je voor op de gespreksgroep door de activiteiten A t/m E te doen.

pictogram a
Study the Principle of Learning: Love and Teach One Another

Elkaar liefhebben en onderwijzen

I can learn from the Spirit as I love, teach, and learn with others.

Ik kan van de Geest leren als ik anderen liefheb, onderwijs en met hen leer.

Uit EnglishConnect weten we dat God de ware Leraar is, en dat Hij ons door middel van de Geest onderwijst. De Geest geeft ons gevoelens van vreugde, vrede en liefde. Door de Geest kunnen we de waarheid begrijpen en kan ons leervermogen worden vergroot. We kunnen de Geest uitnodigen door samen lief te hebben, te onderwijzen en te leren. De profeet Alma in het Boek van Mormon moest het volk onderwijzen. Hij verdeelde het volk in groepen en koos uit elke groep een leider. Alma zei tegen hen:

‘De prediker was niet beter dan de toehoorder, evenmin was de leraar beter dan de leerling; en aldus waren zij allen gelijk’ (Alma 1:26).

In EnglishConnect geloven we dat de leerkracht en de leerling even belangrijk zijn. Wij zijn allemaal leerkracht en leerling. We respecteren en luisteren naar elkaar. Wij onderwijzen elkaar. We hebben elkaar lief en waarderen elkaar. We feliciteren anderen als ze slagen en moedigen hen aan als ze fouten maken. We kunnen ook manieren vinden om elkaar te steunen en tijd vrij te maken om doordeweeks samen te oefenen. God zal ons met zijn Geest zegenen als we elkaar leren liefhebben en onderwijzen.

drie vrouwen omhelzen elkaar en glimlachen

Ponder

  • Hoe kun je degenen die andere Engelstalige vaardigheden hebben liefhebben en steunen?

  • In welke opzichten kan de leerervaring in EnglishConnect verschillen van andere lessen die je hebt gehad?

pictogram b
Memorize Vocabulary

Leer de betekenis en uitspraak van elk woord voordat je naar de gespreksgroep gaat.

extended family

familieleden

eyes

ogen

hair

haar

Adjectives

artistic

artistiek

athletic

sportief

intelligent

intelligent

loud

luid

silly

maf

short

kort

tall

lang

old

oud

young

jong

black

zwart

blonde

blond

brown

bruin

gray

grijs

red

rood

white

wit

hazel

lichtbruin

blue

blauw

green

groen

Zie het aanhangsel voor numbers.

Zie het aanhangsel voor family nouns.

pictogram c
Practice Pattern 1

Oefen het gebruik van de patronen totdat je zelfverzekerd vragen kunt stellen en beantwoorden. Je kunt de onderstreepte woorden door woorden uit ‘Memorize Vocabulary’ vervangen.

Q: How many (noun) do you have?A: I have (number) (noun).

Questions

patroon 1 vraag hoeveel zelfstandig naamwoord heb je

Answers

patroon 1 antwoord ik heb getal zelfstandig naamwoord

Examples

Q: How many cousins do you have?A: I have fifteen cousins.

foto van moeder met twee zoons

Q: How many nephews does she have?A: She has two nephews.

Q: How many aunts and uncles does he have?A: He has ten aunts and uncles.

pictogram d
Practice Pattern 2

Oefen het gebruik van de patronen totdat je zelfverzekerd vragen kunt stellen en beantwoorden. Probeer de groepsactiviteiten 1 en 2 te doen voordat de groep bij elkaar komt.

A: Tell me about your (noun).B: They are (number) years old, (adjective), and (adjective).They have (adjective) hair and (adjective) eyes.

Questions

patroon 2 vraag vertel me over je zelfstandig naamwoord

Answers

patroon 2 antwoord ze zijn getal jaar oud bijvoeglijk naamwoord en bijvoeglijk naamwoord ze hebben bijvoeglijk naamwoord haar en bijvoeglijk naamwoord ogen

Examples

A: Tell me about your cousin.B: She is twenty-four years old, tall, and athletic.She has blonde hair and green eyes.

foto van ouders met drie kinderen

A: Tell me about your nephews.B: They are three and two years old.They have black hair and brown eyes.

pictogram e
Use the Patterns

Noteer vier vragen die je aan iemand kunt stellen. Noteer een antwoord op elke vraag. Lees ze hardop voor.

Additional Activities

Doe de lesactiviteiten en toetsen online op englishconnect.org/learner/resources of in het EnglishConnect 2 Werkboek.

