2010–2019
De Vader
Oktober 2018


10:17

De Vader

Wij bezitten allen het potentieel om zoals de Vader te worden. Om dat te verwezenlijken, moeten we de Vader in de naam van de Zoon aanbidden.

Mijn vrouw, Melinda, probeert al heel haar leven een trouwe discipel van Jezus Christus te zijn. Als jong meisje dacht ze echter dat ze de liefde en zegeningen van haar hemelse Vader niet waard was, omdat ze zijn aard niet begreep. Gelukkig bleef Melinda ondanks haar droefheid de geboden onderhouden. Enkele jaren geleden maakte ze een en ander mee waardoor ze Gods aard beter ging begrijpen, zoals zijn liefde voor zijn kinderen en zijn dankbaarheid voor onze onvolmaakte pogingen om zijn werk te doen.

Ze legt uit hoe dit haar heeft beïnvloed: ‘Ik weet nu zeker dat het plan van de Vader werkt, dat Hij persoonlijk met ons succes begaan is, en dat Hij ons van de lessen en ervaringen voorziet die we nodig hebben om bij Hem terug te keren. Nu zie ik mezelf en anderen meer zoals God ons ziet. Ik kan met meer liefde en minder angst mijn taak als ouder doen, onderwijzen en dienen. Ik heb gemoedsrust en zelfvertrouwen in plaats van angst en onzekerheid. Ik voel me niet bekritiseerd, maar gesteund. Mijn geloof is zekerder geworden. Ik voel de liefde van mijn Vader vaker en intenser.’1

‘Een juist begrip van het karakter, de volmaaktheden en eigenschappen [van onze hemelse Vader]’ is onmisbaar voor een geloof dat naar verhoging leidt.2 Als wij het karakter van onze hemelse Vader begrijpen, gaan we onszelf en anderen anders zien, en krijgen we meer begrip voor Gods onmetelijke liefde voor zijn kinderen en zijn grote verlangen om ons te helpen meer zoals Hij te worden. Als we zijn aard verkeerd inschatten, kunnen we het idee krijgen dat we nooit meer in zijn aanwezigheid kunnen wonen.

Ik wil vandaag enkele belangrijke leerstellingen over de Vader aanhalen die ons allen, maar vooral hun die zich afvragen of God van hen houdt, meer inzicht geven in zijn ware aard, en die ons geloof in Hem, zijn Zoon en zijn plan voor ons vergroten.

Het voorsterfelijk leven

In de voorsterfelijke wereld werden we geboren als geestkinderen van onze hemelse Ouders en hoorden we bij hun gezin.3 Zij kenden ons, onderwezen ons en hielden van ons.4 Wij wilden erg graag op onze hemelse Vader lijken. We wisten echter dat we daarvoor iets moesten doen:

  1. Een verheerlijkt, onsterfelijk lichaam verkrijgen;5

  2. Trouwen en een gezin stichten door de verzegelbevoegdheid van het priesterschap;6 en

  3. Alle kennis, macht en goddelijke eigenschappen verwerven.7

Daartoe werkte de Vader een plan uit waardoor wij onder bepaalde voorwaarden8 een stoffelijk lichaam konden krijgen dat in de opstanding onsterfelijk en verheerlijkt zou worden. Wij konden tijdens ons sterfelijk leven trouwen en een gezin stichten, of, als we trouw bleven en niet die kans kregen, na ons sterfelijk leven.9 Wij konden vooruitgang maken op weg naar volmaking, en uiteindelijk bij onze hemelse Ouders en ons gezin terugkeren, in een staat van verhoging en eeuwig geluk.10

In de Schriften wordt dit het heilsplan genoemd.11 Wij waren zo dankbaar voor dat plan dat we van vreugde juichten toen het ons werd uitgelegd.12 Ieder van ons heeft de voorwaarden van dat plan aanvaard, waaronder de ervaringen en beproevingen van het sterfelijk leven waardoor wij goddelijke eigenschappen kunnen ontwikkelen.13

