Onze plek
Het goede foute antwoord
Illustraties Matthew Shipley
Toen ik me op de middelbare school voor filosofieles opgaf, was mijn vader enigszins ongerust. Alles wordt bij filosofie in twijfel getrokken, ook het bestaan van God. Mijn docent leerde ons dingen die tegen godsdienst ingaan en het bestaan van God ontkennen.
In een filosofietoets kregen we de vraag: ‘Waarom zijn we op aarde gekomen?’ Het verwachte antwoord was zelfverwezenlijking zodat we onze plek in de cirkel van het leven kunnen innemen. Ik schreef dat antwoord niet op, want dat strookt niet met mijn geloof.
Ik schreef het volgende: ‘We zijn naar de aarde gekomen om beproefd te worden, met ons gezin naar onze Vader in de hemel terug te keren en eeuwig bij Hem te wonen.”
De docent vroeg me later of ik het juiste antwoord op de vraag wist. Ik zei van wel maar dat ik niet iets wilde opschrijven wat naar mijn overtuiging niet klopte.
Hij vroeg me of ik gelovig was en tot welke kerk ik behoorde. Ik zei dat ik lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen was. Hij zei dat hij nog nooit een gelovige leerling had meegemaakt die zo moedig pal stond voor zijn geloof en een dergelijk antwoord opschreef.
‘Ik heb je niet het hoogste cijfer gegeven omdat je antwoord niet juist was’, zei hij. ‘Ik heb je wel punten gegeven voor de moed om op te schrijven wat je gelooft.’
Ik was blij dat ik had geantwoord in overeenstemming met mijn overtuiging en de evangeliewaarheden die ik ken en probeer na te leven.
Benjamin M. (Chili)
Licht van de tempel
Een paar jaar geleden gingen we ’s zomers met de jongemannen uit onze wijk mountainbiken. Ik was wat zenuwachtig omdat het mijn eerste keer was. Mijn vriend Jacob was een ervaren biker. Ik was van plan om dicht bij hem te blijven.
Na een korte pauze op de top begonnen we aan de afdaling. Ik was langzamer dan de rest van de groep en liep mede door een paar valpartijen in scherpe bochten vertraging op. Jacob hielp me telkens overeind en we probeerden weer bij de groep aan te haken.
Tegen zonsondergang waren we duidelijk verdwaald. We hadden onze groep al ruim een half uur niet meer gezien. Het werd bovendien zo donker dat we het pad amper zagen. Ik vroeg onze hemelse Vader om hulp en moed om door te gaan. Toen besloten Jacob en ik een bepaalde richting aan te houden. Toen we een bocht namen, zagen we tot onze opluchting iets schitterends: de Drapertempel (Utah)! Het licht dat van de tempel kwam, verlichtte ons pad. We vonden onze leiders en vrienden uiteindelijk veilig en wel terug.
Telkens wanneer ik de tempel zie, moet ik denken aan de vrede en hulp die we er kunnen vinden. Telkens wanneer ik me in de duisternis van de wereld verdwaald voel, kan ik naar de tempel opzien voor het licht dat ik nodig heb.
Joel G. (Utah, VS)
Een nieuwe vriend
Ik zat met mijn vriendengroep aan een lunchtafel toen mijn oog op een nieuwe jongen, Michael, viel. Hij ging bij een groep oudere jongens zitten. Die begonnen de draak met hem te steken. Ik kwam er later achter dat Michael autisme heeft.
Ik vroeg Michael of hij bij ons wilde komen zitten. Hij sloeg het aanbod af. Waarschijnlijk was hij bang dat mensen weer de draak met hem zouden steken.
De volgende dag stelde ik hem aan mijn vrienden en vriendinnen voor. Ik merkte dat hij blij was dat ik hem niet links liet liggen. Hij had veel te vertellen. Hij was geweldig!
Ik merkte dat Michael elke dag vrolijker werd. Hij begon naar de lunch met zijn vrienden uit te kijken. Door samen met Michael te lunchen kregen we een goede band met elkaar. Dat hielp niet alleen Michael, maar mij ook.
Het is een heerlijk gevoel om iemand van dienst te kunnen zijn.
Laura P. (Illinois, VS)