Act in Faith to Practice English Daily

Blijf dagelijks Engels oefenen. Gebruik je ‘Persoonlijke studietracker’. Bekijk je studiedoel en evalueer je leerinspanningen.

Conversation Group

Discuss the Principle of Learning: Love and Teach One Another

(20–30 minutes)

drie vrouwen omhelzen elkaar en glimlachen

pictogram 1
Activity 1: Practice the Patterns

(10–15 minutes)

Neem met een partner de woordenlijst door.

Oefen patroon 1 met een partner:

  • Oefen het stellen van vragen.

  • Oefen het beantwoorden van vragen.

  • Oefen een gesprek met gebruik van de patronen.

Herhaal dit voor patroon 2.

pictogram 2
Activity 2: Create Your Own Sentences

(10–15 minutes)

Part 1

Kijk naar de afbeeldingen. Kies één familie. Zeg niet tegen je partner welke familie je hebt gekozen. Stel en beantwoord vragen om de familie te raden. Wissel elkaar af.

Example
  • A: Tell me about the family.

  • B: This family has a grandmother.

  • A: Is it family 5?

  • B: No. The family also has an aunt, an uncle, and three cousins. They have black hair.

  • A: Is it family 4?

  • B: Yes!

Image 1: Family 1

foto van moeder met twee zoons

Image 2: Family 2

foto van opa, vader en zoon in een park

Image 3: Family 3

foto van ouders met drie kinderen

Image 4: Family 4

foto van oma, vader, moeder en drie kinderen

Image 5: Family 5

familiefoto met negen personen

Image 6: Family 6

familiefoto met zes personen

Part 2

Kijk naar de foto’s in deel 1. Kies een persoon in elke familiefoto. Stel en beantwoord vragen over de persoonlijkheid en het uiterlijk van die persoon. Wees creatief! Zeg zoveel mogelijk. Wissel elkaar af.

New Vocabulary

funny

grappig

kind

aardig

Example
  • A: Tell me about the grandmother in family 4.

  • B: The grandmother in family 4 is short. She is 70 years old. She has black hair and brown eyes. She is funny and kind.

pictogram 3
Activity 3: Create Your Own Conversations

(15–20 minutes)

Kies drie vrienden of familieleden. Stel en beantwoord vragen over de persoonlijkheid en het uiterlijk van iedere persoon. Gebruik vragen uit de lijst of bedenk zelf een vraag. Zeg zoveel mogelijk. Wissel elkaar af.

New Vocabulary

calm

rustig

Questions List

  • Tell me about your cousins.

  • What are their names?

  • Where are they from?

  • How old are they?

  • What do they like doing?

  • Are they tall or short?

  • Are they athletic?

  • Do they have black hair?

Example

  • A: Tell me about your grandfather.

  • B: His name is John. He is 80 years old. He is kind and calm.

  • A: What does he like doing?

  • B: He likes to play chess.

  • A: Is he tall or short?

  • B: He is tall.

Evaluate

(5–10 minutes)

Evalueer je vooruitgang aan de hand van de doelen en je inspanningen om dagelijks Engels te oefenen.

Evaluate Your Progress

I can:

  • Ask about others’ extended families.

    Anderen vragen naar hun familieleden.

    neutraal gezicht, tevreden gezicht, blij gezicht
  • Talk about my and others’ extended families.

    Vertellen over mijn familie en de familie van anderen.

    neutraal gezicht, tevreden gezicht, blij gezicht

Evaluate Your Efforts

Evalueer je inspanningen inzake:

  1. Het leerbeginsel bestuderen.

  2. De woorden uit het hoofd leren.

  3. De patronen oefenen.

  4. Dagelijks oefenen.

Een doel stellen. Overweeg de studiesuggesties in de ‘Persoonlijke studietracker’.

Bespreek je doel met een partner.

Act in Faith to Practice English Daily

‘De Heilige Geest is de enige echte leraar. Geen enkele sterfelijke leerkracht, hoe vaardig of ervaren ook, kan zijn rol in het getuigen van waarheid, getuigen van Christus en het veranderen van harten vervangen. Maar elke leerkracht kan een werktuig zijn om Gods kinderen te helpen door de Geest te leren.’ (Onderwijzen naar het voorbeeld van de Heiland: voor iedereen die thuis en in de kerk onderwijst [2022], 16.)