Het sterfelijk leven

Onze hemelse Vader geeft ons in ons sterfelijk leven de omstandigheden die we nodig hebben om vooruitgang te maken binnen zijn plan. De Vader gewon Jezus Christus in het vlees14 en gaf Hem goddelijke hulp om zijn aardse zending te vervullen. Als wij ernaar streven zijn geboden te onderhouden, zal onze hemelse Vader ook ieder van ons helpen.15 De Vader geeft ons keuzevrijheid.16 Ons leven ligt in zijn handen, onze ‘dagen zijn bekend’ en ‘zullen niet verminderd worden’.17 En Hij zorgt ervoor dat alle dingen uiteindelijk meewerken ten goede voor hen die Hem liefhebben.18

Onze hemelse Vader geeft ons ons dagelijks brood,19 waarmee letterlijk voedsel wordt bedoeld, maar ook de kracht die we nodig hebben om zijn geboden te onderhouden.20 De Vader geeft ons goede gaven.21 Hij hoort en verhoort onze gebeden.22 Als we dat toelaten, verlost onze hemelse Vader ons van het kwade.23 Hij huilt voor ons als wij lijden.24 Uiteindelijk komen al onze zegeningen van de Vader.25

Onze hemelse Vader leidt ons, en geeft ons de ervaringen die we nodig hebben op basis van onze sterke punten, onze zwakheden en keuzes, zodat we goede vruchten voortbrengen.26 De Vader kastijdt ons zo nodig, omdat Hij van ons houdt.27 Hij is een ‘Raadsman’28 die ons raad geeft als wij daarom vragen.29

Het is onze hemelse Vader die ons de invloed en de gave van de Heilige Geest schenkt.30 Door de gave van de Heilige Geest, kan de heerlijkheid – ofwel intelligentie, licht en macht – van de Vader in ons wonen.31 Als we ernaar streven meer licht en waarheid te verwerven tot ons oog alleen op Gods heerlijkheid is gericht, zal onze hemelse Vader ons de Heilige Geest van de belofte sturen om het eeuwige leven op ons te verzegelen en zijn gelaat voor ons te ontsluieren, hetzij in dit leven, hetzij in het hiernamaals.32

Het nasterfelijk leven

In de nasterfelijke geestenwereld blijft onze hemelse Vader de heilige Geest uitstorten en zendelingen sturen naar hen die behoefte aan het evangelie hebben. Hij verhoort gebeden en helpt mensen zo nodig om de plaatsvervangende heilsverordeningen te ontvangen.33

De Vader verwekte Jezus Christus en gaf Hem de macht om de opstanding teweeg te brengen,34 zodat wij een onsterfelijk lichaam verkrijgen. De verlossing en opstanding van de Heiland brengen ons terug in de tegenwoordigheid van de Vader, en daar zullen we door Jezus Christus worden geoordeeld.35

Wie vertrouwt op ‘de verdiensten en de barmhartigheid en de genade van de heilige Messias’,36 zal een verheerlijkt lichaam krijgen zoals de Vader,37 en met Hem ‘in een staat van nimmer eindigend geluk’ wonen.38 Dan zal de Vader tranen van onze ogen afwissen39 en ons blijven bijstaan in ons streven om zoals Hij te worden.

Het is duidelijk dat onze hemelse Vader altijd voor ons klaar zal staan.40

Het karakter van de Vader

Als wij zoals de Vader willen worden, moeten we ons zijn karaktereigenschappen eigen maken. De volmaaktheden en eigenschappen van onze hemelse Vader zijn onder meer:

  • De Vader is ‘Eindeloos en Eeuwig’.41

  • Hij is volmaakt rechtvaardig, barmhartig, geduldig, en Hij wil alleen het beste voor ons.42

  • Onze hemelse Vader is liefde.43

  • Hij komt zijn verbonden na.44

  • Hij verandert niet.45

  • God kan niet liegen.46

  • De Vader is geen aannemer des persoons.47

  • Hij weet alles – het verleden, het heden en de toekomst – vanaf het begin.48

  • Onze hemelse Vader is intelligenter49 dan wij allen.50

  • De Vader heeft alle macht51 en doet alles wat Hem na aan het hart ligt.52

Broeders en zusters, wij kunnen op de Vader vertrouwen en ons op Hem verlaten. Omdat Hij vanuit een eeuwig perspectief kijkt, ziet onze hemelse Vader wat wij niet kunnen zien. Zijn vreugde, werk en heerlijkheid is onze onsterfelijkheid en ons eeuwig leven tot stand te brengen.53 Alles wat Hij doet, is voor ons welzijn. Hij ‘[verlangt ons] eeuwig geluk nog meer dan [wijzelf]’.54 En Hij laat ‘[ons] geen seconde langer problemen doormaken dan absoluut noodzakelijk is voor [ons] welzijn of dat van [onze] dierbaren’.55 Daarom gaat het Hem erom dat Hij ons helpt om vooruitgang te maken, niet dat Hij ons veroordeelt en verdoemt.56

Zoals onze Vader worden

Als geestzonen en -dochters van God bezitten wij allen het potentieel om zoals de Vader te worden. Om dat te verwezenlijken, moeten we de Vader in de naam van de Zoon aanbidden.57 Dat doen we door naar gehoorzaamheid aan de wil van de Vader te streven, zoals de Heiland,58 en door ons voortdurend te bekeren.59 Als we dat doen, zullen we ‘genade voor genade ontvangen’ tot we van de volheid van de Vader ontvangen,60 en met ‘zijn karakter, volmaaktheid en eigenschappen’ worden begiftigd.61

Omdat wij als stervelingen nog zo ver verwijderd zijn van wat onze hemelse Vader is geworden, is het geen wonder dat sommigen denken dat ze onmogelijk zoals de Vader kunnen worden. Nochtans zijn de Schriften hier duidelijk over. Als wij Christus in geloof aankleven, ons bekeren, en door gehoorzaamheid naar Gods genade streven, zullen we uiteindelijk zoals de Vader worden. Ik vind het een hele geruststelling dat wie naar gehoorzaamheid streven, ‘genade voor genade [zullen] ontvangen’ en uiteindelijk ‘van zijn volheid ontvangen’.62 Wij zullen met andere woorden niet op eigen houtje als de Vader worden.63 Dat zal eerder gebeuren door gaven van genade die soms groot maar meestal klein zijn, en op elkaar voortbouwen tot we een volheid hebben. Maar, broeders en zusters, het zal gebeuren!

Ik spoor u aan om erop te vertrouwen dat uw hemelse Vader weet hoe Hij u kan verhogen. Roep dagelijks zijn hulp en steun in, en streef voorwaarts met geloof in Christus, zelfs als u Gods liefde niet kunt voelen.

We weten nog lang niet alles van hoe we als de Vader kunnen worden.64 Maar ik getuig met zekerheid dat ons streven om meer als de Vader te worden elk offer waard is.65 De offers die we tijdens ons sterfelijk leven brengen, hoe groot die ook zijn, wegen niet op tegen de onmetelijke vreugde, het geluk en de liefde die we in de tegenwoordigheid van God zullen ervaren.66 Als u moeilijk kunt geloven dat de offers die van u worden gevraagd de moeite waard zijn, denk dan aan de uitnodiging van de Heiland: ‘U hebt nog niet begrepen welke grote zegeningen de Vader […] voor u heeft bereid; […] u kunt nu niet alle dingen verdragen; niettemin, wees welgemoed, want Ik zal u voortleiden.’67

Ik getuig dat uw hemelse Vader van u houdt en wil dat u bij Hem terugkeert. In de naam van Jezus Christus. Amen.

Noten

  1. Notities in het bezit van de auteur; zie ook D. Melinda Ashton, ‘The Holy Ghost: Direction, Correction, and Warning’ (toespraak gehouden tijdens een vrouwenconferentie aan de Brigham Young University, 28 april 2016), byutv.org.

  2. Lectures on Faith (1985), 38.

  3. Zie ‘Het gezin: een proclamatie aan de wereld’, Liahona, mei 2017, 145; ‘Moeder in de hemel’, Evangelieverhandelingen, topics.lds.org.

  4. De apostel Paulus zei dat we de Vader zo goed kennen dat onze ziel ernaar smacht om Hem Abba te noemen, wat ‘papa’ betekent. Die naam gebruiken we voor een vader met wie we zeer vertrouwd zijn (zie Romeinen 8:15).

  5. Zie Leer en Verbonden 130:22.

  6. Zie Leer en Verbonden 132:19–20.

  7. Zie Mattheüs 5:48; zie ook 2 Petrus 1:3–8.

  8. Deze voorwaarden zijn onder meer: onze eerste staat behouden (zie Abraham 3:26) en vervolgens in het sterfelijk leven geloof in Jezus Christus en zijn verzoening oefenen, ons bekeren, ons door onderdompeling laten dopen door iemand met het priesterschapsgezag van God, de gave van de Heilige Geest ontvangen, en tot het einde toe volharden (zie 3 Nephi 27:16–20).

  9. President Dallin H. Oaks heeft gezegd: ‘Sommigen die naar deze boodschap luisteren, zullen ongetwijfeld zeggen: “En ik dan?” Wij weten dat vele goede en getrouwe heiligen der laatste dagen het op het ogenblik moeten stellen zonder de ideale omstandigheden of de essentiële voorwaarden voor hun vooruitgang. Ongehuwd zijn, kinderloosheid, dood en echtscheiding verijdelen idealen en betekenen uitstel van beloofde zegeningen. […] Maar die teleurstellingen zijn van tijdelijke aard. De Heer heeft beloofd dat zijn zonen en dochters in de eeuwigheid geen enkele zegening zullen ontberen wanneer zij zijn geboden onderhouden, trouw hun verbonden nakomen en het goede verlangen te doen.’ (‘Het grote plan van gelukzaligheid’, De Ster, januari 1994, 68.)

  10. Zie Mosiah 2:41.

  11. Zie Alma 42:5; het wordt ook het verlossingsplan (zie bijvoorbeeld Jakob 6:8) en het plan van geluk (zie Alma 42:8, 16) genoemd.

  12. Zie Job 38:4–7.

  13. Zie bijvoorbeeld Hebreeën 5:8; 12:11; Ether 12:27. Voor ons beperkt begrip kan het, althans in het begin, lijken alsof de beproevingen in ons sterfelijk leven het ons onmogelijk maken de beloofde zegeningen waar we zo naar verlangen te verkrijgen. Ondanks deze schijnbare tegenstelling zal God ons elke beloofde zegening schenken als wij trouw blijven.

  14. Zie Lukas 1:31–35; Johannes 1:14; 1 Nephi 11:18–21; Gids bij de Schriften, ‘Jezus Christus’, scriptures.lds.org.

  15. Zie Leer en Verbonden 93:4–5, 16–17, 19–20.

  16. Zie Mozes 7:32.

  17. Leer en Verbonden 122:9.

  18. Zie Romeinen 8:28.

  19. Zie Mattheüs 6:11.

  20. Zie N. Eldon Tanner, ‘The Importance of Prayer’, Ensign, augustus 1974, 339.

  21. Zie Lukas 11:10–13; Jakobus 1:17.

  22. Zie Lukas 11:5–10; 3 Nephi 13:6.

  23. Zie Mattheüs 6:13.

  24. Zie Mozes 7:31–40.

  25. Zie Jakobus 1:17.

  26. Zie Johannes 15:1–2; Leer en Verbonden 122:6–7.

  27. Zie Hebreeën 12:5–11; Leer en Verbonden 95:1.

  28. Mozes 7:35.

  29. Zie Alma 37:12, 37.

  30. Zie Johannes 14:26; 2 Nephi 31:12.

  31. Zie Johannes 17:21–23, 26; Leer en Verbonden 93:36.

  32. Zie Leer en Verbonden 76:53; 88:67–68.

  33. Zie 1 Petrus 4:6. Ouderling Melvin J. Ballard vertelde waarom een man die hij had gedoopt, bij de kerk was gekomen: ‘Ik kwam te weten dat zijn voorouders in de geestenwereld het evangelie jaren geleden hadden aanvaard, en hadden gebeden dat iemand van hun familie op aarde de deur voor hen zou openen. Hun gebeden hadden geholpen, en de Heer had de zendelingen naar die man gestuurd.’ (In Melvin R. Ballard, Melvin J. Ballard, Crusader for Righteousness [1966], 250).

  34. Zie Mormon 7:5–6; zie ook Johannes 5:21, 26; 1 Korinthe 6:14; 2 Nephi 9:11–12; Alma 40:2–3; 3 Nephi 27:14.

  35. Zie Johannes 5:22; Jakob 6:9; Alma 11:44; Helaman 14:15–18. De verzoening van Christus overwint alle gevolgen van de val van Adam, waaronder de lichamelijke en de geestelijke dood, die wij beide moeten overwinnen om in de tegenwoordigheid van onze hemelse Vader terug te kunnen keren. Wie zich van hun zonden hebben bekeerd, zullen voor eeuwig bij de Vader en de Zoon wonen. Wie zich echter niet hebben bekeerd, zullen de tweede dood ondergaan, en daar zijn hun eigen zonden de oorzaak van (zie Helaman 14:15–18).

  36. 2 Nephi 2:8.

  37. Zie Leer en Verbonden 76:56; 88:28–29.

  38. Mosiah 2:41.

  39. Zie Openbaring 7:17.

  40. Zie Mozes 7:30. Onze hemelse Vader blijft door de bediening van Jezus Christus en andere celestiale personen zelfs over de mensen in het terrestriale koninkrijk waken, en voor hen zorgen (zie Leer en Verbonden 76:77, 87). Voor de mensen in het telestiale koninkrijk zorgt Hij door de bediening van de Heilige Geest en engelen (zie Leer en Verbonden 76:86, 88).

  41. Mozes 7:35; zie ook Psalmen 90:2.

  42. Zie Psalmen 103:6–8; Lukas 6:36; Mozes 7:30.

  43. Zie 1 Johannes 4:16.

  44. Zie Leer en Verbonden 84:40.

  45. Zie Jakobus 1:17.

  46. Zie Numeri 23:19.

  47. Zie Handelingen 10:34–35.

  48. Zie 1 Nephi 9:6; Leer en Verbonden 130:7.

  49. Volgens Van Dale Online betekent intelligentie ‘verstandelijk vermogen’; ‘schranderheid’; ‘kennis’.

  50. Zie Abraham 3:19. Als verheerlijkt, volmaakt wezen is Jezus Christus intelligenter dan wij allemaal.

  51. Zie Openbaring 21:22.

  52. Zie Abraham 3:17.

  53. Zie Mozes 1:39.

  54. Richard G. Scott, ‘Vertrouw op de Heer’, De Ster, januari 1996, 16.

  55. Richard G. Scott, Vertrouw op de Heer, 15.

  56. Zie Johannes 5:22; Mozes 1:39. Satan is het die ons aanklaagt en veroordeeld, maar we veroordelen ook onszelf (zie Openbaring 12:10; Alma 12:14).

  57. Zie Johannes 4:23; Leer en Verbonden 18:40; 20:29.

  58. Zie 3 Nephi 11:11; Leer en Verbonden 93:11–19.

  59. Bekering is het proces waardoor we onze aard zo veranderen dat we zoals God worden. Daarom moeten we ons voortdurend bekeren, en niet alleen als we ‘iets verkeerds doen’.

  60. Zie Leer en Verbonden 93:19–20.

  61. Lectures on Faith, 38; zie ook Moroni 7:48; 10:32–33; Leer en Verbonden 76:56, 94–95; 84:33–38.

  62. Leer en Verbonden 93:20; cursivering toegevoegd.

  63. Zie Moroni 10:32–33; Leer en Verbonden 76:69, 94–95.

  64. Waarom kan of wil God niet meer openbaren over het proces waardoor we zoals Hij kunnen worden? Ik weet niet wat alle redenen zijn. Maar ik begrijp er minstens twee. Ten eerste zijn sommige dingen gewoon onbegrijpelijk in onze sterfelijke staat (zie Leer en Verbonden 78:17). Het zou zijn alsof je het internet wilde uitleggen aan iemand die in de middeleeuwen leefde. We hebben gewoon niet de juiste context of het perspectief. En ten tweede ontvangen we gaven van genade juist omdat we in onwetendheid hebben geworsteld.

  65. De offers die van ons worden gevraagd, zijn wellicht cruciaal voor het bereiken van volmaaktheid. (In de Joseph Smith Translation, Hebreeën 11:40, staat dat God uit hun benauwingen iets beters voor hen voorzien had, want zonder benauwingen konden zij niet tot de volmaaktheid komen.)

  66. Zie Romeinen 8:18.

  67. Leer en Verbonden 78:17–18.